Klimaatbluf of wetenschap?

Rob3

Een bijdrage van Rob Lemeire.

We horen vaak dat de wetenschap 95% zeker is van de klimaatopwarming. Die 95% zekerheid slaat echter op een bijna lege doos, aangezien het niet eens gaat over een unieke of gevaarlijke opwarming. Daarom is het tijd om de wetenschappelijke processen achter de klimatologie eens onder de loep te nemen.

De broeikastheorie zou van een hoge wetenschappelijke kwaliteit zijn, met een waarschijnlijkheid van 95 % dat de aarde opwarmt door de mens en dat dit een zeer gevaarlijke tendens is. Zonder zelfs diep te moeten graven is het toch al mogelijk heel wat problemen met deze veronderstelling te vinden. Het is overigens niet nieuw dat men jongleert met hoge zekerheden over de opwarming van de aarde – dat doet men al van toen er nog geen sprake was van een duidelijke klimaatopwarming.

Van een groep klimaatwetenschappers die zichzelf op de borst klopt omwille van de eigen meest voortreffelijke wetenschappelijke methode verwacht men ook een zekere wetenschappelijke zuiverheid. Dat is in eerste instantie een interne kwestie onder medestanders, dus tussen wetenschappers en anderen die de these verdedigen, in de pers en de politiek bijvoorbeeld. Maar laten we eens punt voor punt kijken of we wel kunnen spreken over een zuivere, interne wetenschappelijke methode.

Klimaatzuiverheid
De opwarmingstheorie kunnen we natuurlijk niet los denken van het goede doel, daaraan verbonden, namelijk de wereld redden van allerlei extreme klimaatrampen. Een eerste mogelijke probleem is daarom de noble cause fallacy, de meestal onbewuste veronderstelling dat, als het doel goed is, de methode om dat doel te bereiken minder belangrijk is. Daar moet de klimaatwetenschap, indien zij zichzelf serieus neemt, zeker rekening mee houden.

Ten tweede zitten overheden en andere instellingen voortdurend te zwaaien met onderzoeksgeld met een exclusieve interesse in het verband tussen mens en klimaat. Wie dat verband dan ontkent of nuanceert snijdt in eigen vel. Wat doet de klimaatwetenschap om dit soort problemen te vermijden?

Het derde punt is de kleine gemeenschap van klimaatwetenschappers en ter zake doende wetenschappelijke tijdschriften. Voor de wetenschappelijke artikels die er geproduceerd worden is er natuurlijk het peer-review-proces op zich niet noodzakelijk een slechte werkwijze. Dat betekent echter in een kleine ons-kent-ons wereld van de klimaatwetenschappers niet noodzakelijk een waterdichte methode. In de literatuur is er al heel wat gezegd over peer-review-processen die lang niet doen wat ze beloven, en waar gezagsargumenten meer doorwegen dan rationele wetenschap. Alweer oppassen geblazen.

Bovendien kan men zelfs die peer-review in dit verband niet als een leidraad nemen, aangezien de klimaatwetenschap niet door wetenschappelijke tijdschriften maar door het IPCC wordt bepaald.

Punt vier is dat. Het IPCC is namelijk een uniek instituut dat voor geen enkele andere wetenschapsbranche bestaat, met volkomen eigen procedures. Het IPCC staat voor ‘Intergovernmental Panel on Climate Change’, waar al opvalt dat er geen referentie naar ‘wetenschap’ in staat. Wel naar politiek, internationale politiek zelfs, waarvan het imago in veel gevallen toch enigszins tekort schiet. Het IPCC is dan ook niet voor niets opgericht door de VN en wordt aanschouwd als leidinggevend wat klimaatwetenschap en klimaatbeleid betreft. Dat politieke karakter van het IPCC is uitstekend geanalyseerd in het boek ‘Le GIEC est mort : Vive la science !’ van Drieu Godefridi (ook in het Engels verschenen als ‘The IPCC: A scientific body?’).

Hun procedure om tot lijvige klimaatrapporten te komen bevat wel enkele pijnpunten, zonder op de vele details en het harde werk hierachter in te gaan. Het IPCC selecteert zelf de artikels die het publiceert – en die zijn heus niet allemaal peer-reviewed (punt vijf). En daarna schrijven ze daar een samenvatting van.

Wie kijkt naar de personen die dit helse werk verrichten, ziet dat daar heel wat wetenschappers tussen zitten maar dat ultieme beslissingen door niet-wetenschappers en zelfs VN-landen worden genomen, zo komen we aan nummer zes. Dat de klimaatconsensus op peer-reviewed-wetenschap is gebaseerd is dus geen ‘inconvenient truth’ (‘ongemakkelijke waarheid’) maar een ‘convenient lie’ (‘geschikte leugen’).

Aangekomen aan ons laatste punt, punt zeven, wat ons nog meer moet interesseren is de manier waarop de wetenschap gepresenteerd wordt aan gewone mensen en politici. Daar is er geen enkele instantie die let op de juiste voorstelling van de feiten. Zolang de zaak van het klimaatalarmisme gediend wordt mag alles gezegd worden, zo lijkt het wel. In ons land suggereerde Jill Peeters [Vlaamse weervrouw] zo een verband tussen CO2 en fijn stof, maar zoiets bestaat gewoon niet (zie hiervoor het artikel ‘Amalgaam van CO2 en smog door pers’).

In de internationale media zien we een vloedgolf aan paniekerige doemberichten over het verband tussen extreem weer en de klimaatopwarming. Serieuze mainstream klimaatwetenschappers, zoals ook Luc Debontridder van het KMI (heus geen klimaatscepticus), ontkennen dat echter, en ook in de officiële IPCC-rapporten is er nergens een bewijs dat extreem weer de laatste tijd toeneemt. Misschien worden de serieuze klimaatwetenschappers van het IPCC dan toch niet zo goed in onze media gehoord? Dat is dan toch twijfelachtig, aangezien Jean-Pascal Van Ypersele, de tot voor kort vice-voorzitter van het IPCC, toch wel af en toe in onze pers verschijnt en daar nooit over klaagde. Hij fulmineert liever tegen klimaatsceptici, die hij ooit zelfs voor de rechter wil dagen (zo toch in De Morgen van 4 november 2006).

De vraag is dus of de klimaatzuiverheid binnen de klimaatconsensus een zuivere wetenschappelijke methode voorstaat, of eerder een klimaatideologie. De zeven opgesomde punten doen eerder dat tweede vermoeden.

Consensus toen
Hier zijn dus zeven moties van wantrouwen, maar er is toch die befaamde hoge waarschijnlijkheid dat de opwarmingstheorie klopt? Als dat zo is, van waar komt die waarschijnlijkheid echter?

Het klimaatverbond tussen politici en klimaatalarmistische wetenschappers boekte zijn eerste overwinning op 23 juni 1988, toen James Hansen in het Amerikaans Congres zijn these over de opwarming van de aarde kwam vertellen. Hij benoemde toen al op een zeer alarmistische toon een zogenaamde consensus: het zou al 99% wetenschappelijk zeker zijn dat de opwarming door de mens reëel was – zo rapporteerde de New York Times.

De pers slikte dit verhaal als zoete koek, gesterkt door de toevallig aanwezige hittegolf in combinatie met een slecht functionerende airco en een opvallend zweterige Hansen. De wereldwijde temperatuur was toen echter nog maar net iets hoger dan die in 1940 (zie figuur 1, verder in deze tekst), of toch als we geen rekening houden met de grote onzekerheid verbonden aan de temperatuurmetingen. Onder meer het hitte-eilandeffect, de lokale opwarming gekoppeld aan beton, zorgt voor grote fouten op de temperatuurmetingen. Hierdoor was het zelfs maar onzeker dat het überhaupt om een record ging, aangezien de meeste weerinstallaties net rond stedelijke gebieden zijn geplaatst – met extra veel beton. In de jaren 1980 kon men dus enkel nog gissen en theoretiseren over een mogelijke rol van CO2 bij een veel te prille opwarming.

