Vellinga achtergrond BP energiegrafiekPier Vellinga.

In het vraaggesprek met hoogleraar Pier Vellinga deed deze laatste o.a. uitspraken over de rol van hernieuwbare energie voornamelijk wind- en zonenergie die ik hieronder zal belichten.

In dit vraaggesprek kom ik o.a. deze uitspraak tegen:

De olieprijs stagneert nu, die zit op $40-$50 per vat. Waarschijnlijk gaat ‘ie nooit meer omhoog, want Saudi Arabië dumpt zijn olie, want ze weten dat klimaatrestricties komen eraan, willen we ooit nog wat verdienen aan olie dan moet je het nu verkopen.

Klimaatrestricties komen er aan” Dit is een eigenaardige visie. Immers, aardgas, olie en steenkolen zouden het klimaat beïnvloeden in dier mate dat er draconische maatregelen genomen zouden moeten worden om deze energiebronnen feitelijk te verbieden en ons zo te behoeden voor allerlei rampen. Zo komt het althans over. Vooralsnog is er geen enkele indicatie voor de baaierd aan rampen die ons wordt voorgehouden. Dus lijkt mij dit geen reden voor het opleggen van klimaatrestricties. Vooralsnog is er slechts sprake van een imaginair probleem. Dit gezien de situatie gedurende de Minoïsche, Romeinse en Middeleeuwse Opwarming.

Het staat alleen al hierdoor niet in de verste verte vast dat het gebruik van fossiele brandstof een significante en catastrofale invloed zou hebben op opwarming. De argumenten hiervoor zijn al eerder aangedragen zodat ik hier niet nog eens op inga. Ook het tegendeel is genoegzaam bekend.

Verontrustend is te constateren dat de geïnterviewde er alsnog van uitgaat dat een dergelijk verbod er komt. Het lijkt echter door de komst van met name de BRIC-landen niet waarschijnlijk dat mondiaal een dergelijk verbod er zal komen. Het mislukken van de a.s. Parijse conferentie ligt dan ook in het verschiet.

Het andere bedenkelijke aspect van die uitspraak betreft de gedaalde olieprijzen. Het wekt de indruk van een verkapte promotie van de effecten van hernieuwbare energie alsof deze de olieprijzen heeft doen dalen. Thans na ruim 25 jaar subsidies schopt hernieuwbare energie het niet verder dan 2% van de primaire energiebehoefte in ‘milion tonnes oil equivalent’.

De claim van hernieuwbare energie is dan ook bezijden de feiten, namelijk de economische ontwikkelingen. Er is derhalve geen enkele indicatie dat hernieuwbare energie concurrerend is geworden of dit binnen afzienbare termijn zal zijn, gegeven o.a. de SDE+ – subsidieregelingen voor de komende 15 jaar en het navolgende.

En dan het andere citaat:

en de getallen die ik nu zie over het goedkoper worden van wind en zon en batterijen is dat allang voor 2050 dat dat out of business is. Ik ben bang dat de olieprijs niet meer aantrekt en dan moet zo’n man en bedrijf dus vanaf nu in defensief en als je … terwijl ze nu nog net genoeg geld hebben om in het offensief te gaan b.v. een paar grote zonnebedrijven kopen. Maar nah ja de toekomst zal ’t leren. Maar ik vind het onbegrijpelijk hoe die grote energiemaatschappijen aan een soort tunnelvisie lijden.

Dit is in strijd met het besluit van Shell om € 64 miljard in gas te investeren en getuigt van wensdenken.

En zelfs de Denen laten zich niet onbetuigd. Zie hier.

Concurrerende wind- en zonenergie? Dit hoor ik nu al 10 jaar. Over zonenergie zegt de TU Delft het volgende:

Ik citeer:

In de praktijk wordt zonne-energie nog niet grootschalig toegepast. De zonnepanelen die nu op de markt zijn, zijn nog erg duur en hebben een laag rendement. De opwekkosten van zonnestroom komen in Nederland neer op ongeveer 50 Eurocent per kWh. Dat is ongeveer tien keer meer dan de opwekkosten bij gebruik van fossiele brandstoffen en kernenergie. De huidige zonnecellen – die worden gemaakt van kristallijn silicium – hebben een rendement van circa 15%. Onderzoek naar zonnecellen richt zich dan ook op het goedkoper maken van zonnecellen, door andere of minder halfgeleidermaterialen te gebruiken of door schaalvergroting bij de productie mogelijk te maken en op het vergroten van het rendement.

Inmiddels is dit gedaald naar € 24 ct. per kWh, want zonenergie staat nog in de kinderschoenen zodat er alle ruimte is voor ontwikkeling. Alleen, zo simpel en snel gaat het niet als in het vraaggesprek wordt gesuggereerd, doordat het stukje van het spectrum van het licht dat elektronen vrijmaakt in zonnepanelen, nu nog heel beperkt is. Zie hier.

Ik citeer:

Volgens Tan is er nog ruimte voor verbetering. Hij verwacht dat in de nabije toekomst een stabiele conversie-efficiëntie van 15% zal worden bereikt.

Dit wijst niet op een doorbraak zoals de geïnterviewde suggereert. Al met al verwonder ik mij dan ook over het optimisme van de geïnterviewde. Ik kan dit niet plaatsen, alleen al vanwege twee fysische beperkingen. De eerste, de Wet van Betz, betreft windmolens. Volgens deze wet kan er maximaal 59% van de wind ‘geoogst’ worden. Thans zitten we op 55% zodat windenergie feitelijk uitontwikkeld is. Hiernaast is nu ook aan het licht gekomen dat de achterste rijen in een windmolenpark vrijwel geen energie meer kunnen oogsten.

