Jeroen achtergrond groene weide met PepeJeroen Hetzler.

Vaak moet ik bij sommige uitzendingen op het NOS-journaal en uitspraken van GroenLinks en D66 denken aan Pepe uit Asterix in Hispanië. Pepe, het Spaanse manneke dat met de zelfverzekerdheid gelijk een Mussolini in miniatuur iedereen overblufte, altijd iets onzinnigs wilde en dan ook nog altijd zijn zin kreeg.

Steeds vaker mogen wij als televisiekijker of krantenlezer ons verheugen in de voorgespiegelde onstuitbare opmars van hernieuwbare energie, weliswaar beperkt tot de hoofdrolspelers zonne– en windenergieproductie. Enige tijd geleden berichtte het NOS-journaal dat de afgevlakte mondiale CO2-emissie te danken was aan wind- en zonne–energie. Dit lijkt mij een tamelijk boude aanname, wetende dat na 30 jaar modderen deze twee energiebronnen het niet verder schoppen dan minder dan 2% van de mondiale energieconsumptie in miljoen ton olie-equivalent. Ik haal onderstaande grafiek van BP toch maar weer even te voorschijn:

Jeroen afbeelding 01

En dan wist men het ook nog te bestaan om te suggereren dat dankzij wind- en zonenergie de olieprijzen zo spectaculair gedaald zijn. De gedachte schijnt niet op te komen dat afvlakkende economische groei bij reuzen als China en Brazilië iets te maken zou kunnen hebben met minder economische activiteit en dus afvlakkende CO2-emissie. Ook komt men kennelijk niet op het idee dat de hoge vlucht die schalie-olie en de moordende concurrentie met Saoedische olie wel eens de oorzaken kunnen zijn van die prijsdaling c.q. overproductie.

Maar nee, het klinkt alsof fossiele brandstoffen nu echt op hun retour zijn. vandaar dat bijvoorbeeld Shell met een kamikaze-actie het zieltogend bestaan nog even probeert te rekken met deze aankoop van € 64 miljard, slechts overtroefd door ons aller Nationale Energieakkoord van € 73 miljard.

Overigens vinden er meer van deze kamikaze-acties plaats, zoals hier.

En wat te denken van deze wanhoopsdaad onze Deense windmolenexperts?

Zouden ze daar in Denemarken zich toch niet het e.e.a. gaan afvragen? Zou zomaar kunnen als we kijken hoe het in Duitsland zit met de ‘successen’ van de Energiewende. Dan lees ik het volgende:

Wind
Geïnstalleerd vermogen: 35,7 GW
Productie over eerste 11 maanden van 2014: 42,6 TWh
Opbrengstfactor is dus: 13,6% en over 12 maanden geschat: 14,8%
(1 jaar heeft 8.760 uren)

Zon
Geïnstalleerd vermogen: 38,1 GW
Productie over eerste 11 maanden 2014: 32,4 TWh
Opbrengstfactor: 9,7% en over 12 maanden dan hooguit 10,5%

Bron hier.

In dan betreft dit nog uitsluitend aanbod en geen vraagvolgende levering. Over de werkelijke vraagvolgende levering, lees: bijvoorbeeld elektriciteit op het moment van de WK-finale voetbal, is weinig fantasie nodig om te beseffen dat deze luttele procenten zal bedragen. Gangbaar geldt een niet regelbare 3%. En dit waar een doorsnee centrale in de buurt komt van een regelbare 90% vraagvolgende levering. Het zou derhalve de voorstanders van hernieuwbare energie sieren als zij op de proppen zouden komen met een technisch effectieve en betaalbare oplossing voor deze discrepantie. Helaas lijkt het vooralsnog te blijven bij met veel bluf verkondigen vanaf het Noordwijkse strand dat we met ons Energieakkoord Poetin op zijn nummer zullen zetten en dat hij met zijn gas op het dak van het Kremlin kan gaan zitten. Praatjes voor de vaar die getuigen van tunnelvisie en/of cognitieve dissonantie.
Het heeft iets koddigs, maar tegelijkertijd ook iets tragisch dit gebrek aan realisme. Ik heb namelijk zo het stiekeme vermoeden dat fossiele energie heel springlevend is, ruim voorhanden en tot in lengte van jaren de energiemix voor tenminste 95% zal blijven domineren.