Toch staan diezelfde personen aan de wieg van het IPCC. Ze hebben steeds meer gehoor gekregen en medestanders gevonden door de combinatie van hun alarmisme gebaseerd op een vermeende consensus. Lees het artikel van de New York Times maar na, de gelijkenis met de huidige toon in de pers is treffend. Een dergelijke aangehouden strategie van vermenging tussen politiek, journalistiek en wetenschap, gebaseerd op een zogenaamde hoge zekerheid, blijkt uiteindelijk zeer succesvol.

Consensus vandaag
Maar hoe zit het met die waarschijnlijkheid vandaag? Heeft die wetenschapper indertijd misschien goed gegokt?
Het IPCC zegt  in zijn vijfde rapport:

“Het is hoogst waarschijnlijk (>95%) dat de menselijke invloed op het klimaat verantwoordelijk is voor meer dan de helft van de temperatuurstijging op de Aarde tussen 1951 en 2010.”

Stel dat het IPCC hier gelijk heeft, is dat nog geen reden om te panikeren. De mens is misschien maar 51% verantwoordelijk voor de opwarming van de aarde. En verder zegt het citaat helemaal niet dat deze opwarming uniek of gevaarlijk zou zijn.

De 95% waarschijnlijkheid waarmee het IPCC zijn tegenstanders zo vaak wil neersabelen is dus misleidend, gezien de nogal zwakke uitspraak waaraan de hoge zekerheid is gekoppeld. Dat is ook de kern van een kritiek van wetenschapsjournalist Marcel Crok. Men kan zelfs vlot klimaatscepticus zijn en geloven in de bovenstaande uitspraak van het IPCC. Een recent onderzoek gaf echter aan dat maar 43% van de klimaatwetenschappers dit onderschrijft.

Hier klopt dus iets niet. De geschiedenis van de wetenschappen toont aan dat er wel meer dwalingen zijn geweest, zeker als politiek een rol speelde – bijvoorbeeld bij de eugenetica. Dat maakt een dergelijk verhaal over consensus zeer verdacht. Inderdaad, verhalen over klimaatsceptici die moeten vrezen voor hun job zijn legio – en over wetenschappers die enorme subsidies en erkenning binnenrijven zolang ze zich aan de goede kant van het klimaatdebat situeren idem dito. Spreken over een hoge wetenschappelijke waarschijnlijkheid is in dit licht onfatsoenlijk en intimiderend voor het eerlijke debat.

Temperatuursverloop versus modellen
Maar ook als we inhoudelijk kijken, gebruik makende van de ruwe gegevens van het IPCC zelf, vallen de gaten in het verhaal op. Het wereldwijde klimaat is een aartscomplexe kwestie vol met grillige wetmatigheden. De IPCC-wetenschap zoekt de eenvoudige verbanden: meer broeikasgassen, dus meer temperatuur. Dit kan kloppen, maar het zou ons eerder moeten verwonderen.

Rob 1

Figuur 1: Globale gemiddelde temperatuuranomalie gecombineerd over land en oceanen (bron: IPCC report 2014, Summary For Policy Makers, p. 3)

Neem nu het temperatuursverloop van de twintigste eeuw, met een eerste temperatuurstijging tot aan de tweede wereldoorlog, dan een tussentijdse temperatuurdaling en hierna een tweede, ongeveer even grote, temperatuurstijging sinds de jaren 1970 (zie figuur 1), eindigend rond 2002. De temperatuurdaling wordt door het IPCC verklaard door vervuilde lucht die toen zwaar toenam maar ondertussen terug gedaald is – een verklaring waar men vragen bij kan stellen, maar soit, het is er één. Die eerste temperatuurstijging kan echter onmogelijk aan CO2 of vervuiling worden toegeschreven, voor de tweede wereldoorlog was de wereldwijde economische ontwikkeling en dus ook CO2 nog maar een fractie van die van nu (zie figuur 2). Stel nu, het klopt dat vanaf de jaren 70 de broeikasgassen op hun eentje verantwoordelijk waren voor de temperatuurstijging. Dan bestaat er een totaal andere, nog ongekende oorzaak die voor een ongeveer even grote stijging in de eerste helft van de vorige eeuw zorgde. Men bewijst zo eenvoudig dat er minstens even grote natuurlijke krachten in het spel zijn als menselijk CO2.

Rob 2

Figuur 2: Globale menselijke CO2-uitstoot (bron: IPCC report 2014, Summary For Policy Makers, p. 3)

Dan blijkt nog dat er verdacht weinig opwarming in de 21° eeuw op te tekenen valt (zie figuur 1), net op een moment dat de CO2-uitstoot het hoogste is aller tijden (zie figuur 2). IPCC–aanhangers verklaren dit onder meer met het argument dat de oceanen zijn opgewarmd in plaats van de atmosfeer, maar geen enkel model heeft deze oceaanopwarming voorspeld.

Rob3

Figuur 3: Globale temperatuur, metingen versus modellen

De broeikastheorie is sterk gebaseerd op verschillende modellen met verschillende scenario’s – elk van deze scenario’s komt overeen met een gekleurd lijntje (zie figuur 3). Blijkt nu dat de huidige temperatuurevolutie het beste aansluit bij de meest goedaardige IPCC-scenario’s, waar het de mens sterk lukt om broeikasgassen in te perken. In realiteit stoten we meer uit dan ooit, zo wisten we al, het reële temperatuursverloop geeft aan dat al die extra CO2 in de lucht weinig invloed heeft. Misschien is het te vroeg om de conclusie helemaal hard te maken, in ieder geval is twijfel alweer meer dan gerechtvaardigd: modellen hebben enkel waarde als er een overeenkomst is met de realiteit.

Opmerkelijk is nog dat het IPCC geen dergelijke grafiek geeft. Blijkbaar is het IPCC niet geïnteresseerd in de harde vergelijking tussen werkelijke temperatuur en de modellen.

Rob4

Figuur 4: Globale gemiddelde zeespiegelstijging (bron: IPCC report 2014, Summary For Policy Makers, p. 3)

Een laatste dessert over die befaamde pagina 3 van de samenvatting van de lijvige, wetenschappelijke klimaatrapporten van het IPCC, zie figuur 4: er is blijkbaar ook al niet echt een probleem met de globale gemiddelde zeespiegel. Het gaat om 20 cm zeespiegelstijging over een eeuw, waarbij er recent geen enkele versnelling van de stijging te zien valt. Al die alarmistische berichtgevingen over wegzinkende eilanden en de kustlijn van België die aan Brussel zou komen te liggen, grote hordes eilandvluchtelingen, moeten we dus ook al met een korreltje zout nemen. (Bovendien is de hoogtelijn van een eiland in de tijd variabel, waarbij een zeespiegelstijging het eiland ook doet stijgen – alsof het eiland enigszins drijft in het water.)

Besluit
We zagen dus dat de hoge waarschijnlijkheid van de broeikastheorie omwille van verschillende redenen betwist kan worden. Wetenschappers, al beïnvloed door een overtuiging de wereld te helpen redden, zijn afhankelijk van onderzoeksgeld. Daar wordt kwistig mee gesmeten als het om verbanden tussen klimaat en de mens gaat. In het peer-review-proces is machtsmisbruik overigens niet denkbeeldig wegens de ons-kent-ons-mentaliteit die in de (relatief kleine) wereld van de klimaatwetenschap heerst – net zoals in bepaalde andere wetenschappelijke (sub)specialismen trouwens (waar het al meermaals is aangetoond).