Zou zomaar kunnen als we kijken hoe het in Duitsland zit met de ‘successen’ van de Energiewende. Dan lees ik het volgende:

Wind
geïnstalleerd vermogen: 35,7 GW
productie over eerste 11 maanden van 2014: 42,6 TWh
Opbrengstfactor is dus: 13,6% en over 12 maanden geschat: 14,8%
(1 jaar heeft 8.760 uren)

Zon
Geïnstalleerd vermogen: 38,1 GW
Productie over eerste 11 maanden 2014: 32,4 TWh
Opbrengstfactor: 9,7% en over 12 manden dan hooguit 10,5%

Bron hier.

En hiervan zou onze toekomstige elektriciteitslevering moeten afhangen?

En dan betreft dit nog uitsluitend aanbod en geen vraagvolgende levering. Over de werkelijke vraagvolgende levering, lees: bijvoorbeeld elektriciteit op het moment van de WK-finale voetbal, is weinig fantasie nodig om te beseffen dat deze luttele procenten zal bedragen. Gangbaar geldt een niet regelbare 3%. En dit waar een doorsnee centrale in de buurt komt van een regelbare 90% vraagvolgende levering. Dit zijn dingen die ik in het vraaggesprek gemist heb.

Concurrerende accubatterijen zoals wordt gesuggereerd? Ik krijg die indruk niet.

Een dergelijke accubatterij kan voor € 20 miljoen 1 minuut lang het Gemini-windpark van 600 MW vervangen. Dit lijkt mij niet concurrerend en geenszins een technische doorbraak wat al meer dan 100 jaar geldt voor de accubatterij.

Ook dit is al een reden om vraagtekens te zetten bij de prestaties van hernieuwbare energie en de toegedichte inbreng. Het begrip vermogensdichtheid vertelt namelijk het echte verhaal. Die vermogensdichtheid is voor wind tussen de 1 en 3 Watt/m2 en voor zonenergie ongeveer 10 Watt/m2. Voor gas, olie en kolen is dit 1000 tot 2000 Watt/m2, bij de huidige grootte van de centrale, en voor kernenergie 16.000 Watt/m2. Wat deze getallen zeggen, is dat hernieuwbaar niet in de schaduw kan staan van fossiele en kernenergie.

Brandstofbron Dichtheid (W/m2 laag) Dichtheid (W/m2 hoog)
Aardgas 200 2000
Olie 150 1500
Kolen 100 1000
Zon PV 5 11,4
Wind 2 3
Biomassa 0,32 0,5
Kern 10.000 16.000

 

Dit vertaalt zich dan ook in onderstaande kostenverschillen:

Jeroen grafiek vergelijking kostprijzen energie

Bron hier.

Deze verschillen laten zien dat hernieuwbaar een ticket is naar de Middeleeuwen toen men inderdaad 100% hernieuwbaar was doordat hout de enige energiebron was zoals thans nog een veel Ontwikkelingslanden het geval is. Om dit gegeven kan niemand heen. De conclusie is dat hernieuwbare energie geen schijn van kans heeft zonder subsidie, evenmin zonder dwang.

Over dit alles en wat de maatschappelijke gevolgen zijn van de vigerende opvattingen over hernieuwbare energie, is een interessante studie verschenen inzake het begrip EROI (Energy return on energy investment).

EROI morganesfig1

De verticale schaal geeft de verhouding weer tussen bijvoorbeeld de energie die een energiecentrale opbrengt gedurende zijn leven en de energie die het gekost heeft om deze centrale te bouwen, in stand te houden en te ontmantelen. Het begrip ‘buffered’ houdt de opslag van energie in, zoals elektriciteit in accu’s of het stuwmeer van een waterkrachtcentrale. Gas, kolen, biomassa en kernbrandstof zijn zelf opgeslagen energievoorraden waarvan de energie vrijgemaakt kan worden door verbranding of een kernreactie. De aanduiding E-66 bij wind heeft betrekking op een veelgebruikt type windturbine CCGT betekent combined cycle gasturbine, een tandem gasturbine die hoger rendeert dan een enkelvoudige gasturbine. Solar CSP tot slot, is een zonnecentrale waar zonlicht d.m.v. spiegels wordt geconcentreerd waardoor genoeg hitte wordt opgewekt om (meestal) een stoomgenerator aan te drijven. Bronnen met een lage vermogensdichtheid, zoals wind, zon en biomassa, zijn hierdoor onvoldoende in staat onze maatschappij in stand te houden en daardoor niet duurzaam. De ‘economical threshold’ in de figuur is het minimaal vereiste niveau hiervoor. Zowel wind- als zonenergie vereisen opslag van de door deze geproduceerde stroom. Opslag echter van een dergelijke omvang vereist dusdanige hoeveelheden energie dat de betreffende bron onder de ‘economical threshold’ komt.

Ik besluit met mijn ernstige twijfels te uiten aan de rechtvaardiging van de geciteerde uitspraken van de geïnterviewde. Ik kon mij niet aan de gedachte onttrekken dat emotioneel ingegeven wensdenken het vraaggesprek verduisterde waardoor de rol van wetenschapper naar de achtergrond raakte. Helaas is dit een herkenbaar fenomeen in de wereld van de hedendaagse klimaat- en energiewetenschap. Naar mijn mening zijn zowel het onwetenschappelijke mandaat aan het IPCC als postmoderne emotie hier debet aan. 

 

 

 

 

 

Print Friendly, PDF & Email