Jeroen afbeelding 02

Dit heeft vast te maken met de opwekkingskosten per kWh in het geval van elektriciteitsopwekking, mocht men dit nog niet weten. Voor voorstanders van hernieuwbare energie maakt dit niet uit, want de belastingbetaler betaalt toch wel de subsidie zonder welke hernieuwbaar anders niet kan bestaan, maar in de grote mensenwereld gaat het toch een beetje anders.

Ik krijg dan ook niet de indruk dat fossiele energie verpletterend wordt verslagen door hernieuwbare energie en dat fossiel aan zijn einde is. Er heerst hierover een hardnekkig misverstand dat zijn oorsprong vindt in de ratio reserve–tot–productie. Deze is als volgt uitgedrukt in jaren:

Jeroen afbeelding 03

Deze reserve–tot–productie ratio (RPR of R/P) is de resterende hoeveelheid van een hulpbron (meestal fossiele brandstof en uranium) uitgedrukt in jaren bij gelijkblijvende productie. De verticale as is hier R/P uitgedrukt in jaren. De simplistische interpretatie van deze ratio leidt tot verkeerde “voorspellingen” over het naderende “opdrogen” van de betreffende hulpbron. Zo schommelt in de VS deze ratio voor olie al sinds 1920 tussen de 8 en 17 jaar tot de ontdekking van niet conventionele olie waarna de ratio flink is gestegen.

Menigeen hangt deze misvatting (moedwillig?) aan zonder rekening te houden met toekomstige groei aan bewezen economisch winbare reserves. Fossiele energiebronnen zullen ooit opraken, maar onbekend is wanneer. Duidelijk is dat kolen dominant is. Hiermee is dus niet gezegd dat de kolenreserves voor bijvoorbeeld de EU na 100 jaar op zijn, tenzij alle exploratie wordt stopgezet of exploratie niets oplevert.

Hier één der vele voorbeelden ter ondersteuning.

Wat wij dus kunnen constateren, is dat plannen ter verdringing van fossiele brandstoffen door hernieuwbare energiebronnen rond 2050 niet realistisch overkomen. Tevens is er geen reden tot grote zorg over het binnen afzienbare termijn opraken van fossiele brandstoffen. Ware dit wel het geval, dan waren deze energiebronnen nu al onbetaalbaar. Laten we duidelijk stellen fossiele en kernbrandstoffen wel betaalbaar zijn en blijven en dus ook in ontwikkelingslanden voor welvaart kunnen zorgen. Dit zullen hernieuwbare energiebronnen nooit kunnen bewerkstelligen omdat ze onbetaalbaar zijn en blijven vanwege hun dwergachtige vermogensdichtheid en weersafhankelijkheid.

Het klinkt dus wel stoer om op een strand of in de media van alles te beweren over de (te verwachten) triomftocht van hernieuwbare energiebronnen, maar de werkelijkheid blijkt tamelijk ontnuchterend.

Dit zou allemaal nog koddig kunnen zijn, ware het niet dat die bluffende praatjesmakers ons zo vreselijk veel geld kosten, zeker € 73 miljard, en nota bene hun zin krijgen ook. En dan te bedenken hoe veel beter het geld van deze Gargatuaanse verspilling besteed zou kunnen worden.

Al met al zien we dat het tamboereren op hernieuwbare energiebronnen weinig anders voorstelt dan de bluf van een tamelijk agressieve dwerg met een heel grote mond.

 

Bron hier.