Daarnaast zijn de wetenschappelijke teksten waarover iedereen spreekt afhankelijk van het IPCC, een unieke en eerder een gepolitiseerde instelling, waar rapporten op een betwistbare manier worden geproduceerd. En alsof dit niet genoeg is, worden onze media bedolven onder de onwetenschappelijke artikels die het nog heel wat extremer stellen dan in de rapporten van het IPCC – waarbij het IPCC hen bovendien helemaal niet ter orde roept.

Het resultaat kunnen we gemakkelijk aanschouwen op de derde pagina van de lijvige IPCC-rapporten: hun uitleg deugt niet. ‘The science is settled’ wordt dus niet omwille van de klimaatwetenschap bepaald en is hier een politieke uitspraak. Hier is zelfs sprake van bluf, in de hoop dat niemand dat doorziet. De werkelijkheid is heel anders: er is vandaag geen duidelijke evolutie naar meer extreem weer, vele klimaatdoden of grote milieurampen. Dat wil niet zeggen dat dit in de toekomst zo blijft, maar het bewijs daarvoor is veel te dun om als basis te dienen voor een prioritair en peperduur klimaatbeleid.

Rob Lemeire, kernredacteur ‘De Bron’ en ingenieur. Hij was ooit een radicale ecologist, het leven bracht hem andere inzichten.

Bron hier.

 

Door |2017-10-11T15:29:22+00:0024 januari 2016|68 Reacties

68 Comments

  1. Herman Vruggink 24 januari 2016 om 11:01 - Antwoorden

    Wat een lang verhaal. Lange verhalen doen mij vaak denken aan gedraai. Om de hete brei heen draaien zogezegd. En als ik zie dat de data maar tot 2012 loopt dan heb ik al direct een #hidethecline gevoel. Er is geen enkele reden om 2013 en 2014 weg te laten.
    http://www.climate-lab-book.ac.uk/wp-content/uploads/fig-nearterm_all_UPDATE_2014.png
    en 2015 is weer helemaal spot on in het midden. Het kan best zijn dat waarnemingen aan de onderkant van de modellen blijven, maar een garantie is er niet. Bovendien heeft de wereld besloten dat een halve graad er bij vanaf nu al te veel is. Ook al valt de opwarming mee dan is er nog steeds geen reden om te stoppen met maatregelen. Je kan het er niet mee eens zijn en het overdreven vinden, maar op dit moment heb je dan eventjes pech. Zolang waarnemingen nog steeds binnen modelgrenzen liggen heb je geen enkele case om op te staan. In 2023 is de eerste evaluatie van het klimaatakkoord. Een goed moment om ook eens naar de actuele ontwikkelingen te kijken. Maar nu even niet, te vroeg voor conclusies.

    • Rob Lemeire 24 januari 2016 om 22:22 - Antwoorden

      Wie tegen de mainstream moet opboksen, moet wel lange verhalen schrijven, aangezien er zo veel details besproken moeten worden waar de mainstream geen oren naar heeft. De leugens/onwaarheden zijn stap voor stap zo complex gemaakt dat het ontsluieren ervan een full-time job is.

      • Joris van Dorp 25 januari 2016 om 10:30 - Antwoorden

        De leugens en onwaarheden van de ‘skeptici’ zijn zo complex omdat ze allemaal een andere mening hebben. De ene zegt dat de zon de oorzaak is van klimaatveranderingen (Wei-Hock Soon, e.a.). De ander beweert dat de standen van Jupiter en Saturnus de oorzaak zijn van de opwarming (Rhodes Fairbridge, e.a). Nog een ander gelooft dat er helemaal geen opwarming is, maar dat de meetgegevens vervalst worden (Steve McIntyre, e.a.). Terwijl er ook zijn die opwarming sowieso onmogelijk achten, omdat niet de natuurwetten, maar God het klimaat bestuurt (Roy Spencer).

        Met al die verschillende ‘skeptische’ meningen over de opwarming van het klimaat is het geen wonder dat er behoorlijk wat verwarring is ontstaan. Aan de ene kant zijn er de nationale academien der wetenschap van alle ontwikkelde landen, die beweren dat het IPCC de beste beoordeling van de klimaatwetenschap uitgeeft. Maar aan de andere is er een handvol amateurs, godsdienstwaanzinnigen, schreeuwlelijken, kwakzalvers en oplichters die om duizend-en-een redenen vinden dat ’s werelds meest vooraanstaande wetenschapelijke instellingen – van de VS tot Rusland en van Brazilie to China – zich vergissen over klimaatwetenschap.
        http://www.nationalacademies.org/includes/G8+5energy-climate09.pdf
        Tja, wat is nu wijsheid? Wie kan de burger nu het beste vertrouwen inzake de klimaatwetenschap? De internationale wetenschappelijke gemeenschap? Of de wetenschapontkenners? Een moeilijke keuze.

        • RoodLichtVoorGroen 25 januari 2016 om 18:08 - Antwoorden

          Dat zoveel verschillende mensen met zoveel verschillende achtergronden uit zoveel verschillende invalshoeken onafhankelijk van elkaar komen tot hetzelfde standpunt (dat het idee van CAGW naar het rijk der fabeltjes verwezen dient te worden) verleent mijns inziens juist extra kracht aan dat standpunt.
          En het idee dat de wetenschappelijke academies meer recht van spreken hebben dan individuen is a) puur argumentum ad authoritatem; b) compleet anti-wetenschappelijk; en c) in meerdere gevallen (Einstein! Wegener! Marshall/Warren!) faliekant onjuist gebleken.

        • Joris van Dorp 26 januari 2016 om 12:12 - Antwoorden

          Nee. Het punt is juist dat de ontkenners allemaal een *ander*, *eigen* standpunt hebben. Al die standpunten verschillen van elkaar EN van de wetenschappelijke consensus.

          Het standpunt van de ene ontkenner verschilt net zoveel van het standpunt van een andere ontkenner als dat het verschilt van het standpunt van de wetenschappelijk gemeenschap.

          Het enige waar ze het over eens zijn is dat de wetenschappelijke gemeenschap ongelijk heeft. Verder niets.

      • Herman Vruggink 25 januari 2016 om 11:56 - Antwoorden

        En hoe zit het nu met het weglaten van die laatste jaren beste Rob? Hide the cline?

        • Rob Lemeire 29 januari 2016 om 20:20 - Antwoorden

          U zou toch beter moeten weten. Een trend van 3 jaar kan toch nooit beschouwd worden als een bewijs?
          Het klopt wel dat de afwijking tegenover de IPCC-modellen iets minder duidelijk is met die jaren erbij, maar die blijft – zeker als we uitmiddelen over een langere periode (zoals een echte wetenschapper weet dat hij moet doen). Daarbij zijn die scenario’s niet uitwisselbaar, de scenario’s met de minste CO2 lijken het meeste op de realiteit met zeer veel CO2 (om het cru te stellen).

        • Herman Vruggink 29 januari 2016 om 22:38 - Antwoorden

          Inderdaad Rob een trend van drie jaar zegt niets. Maar de 15 , 20 en 25 jaar trend verandert wel degelijk. In 2013 waren er alarmisten die de grafiek lieten stoppen in 2010. Hide de decline ! brulden sceptici terecht. De consequentie is dan wel dat je zelf ook de laatste jaren laat zien. Je hebt wel degelijk te laten zien dat de waarnemingen van de laatste jaren oplopen.
          Zo niet dan krijg je een hide the cline stempeltje.

  2. hugo matthijssen 24 januari 2016 om 11:10 - Antwoorden

    Herman
    Wat een geneuzel.
    De onderkant van de modellen wordt bepaald door de door “deskundigen” ingeschatte klimaatgevoeligheid en als je de marges maar ruim genoeg maakt tussen 1,5 en 4,5 en je draait dat door vele modelberekeningen dan krijg je een bord spaghetti maar het blijven schattingen.
    Vervolgens gaan we alarmistisch uit van de bovenwaarde en roepen dat de waarnemingen uit de praktijk aansluiten op de onderwaarde .
    Wat een humbug (schijnvertoning uit bluf of bedrog)
    Daarna gaan we windmolens bouwen die niets bijdragen en gaan we een totalitair angstregime invoeren.

  3. Tije Pietersma 24 januari 2016 om 12:28 - Antwoorden

    Geweldig mooi geschreven betoog! Punt is dat in alle gevallen twijfel op z’n plaats is, waar alarmisten dat categorisch weigeren te doen. Wat de achterliggende motivatie is? Geen idee. Misschien wel het totalitaire mechanisme waar Rypke de laatste tijd veel over schrijft.

  4. Herman Vruggink 24 januari 2016 om 13:07 - Antwoorden

    Toch zijn er wel sceptici die de actuele situatie durven te presenteren. Deze is van by Steve McIntyre https://climateaudit.files.wordpress.com/2016/01/ci_glb_tas_2016014.png
    Laat ik het netjes vragen. Beste Rob Lemeire, wat is de reden dat jij de laatste jaren niet laat zien?

    • Joris van Dorp 25 januari 2016 om 10:53 - Antwoorden

      Dat zou alleen maar verwarring zaaien Herman. De bedoeling van dit artikel is om de lezer ervan te overtuigen dat de internationale wetenschappelijke gemeenschap er naast zit, op het gebied van het klimaat. Sterker nog, er wordt gesuggereerd dat de wetenschappelijke gemeenschap slechts uit is op onderzoeksgeld, en dat wetenschappers dus een corrupt stel leugenaars zijn. De laatste jaren van de klimaatdata benadrukken echter het gelijk van de internationale wetenschappelijke gemeenschap. En daarom kan die data niet getoond worden. Logisch.

  5. Herman Vruggink 24 januari 2016 om 13:30 - Antwoorden

    En verder schrijft Rob Lemeire dat het IPCC geen dergelijke grafiek geeft en dat Blijkbaar het IPCC niet geïnteresseerd in de harde vergelijking tussen werkelijke temperatuur en de modellen. Tja, hoe moet ik eigenlijk nog netjes blijven? Laat ik het er maar op houden dat Rob Lemeire nog nooit een kijkje heeft genomen in AR5. Er is een heel hoofdstuk over geschreven: H9. Evaluation of climate models.

  6. Andre Bijkerk 24 januari 2016 om 14:14 - Antwoorden

    Herman,

    Waar jouw eerste grafiek liegt (jouw woord) is dat bereik van de modellen alle RCP’s betreft, van RCP 2.6 tot 8.5 https://nl.wikipedia.org/wiki/RCP_scenario%27s Bij RCP 2.6 aan de onderkant is er niets aan de hand terwijl RCP 8.5 tot Thermageddon moet leiden. Wat hier gebeurt is gelijk aan de bewering: zie je wel we zitten aardig in de buurt van de voorspellingen (van RCP2,6) dus zijn we nog steeds op weg naar Thermageddon (van RCP8.5)

    Dan de grafiek van Steve McIntyre. Ik herinner je eraan dat deze nog steeds alleen geldt voor RCP4.5 , net zoals de vorige keer toen je hem liet zien. En in RCP 4.5 is nog steeds niet veel aan de hand is.

    En dan dat piekje van 2015 met de El Nino, vergelijkbaar met die van 1997-1998. Hoe groot is de kans dat dit piekje blijft tegen de kans dat deze weer inzakt net zoals in 1999 in de te verwachten La Nina?

    • Herman Vruggink 24 januari 2016 om 15:08 - Antwoorden

      Dat zijn dan jouw woorden: ” zie je wel we zitten aardig in de buurt van de voorspellingen (van RCP2,6) dus zijn we nog steeds op weg naar Thermageddon (van RCP8.5)” Dat maak jij er van. Ik zeg: Ook al ga je uit van het vermeende goede nieuws en concludeer je nu al op basis van een jaar of 10 dat het wel meevalt, het nieuws is lang niet goed genoeg. Er is geen goed nieuws, alleen mogelijk minder slechts nieuws. Misschien. En dan je volgende bewering: “In de grafiek van Steve McIntyre wordt alleen gekeken naar RCP4.5 ” O ja?
      Ik heb dat niet zien staan in zijn tekst. Jij wel?
      http://climateaudit.org/2016/01/05/update-of-model-observation-comparisons/#more-21593
      Pas in het vervolg van zijn blog begint Steve McIntyre over RCP 4.5
      Bovendien maakt het voor de “near term” nauwelijks nog iets uit.
      Steve laat in principe gewoon deze grafiek zien:
      http://www.climate-lab-book.ac.uk/wp-content/uploads/fig-nearterm_all_UPDATE_2014.png
      En leg eens uit waar deze IPCC/ MET office grafiek liegt?

  7. Bart Vreeken 24 januari 2016 om 15:39 - Antwoorden

    Een maandelijks overzicht van de temperatuur op wereldschaal is te vinden op het ‘verdiepingsforum’ van weerwoord.be. Het wordt gemaakt door Henk Lankamp en geeft de gemiddelde trend van de bekende reeksen op wereldschaal (satelliet en metingen aan de grond). Ook wordt het 1-jarig, het 5-jarig en het 10-jarig gemiddelde weergegeven.

    http://www.weerwoord.be/uploads/201201620526.png

    December 2015 was in alle temperatuurreeksen met afstand record-warm. Ook het 1-jarig, het 5-jarig en het 10-jarig gemiddelde staan op een recordhoogte. Het is wel duidelijk dat er een einde gekomen is aan de ‘hiatus’.

    • Ronel 24 januari 2016 om 21:26 - Antwoorden

      Bart, als die temperatuurreeksen vooral bestaan uit dit soort stations, verbaast mij dat niks: https://notalotofpeopleknowthat.wordpress.com/2016/01/24/arstechnica-defends-junk-science-or-tampering-in-california/#more-19944
      We herinneren ons de discussie nog wel over station Nieuw-Beerta, daar wilde KNMI graag vanaf. Past naadloos in dit verhaal .

      • Bart Vreeken 25 januari 2016 om 11:36 - Antwoorden

        Ronel, check dit ook even:

        http://www.theguardian.com/environment/climate-consensus-97-per-cent/2016/jan/18/ted-cruz-fact-check-which-temperature-data-are-the-best

        Wat is precies je punt over stations Nieuw-Beerta? Het KNMI heeft plannen gehad om het station te sluiten, om redenen van bezuiniging. De financiering van het KNMI loopt terug, mede door allerlei VVD-gezeur. Na protesten is het station toch gebleven. Nieuw Beerta wijkt binnen NL regelmatig flink af. Dat komt vooral doortdat het in de winter vaker binnen de invloed van continentale luchtstromingen ligt, zoals deze maand in de ijzelperiode. Voor de landelijke statistiek telt het station niet mee, daarvoor is de meetreeks te kort. Het KNMI wilde ook station Arcen sluiten. Voor dat station gold dat er vaak te hoge temperaturen gemeten werden door de ligging in een bungelowpark.

        • Boels 25 januari 2016 om 21:01 - Antwoorden

          Invloed op de metingen door verstedelijking is ook in De Bilt met “97%” zekerheid aan te tonen 😉
          Gaat men het meetveld aldaar ook sluiten?

        • Bart Vreeken 25 januari 2016 om 22:18 - Antwoorden

          Die 97% is een percentage wat op deze site wel erg graag gebruikt wordt …
          Maar het is evident dat er in De Bilt ook wat stadseffect mee zal spelen. Op zich is dat niet verkeerd, tenslotte grote delen van Nederland zijn aan het verstedelijken en dan hoort dat er bij.
          De vraag is welk aandeel het heeft in de trend. Het KNMI houdt het op ca 0,1 graad. Ik heb het zelf eens uitgerekend dmv. een systematische vergelijking met de gegevens van Cabauw bij verschillende windrichtingen. Toen kwam ik op ca 0,3 graden. Daarmee weten we nog niet welke invloed dat precies op de trend heeft; want een deel van de bebouwing bij De Bilt is al langere tijd aanwezig. Over de laatste 30 jaar zou die 0,1 graden van het KNMI wel eens kunnen kloppen. Station De Bilt daarom maar stoppen lijkt me onzin, daarvoor is de meetreeks te lang en te belangrijk. Bovendien zijn de gemeten veranderingen van een andere orde van grootte.

        • Boels 26 januari 2016 om 00:07 - Antwoorden

          @Bart Vreeken:
          Zonder goede referentiepunten is het vrijwel onmogelijk om de invloed van verstedelijking te bepalen.
          Wel is het aannemelijk te maken dat die invloed er is.
          Als je de veranderingen van de windroos in de tijd bekijkt (door de windroos over de kaart van De Bilt te leggen) dan zie je het ontstaan van de woonwijk in het noorden en de uitbreiding van de Uithof in Utrecht.
          Ook de hoogbouw van het KNMI is dan “zichtbaar”.
          Is het hard te maken?
          Nee, daarvoor heb ik geen juiste referentiepunten.
          Het verplaatsen van meetpunten omdat er luwte door bomen/struiken is ontstaan geeft ook aan dat de prioriteit verschoven is van het waarnemen naar automatisch vergaren van data.

        • Bart Vreeken 26 januari 2016 om 10:14 - Antwoorden

          Boels dat is wel een heel oud verhaal waarmee je komt, het stamt uit 2009.
          Het KNMI heeft toen in De Bilt de thermometer een stukje verplaatst omdat de oude locatie te beschut was geraakt door hoger wordende bomen. Heel goed dat ze dat gedaan hebben, misschien had het een paar jaar eerder gemoeten maar voor de langjarige statistiek maakt dat nou niet zo veel uit. Even gecheckt: de normalen van Gilze-Rijen, Rotterdam, De Bilt, Schiphol, Deelen, Leeuwarden en Eelde zijn in de laatste 15 jaar opgelopen met 0,5 of o,6 graden. De Bilt zit op 0,5 en wijkt dus niet af. De verplaatsing van de thermometer heeft niet kunnen voorkomen dat in 2014 met afstand de het warmste jaar ‘ooit’ is gemeten, en in december 2015 met afstand de warmste december ‘ooit’.

        • Bart Vreeken 26 januari 2016 om 10:17 - Antwoorden

          Sorry, mijn reactie was gericht aan Turris, niet aan Boels.

        • Paul Turris 26 januari 2016 om 10:36 - Antwoorden

          @Bart: Toont vooral aan dat KNMI niet onfeilbaar is. Als adviseur van het IPCC / PBL etc. heeft zij een alarmistische rol gespeeld de laatste 20 jaar, vooral ook in de weerpraatjes om 20.00uur na het nieuws op de NPO. KNMI heeft steeds meer verstand van het weer, maar hun klimaatadviezen zijn sterk politiek gedreven.

        • Bart Vreeken 26 januari 2016 om 16:42 - Antwoorden

          Paul Turris, als het goed is reageert de politiek op klimaatwetenschappers, niet andersom!

        • Turris 27 januari 2016 om 09:14 - Antwoorden

          Bart, dat beweer ik ook! KNMI moet zich met de wetenschap van het weervoorspellen bezighouden, hun klimaatwetenschap is gepolitiseerd en subsidie gedreven gebleken. Geen enkele kritiek op het IPCC door het KNMI!

  8. Hetzler 24 januari 2016 om 18:19 - Antwoorden

    Als je het betrouwbaarheidsinterval maar breed genoeg maakt, valt een nieuwe waarneming met de bijbehorende waarschijnlijkheid binnen dat interval. Wat een betrouwbaarheidsinterval is, wordt vaak verkeerd begrepen ten gevolge van een subtiliteit. De te schatten parameter heeft een, weliswaar onbekende, maar vaste waarde. Van alle berekende realisaties van het interval zullen sommige de parameter wel bevatten, maar sommige ook niet. Hoe groter de betrouwbaarheid, hoe meer van de berekende intervallen de parameter zullen bevatten. De betrouwbaarheid van het interval geeft aan welk percentage dat is. Als we op grond van een steekproef een 95%-betrouwbaarheidsinterval voor een populatiegemiddelde µ berekend hebben, kunnen we niet zeggen dat er 95% kans is dat µ in dat interval ligt. Immers: µ ligt er in of µ ligt er niet in, een van beide. De betekenis is dat we bij herhaling van de procedure, met steeds nieuwe (aselecte) steekproeven uit dezelfde populatie, mogen verwachten dat 95% van de zo berekende intervallen de parameter µ zullen bevatten.

    https://nl.wikipedia.org/wiki/Betrouwbaarheidsinterval
    Alles wat binnen dat interval valt, is dus toeval. Zo werd het Higgs-deeltje gevonden: het betrouwbaarheidsinterval berustte op maar liefst 5-sigma (nog net geen 100%), een heel breed interval dus. Het Higgs-deeltje viel iedere keer daarbuiten: dat, en alleen dat, kon geen toeval meer zijn.
    Mij bekruipt het gevoel dat naarmate de metingen steeds verder uit de pas lopen met de modellen, het IPCC het betrouwbaarheidsinterval bij ieder nieuw rapport. Dan immers zouden de metingen op toeval blijven berusten. Vandaar de misleidende nietszeggendheid van die 95%-uitspraak van het IPCC.

  9. Rob Lemeire 24 januari 2016 om 22:16 - Antwoorden

    Herman Vruggink, het eerste grafiek met vergelijking tussen modellen en werkelijkheid, zo duidelijk als de grafiek die ik toon, en dat van het IPCC komt wil ik dan wel eens zien. Kunt u me aanwijzen waar die zit? Eventueel gewoon door de pagina ervan te geven. En waarom is het IPCC niet geïnteresseerd deze hoogst essentiële grafiek in de samenvatting te zetten?

    Verder wil ik wijzen op het feit dat elke spaghetti-sliert overeenkomt met een scenario. De spaghetti-slierten die het dichtste bij de waarnemingen komt zijn net die waar CO2 het minste rol in speelt (want ze gaan er van uit dat de mens minder CO2 produceert – wat niet gebeurt).

    • Herman Vruggink 26 januari 2016 om 11:45 - Antwoorden

      In je getoonde grafiek laat je 2013 , 2014 en 2015 weg. Of wil je dat soms ontkennen Rob? of heb je dat niet eens zelf in de gaten? Dat je nog geen grafiek hebt gevonden waar 2015 in staat begrijp ik, maar er is geen enkel excuus voor het weglaten van 2013 en 2014.
      Alhier heb ik deze grafiek al laten zien:
      http://www.climate-lab-book.ac.uk/wp-content/uploads/fig-nearterm_all_UPDATE_2014.png
      rechtsboven de grafiek staat updated from IPCC AR5 fig 11.25
      Nou Rob, is je dan geen lichtje gaan branden waar deze figuur van orgine te vinden is? Veder heb ik je gewezen op hoofdstuk 9: Evaluatie van klimaatmodellen. Aldaar is ook te vinden dat de periode 1998 – 2012 niet voldoet aan de klimaatmodellen. Heb je eigenlijk ooit wel eens in AR5 gekeken?

      • Joris van Dorp 26 januari 2016 om 12:15 - Antwoorden

        “Heb je eigenlijk ooit wel eens in AR5 gekeken?”

        Waarom zou hij dat doen? Hij weet toch al dat het IPCC ongelijk heeft. Want dat heeft hij ergens op een blog gelezen en dus is het waar.

        • Herman Vruggink 26 januari 2016 om 12:46 - Antwoorden

          Weet je wat nog de allergrootste grap is Joris? De grafiek die Rob Lemeire laat zien komt ook uit IPCC AR5 …. die is ook opgenomen in figuur 11.25. Hilarisch gewoon. Onze Zuiderburen kunnen werkelijk zo grappig zijn 🙂

      • Chris Schoneveld 27 januari 2016 om 08:07 - Antwoorden

        Is dat een Freudiaanse verspreking: “Aldaar is ook te vinden dat de periode 1998 — 2012 niet voldoet aan de klimaatmodellen.”
        Moet zijn: klimaatmodellen voldoen niet aan de werkelijkheid (observaties in de periode 1998-2012).

      • Rob Lemeire 29 januari 2016 om 14:26 - Antwoorden

        Blijkbaar zit de grafiek in één of andere vorm toch wel in de IPCC-documenten. Een slordigheid van mij dat ik dat niet heb gezien. Blijft de vraag waarom deze belangrijke grafiek niet in de samenvatting zit. En mij blijft onduidelijk in welke zin die laatste jaren daar een nieuw inzicht bieden (tot aan 2015). Het enige wat die tonen is dat de waarnemingen aan de rand van de klimaatprojecties blijven, het dichtste bij de projecties waar de mens net weinig invloed heeft.

        • Hans Labohm 29 januari 2016 om 15:53 - Antwoorden

          Rob Lemeire,

          Die grafiek zit goed verstopt omdat verschillende delegaties, vooral de Duitse, die niet in de samenvatting wilden hebben. Dat zou maar afbreuk hebben gedaan aan hun (alarmistische) boodschap.

  10. Chris Schoneveld 27 januari 2016 om 08:51 - Antwoorden

    Ik heb de discussie tussen Vruggink et al. Bijkerk et al. een tijdje van de zijkant gevolgd en zou het volgende willen opmerken.
    De discussie beperkt zich tot de oppervlakte temperatuur metingen/modellen, waarbij beide partijen toegeven dat de modellen gemiddeld warmer uitkomen dan de waarnemingen. Terwijl de oppervlakte temperaturen steeds bijgesteld worden om toch maar zo dicht mogelijk de modellen te laten volgen, is die truc moeilijker uit te halen met de troposferische metingen. En wat blijkt? De modellen en waarnemingen wijken daar nog verder van elkaare af. Vruggink haalt Steve McIntyre aan maar hij “vergeet” te vermelden dat McIntyre zeer kritisch was over de waargenomen trends en dat daar het grote vreschil lag met de modellen:
    “Be that as it may, there is great consistency to the corresponding comparison for surface trends in the boxplot comparison of trends for individual models against observations shown below. For all models, the model trend is more or less double the observed trend, somewhat more pronounced than for surface trends, but structurally very similar.”

    • Herman Vruggink 27 januari 2016 om 11:00 - Antwoorden

      Wat ik laat zien is een grafiek die ik leen van Steve McIntyre. Het ontgaat mij waarom ik dan gelijk zijn hele tekst moet aanhalen. Overigens ontkent niemand in de wetenschap dat waarnemingen achter blijven bij de meeste verwachtingen. Maar welke conclusies mogen wij hier aan verbinden? Mijn mening heb ik hier al gegeven: Het goede nieuws is misschien minder slecht nieuws. Misschien. Het is niet goed genoeg. Geen enkele reden om de ingeslagen koers te veranderen.

      • Chris Schoneveld 27 januari 2016 om 12:35 - Antwoorden

        Je vraagt: “Maar welke conclusies mogen wij hier aan verbinden? ”
        De onontkoombare conclusie die je daaraan kan verbinden is dat de te verwachten opwarming minder dramatisch zal zijn dan ons wordt voorgespiegeld door het IPCC met een “equilibrium climate sensitivity” van minder dan 1C. En daar gaat toch de hele discussie over? Bovendien is een toename van CO2 in de atmosfeer gunstig voor plantengroei. Met andere woorden: het verbranden van fossiele brandstoffen levert een win/win/win situatie op. Veraangenaming het klimaat, goed voor de planten en betaalbare energie voor de mens. Wat wil je nog meer?

        • Herman Vruggink 27 januari 2016 om 12:45 - Antwoorden

          Onjuiste voorstelling van zaken. Trends uit waarnemingen van Steve McIntyre en of IPCC wetenschappers zijn dezelfde. Dat kan ook niet anders. Het is slechts een tussenevaluatie van de performance van modellen op de korte termijn en eventueel een extrapolatie wat dan de opwarming in een eeuw zal zijn.
          Dit moet je niet verwarren naar studie naar de equilibrium climate sensitivity. Die waarden veranderen niet opeens zomaar. Chris, begin eens opnieuw en laat deze keer ECS er buiten. Dit is niet het onderwerp.

        • Chris Schoneveld 27 januari 2016 om 13:42 - Antwoorden

          Korte termijn? Volgens figuur 2 is de menselijke CO2 uitstoot geleidelijk toegenomen sinds het jaar 1900. Wat is de temperatuurtrend (lange termijn) sinds het jaar 1900?
          Zie de meest alarmistische (gemanipuleerde) dataset:

          http://www.ncdc.noaa.gov/cag/time-series/global/globe/land_ocean/ytd/12/1900-2015?trend=true&trend_base=10&firsttrendyear=1900&lasttrendyear=2015

          Geeft een trend van 0.08 C/decennium waarvan een gedeelte door natuurlijke opwarming is te verklaren (zegt het IPCC zelf). Nauwelijks alarmerend.

          Op lange termijn ECS is de bepalende factor, op korte termijn zo je wilt TCR (Transient Climate Response). Het onderwerp is wel degelijk de sensitivity van het klimaatsysteem voor de concentratie (verdubbeling) van CO2. Dat is nou juist wat uit de modellen wordt afgeleid. En als de modellen niet stroken met de werkelijkheid (van 115 jaar van waarnemingen) heeft dat ook zijn consequentie voor de waarde van de ECS.

        • Herman Vruggink 27 januari 2016 om 14:06 - Antwoorden

          Korte termijn? Ja de korte termijn. Ga alle sites maar langs als die van Steve McIntyre, Marcel Crok of WUWT waar trends van waarnemingen (meestal 30 jaar) worden vergeleken met de model trends. En wat zien wij dan? Dat de gemiddelde trend dus lager ligt dan verwacht. In ieder geval geen slecht nieuws. We zie dat bijvoorbeeld 0,15 graad/decade i.p.v. de verwachte 0,25 graad per decade. Goh, wat een troost……Klimaat Code oranje wordt dan nog niet direct code rood, maar van code groen is geen sprake. Reden om nu plotseling te stoppen met maatregelen? Lijkt mij een klein beetje voorbarig en op dit moment met uitschieter 2015 op de borden ook niet zo’n handig gekozen moment om te bespreken.

        • Herman Vruggink 27 januari 2016 om 14:30 - Antwoorden

          En nogmaals, Nee Chris, de ECS is helemaal niet het onderwerp hier. Hoe kom je daarbij.
          Het onderwerp is of de waarnemingen voldoen aan de model verwachtingen.
          Wij hebben toch ook helemaal geen enkel baanbrekend onderzoek gezien die met een veel lagere ECS aan komt zetten de afgelopen twee jaar?

        • Chris Schoneveld 27 januari 2016 om 17:56 - Antwoorden

          Herman, je zegt: £Wij hebben toch ook helemaal geen enkel baanbrekend onderzoek gezien die met een veel lagere ECS aan komt zetten de afgelopen twee jaar?”

          Dan moet je toch wat beter de literatuur bijhouden:

          Mauritsen and Stevens, Missing Iris effect as a possible cause of muted hydrological change and high climate sensitivity, Nature Geoscience, doi10:1038/ngeo2414.

          en

          The implications for climate sensitivity of AR5 forcing and heat uptake estimates
          Nicholas Lewis , Judith A. Curry

          en deze van Lewis en Crok kan ik zeer aanbevelen:
          http://www.thegwpf.org/content/uploads/2014/02/A-Sensitive-Matter-Foreword-inc.pdf

        • Herman Vruggink 27 januari 2016 om 18:30 - Antwoorden

          Oude koek Chris. Crok, Lewis Curry is hier al 5000 keer besproken. Crok, Lewis, Curry is grotendeels een bevestiging van IPCC waarden. Weet je wat? we gaan zelfs daar nog onder zitten, we houden het simpel: 1 graad bij CO2 verdubbeling. De wereld zegt echter: “Dat vinden wij nog steeds te veel. “En dan kan jij wel gaan roepen dat het allemaal niet erg is, enz,enz,enz. Dat mag. 1 graad is gewoon niet goed genoeg.

      • Boels 27 januari 2016 om 16:49 - Antwoorden

        @Herman Vruggink:
        De ECS is de afgelopen 30+ jaar de granaat in de CO2-hypothese; de pin van de granaat wordt angstvallig op z’n plaats gehouden.
        De klimaatafdeling van NASA heeft het beter definiëren tot een speerpunt in toekomstig onderzoek gemaakt.
        Of de fondsen daarvoor beschikbaar komen is afhankelijk van welke lobby het gaat winnen: de alarmistische vindt het prima “as is” en de puur wetenschappelijke wil het aanpakken.

        • Herman Vruggink 27 januari 2016 om 17:04 - Antwoorden

          Dat zal best maar nu even niet. Lees het blog. ECS is op climategate in den treure al besproken. Is er soms een nieuw baanbrekend onderzoek op dit gebied verschenen? Nee toch zeker?

        • Chris Schoneveld 27 januari 2016 om 18:05 - Antwoorden

          Het hoeft echt niet altijd “baanbrekend te zijn”. Voortschreidend inzicht is wat we nodig hebben. Stapsgewijs zullen we uiteindelijk uitkomen op 1.0 C. Dat is mijn voorspelling.

        • Herman Vruggink 27 januari 2016 om 18:37 - Antwoorden

          Prima Chris, 1.0 C Laten we daar van uit gaan. Zonder wijziging van beleid en doorgaande groei van vooral welvaart is dat dus zeker 2 graden in 2150. Dus drie graden t.o.v. 1850… En je weet het, de wereld vindt dat te veel. Veel te veel… Dus Chris: Probeer de wereld te overtuigen dat die paar graden meer helemaal niet erg is. Succes!

        • Boels 27 januari 2016 om 19:29 - Antwoorden

          “En je weet het, de wereld vindt dat te veel.”

          Dat geldt alleen voor de virtuele wereld van de alarmisten en de groene machtsgeile opportunisten.

        • Herman Vruggink 27 januari 2016 om 19:42 - Antwoorden

          Tja, Boels je mag het noemen zoals je wilt. Blijf lekker schelden. Het is hoe dan ook de richting die ingeslagen wordt zolang er geen signalen van afkoeling zichtbaar zijn. Wen er maar aan.

        • Chris Schoneveld 28 januari 2016 om 12:24 - Antwoorden

          “Prima Chris, 1.0 C Laten we daar van uit gaan. Zonder wijziging van beleid en doorgaande groei van vooral welvaart is dat dus zeker 2 graden in 2150.”

          Bij de huidige uitstoot van CO2 stijgt de concentratatie CO2 in de lucht momenteel met 2ppm/jaar. Een verdubbeling van de huidige concentratie (van 400 ppm naar 800ppm) zal dus over 200 jaar bereikt worden als we op dezelfde voet doorgaan, maar over 200 jaar zullen de voorraden fossiele brandstoffen zo sterk zijn afgenomen dat een volgende verdubbeling (naar 1600 ppm) onmogelijk is. Ergo, de opwarming door CO2 zal bij een ECS van 1 C pas over 200 jaar een feit zijn. Ik denk echter dat we ver voor die tijd al overgestapt zijn op kernenergie (fission of fusion)

        • Herman Vruggink 28 januari 2016 om 12:43 - Antwoorden

          Ten eerste rond je de ppm waarde af naar beneden. Ten tweede meen je lineair te mogen extrapoleren. Dit noemen wij wishfull thinking. Weet je Chris, je mag gerust je eigen denkbeelden er op na houden en je eigen berekeningen uitvoeren, maar neem de wereld niet kwalijk dat ze naar experts luisteren die aangeven niet erg optimistisch te zijn over toename van de CO2 concentratie.

  11. Hetzler 27 januari 2016 om 19:34 - Antwoorden

    @Herman Wat de wereld vindt is totaal oninteressant, omdat die wereld gedomineerd wordt door alarmisten, baantjesjagers en gelukzoekers. Het maatschappelijk effect is wat telt. Warme periodes waren tijden van grote bloeit. Al die angsthazerij en het wapperen met een drabbig grafiekje rechtvaardigen niet de neerbuigende toon die nogal eens wordt gebezigd.

    • Herman Vruggink 27 januari 2016 om 19:55 - Antwoorden

      Tja Hetzler, dat kan jij oninteressant vinden en je kan iedereen uitmaken voor weet ik wat, daar ben je helemaal vrij in. De wereld denkt er in meerderheid nu eenmaal anders over dan jij. Wen er maar aan. Zolang je niet met een ‘gamechanger’ als bijvoorbeeld afkoeling aankomt ziet de maatschappij geen reden om van strategie te veranderen. De keus is voorzichtigheid. Voor roekeloosheid is tegenwoordig steeds minder plaats.

      • Paul Turris 27 januari 2016 om 20:08 - Antwoorden

        Massale propaganda werkt echt. Zo ook dus bij de klimaathoax!

        • Herman Vruggink 27 januari 2016 om 20:14 - Antwoorden

          Zo is het Paul Turris, noem het zoals je wilt. De wereld gaat toch echt niet aan de kant voor een ietwat luidruchtige minderheid die steeds maar met tamelijk zwakke argumenten komt. En je hebt nog altijd de democratie die je kan helpen. Begin eerst maar eens in eigen land met een klinkende overwinning voor de anti duurzame energie partij.

        • Paul Turris 27 januari 2016 om 20:17 - Antwoorden

          Is kwestie van overheidssubsidie! Dat krijgen critici van het IPCC/duurzaam/windhandel niet.

  12. hugo matthijssen 27 januari 2016 om 20:23 - Antwoorden

    Herman

    Een goed wetenschappelijk argument dat houden we er in.
    “De wereld denkt er nu eenmaal anders over”
    Het effect van propaganda en verdraaien van feiten.
    Wat was het ook alweer waar de medische wetenschap jarenlang hetzelfde over dacht van prof tot student maagzweren kwamen door stress en rust was de therapie. In mij praktijk als arbeidsdeskundigen heb ik vele mensen uit hun baan zien vallen omdat zij “rustiger aan” moesten gaan doen. Nu weten we dat de oorzaak een bacterie is en de behandeling simpel.
    Toch maar goed dat er enkele echte wetenschappers tegen de stroom in gingen.

    Wat de wereld denkt.
    vraag 1 wie is de wereld
    Alle mensen middelste waarde IQ 100
    Alle wetenschappers die middels consensus een niet bewezen theorie wille doordrammen
    Alle mensen die dik verdienen aan een angstcultuur in de politiekambtenaren en docenten

    • Herman Vruggink 27 januari 2016 om 20:38 - Antwoorden

      Dat is helemaal geen wetenschappelijk argument Hugo. Hoe kom je daar nu weer bij. De wetenschap heeft alleen maar de stand van zaken gegeven. De rest is aan de maatschappij en de politiek die daar naar luistert. En de wereld kiest dus voor maatregelen. En dan kan je blijven blaten wat je wil, dat mag natuurlijk. Maar zeg eens, je hebt het over verdraaien van feiten. Waar heb je het over?

      • Turris 27 januari 2016 om 21:49 - Antwoorden

        IPCC verkondigt slechts opinie overeenkomstig haar politieke opdracht/missie, daar is al 20 jaar fundamentele kritiek vanuit de wetenschap op.

        • Herman Vruggink 27 januari 2016 om 22:28 - Antwoorden

          Geen idee Turris hoe ik je reactie kan laten aansluiten op mijn vraag aan Hugo over zijn opmerking over het verdraaien van feiten. Evengoed heb ik naar aanleiding van je schrijven wel een aantal vragen:
          1. Ik ben bekend met rol, principes, taken en procedures van het IPCC, maar politieke opdracht en missie zeggen mij niets. Kan je dit toelichten en een verwijzing geven waar ik politieke opdracht en missie kan vinden?
          2. Je zegt dat er al 20 jaar fundamentele kritiek vanuit de wetenschap is op het IPCC. Kan je de hoofdpunten van die kritiek toelichten en een verwijzing geven waar ik die kritiek zoal kan lezen?

  13. Hetzler 27 januari 2016 om 20:39 - Antwoorden

    @Herman Ik adviseer het boek te lezen van Remco de Boer over schaliegas. Dan zul je je realiseren wat propaganda vermag. Het gaat hier om wetenschap. Wat de massa vindt is oninteressant. Zo geldt dit ook voor de validiteit van het Nationaal Socialisme 80 jaar geleden. Het valt mij tegen de mening van de meerderheid zo slaafs te volgen.

  14. Hetzler 27 januari 2016 om 22:14 - Antwoorden

    @Herman Het wetenschappelijk argument doet er wel degelijk toe. Veel belangrijker is de invloed van demagogie en misleiding. Dat jij dit als maatgevend zit, is jouw zaak, maar is geen serieus te nemen argument in dit debat. Dit blijkt eens te meer uit jouw herhaalde grafiekje waaruit zou moeten blijken dat al het alarmisme het grootste gelijk van de wereld heeft. Dat grafiekje zegt niets meer dan aanpassing van gegevens achteraf. Herman, jij doet je wetenschappelijk voor, maar ik vrees dat hier wel het een en ander op valt af te dingen.
    Samenvattend is het aan de wetenschap om te vertellen hoe het zit, niet aan alarmisten, de milieubeweging en hobbyisten zoals jij. Ik waardeer je uitdaging tot kritisch denken, maar hier overschrijd je de grens,

    • Herman Vruggink 27 januari 2016 om 23:11 - Antwoorden

      Beste Jeroen. Het wetenschappelijke argument komt van de wetenschap. Die doet er uiteraard toe, maar zodra die fase is gepasseerd is het aan maatschappij en de dus de vertegenwoordiging daarvan, de politiek, om te besluiten wat met die wetenschappelijke argumenten te doen. Aldus geschiede. En Jeroen wat jij allemaal ziet als demagogie en misleiding moet jij weten, ik kan je van die waanbeelden niet afhelpen. En ik laat slechts een grafiek zien wat een weergave is van model en waarnemingen. Ik neem aan dat je deze bedoelt? http://www.climate-lab-book.ac.uk/wp-content/uploads/fig-nearterm_all_UPDATE_2014.png
      De basis van deze grafiek vinden we in IPCC AR5, net zoals de grafiek van Rob in het blog uit IPCC AR5 komt. Mijn grafiek komt uit dezelfde figuur 11.25. De reden dat ik deze grafiek laat zien is dat de grafiek van Rob de laatste jaren aan waarnemingen niet laat zien. Vandaar. Dat heeft geen drol met alarmisme te maken. En dan heb je het over aanpassing van gegevens achteraf. Aanpassing van gegevens achteraf? Waar heb je het over? En dan beweer je dat ik mij wetenschappelijk voordoe. Wat een lariekoek, ik ga er verder niet op in.

      Je zegt: ” Samenvattend is het aan de wetenschap om te vertellen hoe het zit” Inderdaad Jeroen Hetzler, precies. En die samenvatting vinden we in IPCC AR5. En vervolgens is het aan de politiek om hier wat mee te doen.

      Jij beweert dat ik een grens overschrijd. Vertel eens beste Jeroen Hetzler, welke grens?

  15. hugo matthijssen 28 januari 2016 om 12:46 - Antwoorden

    Herman

    Op dit moment wordt in de klimaatwetenschap veel gewerkt met modellen en als achteraf in de praktijk blijkt dat de uitkomsten van de modellen niet juist zijn. Gaat deze “wetenschap” over tot trolgedrag. Met “nieuwe modellen” wordt vervolgens verklaard waarom de praktijk niet juist is.

    Een goed voorbeeld is dit onderzoek In de kop komt de tekst dat ze de verdwenen warmte gevonden hebben.
    https://www.knmi.nl/over-het-knmi/nieuws/verdwenen-warmte-in-oceaan-gevonden
    hun tekst:
    “Voor hun onderzoek ‘Op zoek naar de ‘verdwenen warmte’ in de bovenlaag van de oceaan’ hebben KNMI-klimaatwetenschappers Caroline Katsman en Geert Jan van Oldenborgh gebruik gemaakt van berekeningen met een state-of-the-art klimaatmodel in het ESSENCE-project. De beschikbare tijdreeksen van de temperatuurmetingen van de oceanen zijn namelijk te kort en de gegevens te onzeker.”
    Met andere woorden modelberekeningen die verklaren waar de in de vorige modelberekeningen berekende temperatuurstijging er niet is.

    Een ander mooi voorbeeld slinken van zeeijs rond de zuidpool komt door de opwarming en de spectaculaire groei van datzelfde zeeijs komt ook door de opwarming omdat zoet water sneller bevriest. Het is maar hoe je naar de wereld kijkt.

    • Herman Vruggink 28 januari 2016 om 15:54 - Antwoorden

      Op het moment dat in de praktijk blijkt dat de uitkomsten van de modellen niet juist zijn dan heeft de klimaatwetenschap toch echt een serieus probleem. Alleen… Dan moeten de waarnemingen wel zeer overtuigend buiten de modelgrenzen gaan vallen. Dat is niet het geval. Zolang dat niet gebeurd is er geen game changer. Jaargemiddelden als 2008, of 2012… Meer is er echt niet voor nodig.

Geef een reactie

Solve : *
23 + 23 =


Conform ons Privacybeleid maken wij gebruik van Cookies om onze website beter te laten werken. OK