Plato en Sofisten.

Een bijdrage van Jeroen Hetzler.

In het dagelijkse leven worden wij mensen geregeld geconfronteerd met het verschijnsel dat feiten niet overeenkomen met verwachtingen. Mensen met gezond verstand en volwassen incasseringsvermogen zullen zich dan richten op de feiten.

Hiernaast zijn er ook mensen voor wie de teleurstelling ondraaglijk is vanwege gezichtsverlies, narcisme, verlies aan macht of inkomsten. Op zijn best zijn het slechte verliezers, op zijn slechtst grijpen sommigen van hen naar laster of frauduleuze methoden.

Een voorbeeld van slechte verliezers zijn de Democrats die thans al hun tijd verknoeien aan het eindeloos, doch vruchteloos, besmeuren en belasteren van Trump. Het posterchild van frauduleuze methoden is natuurlijk de hockeystick-grafiek van Michael Mann en diens bewonderaars, die deze grafiek in absurdum verdedigen.

Belasteren is ook een uiting van de slechte verliezer zoals het geval toen Suzan Crockford het nieuws publiceerde dat de ijsbeerpopulatie sterk was gestegen met als verklaring dat het zomerijs juist geen bedreiging vormt voor de ijsbeer. Zie de gefaalde lastercampagne door slechte verliezers en de reactie hierop:

This is an important new paper by a team of blue-chip authors. It reveals much about modern science, and shows one reason the campaign for policy action to fight climate change has produced so little despite so much invested over the past three decades. It defies standard analysis, so I will take you on a page by page tour. Each page makes a new low! You can draw your own conclusions.

Wat verder opvalt zijn eigenaardige, natuurkundig onhoudbare, beweringen. Een kleine bloemlezing uit wat Arthur Rörsch aan uitspraken verzamelde:

Een onderzoeker die een heersend paradigma probeert te doorbreken is arrogant en oncollegiaal.

Met alle respect voor gepensioneerden, maar wetenschappelijke ontwikkelingen gaan zo snel, dat professoren in emeritaat niet geacht kunnen worden van de huidige stand der kennis op de hoogte te zijn.

Een koudere (IR) stralingsbron kan de temperatuur van een warmer oppervlak doen stijgen.

Een attractor bouw je in een model niet in.

De opgaande en neergaande langgolvige straling zijn totaal niet dwingend aan elkaar verbonden.

Er zijn meer van deze eigenaardige uitspraken. Laten wij eens kijken naar deze energiebalans van Kiehl and Trenberth.

LINKS in- en uitgaande stralingsbalans van de aarde (in W/m2) volgens Kiehl en Trenberth. Een ‘broeikasgasdeken’ op 10 km hoogte zou infraroodstraling opvangen en terugstralen, waardoor de aarde zou opwarmen. RECHTS drie onmogelijkheden van deze IPCC-stralingsbalans.

  1. Opwarming door eigen uitstraling; zelfs:
  2. Energie uit Niets. De zon brengt 183 W/m2 in de atmosfeer en volgens het IPCC bedraagt de downwelling backradiation uit diezelfde atmosfeer 342 W/m2.
  3. Opwarming van koud naar warm; alleen in klimaatwetenschap kan kennelijk een kopje koude koffie spontaan warm worden, mits onder invloed van CO2 gebracht.

Gebaseerd op bron.

Bovendien kan IR-straling water, 70% van het aardoppervlak niet opwarmen en warme lucht nauwelijks. Hoe komt het dan dat men deze misvattingen zo krampachtig tot basis van klimaatbeleid blijft aanhouden? Is het incompetentie? Lijkt mij ongeloofwaardig. Veel wijst op de dwangbuis van het systeem of de obsessie van het gelijk, geen onbekend fenomeen in de geschiedenis. Zelfs in de oudheid werd dit laatste onder het begrip sofisme bekend:

Ook schijnen mettertijd sofisten te hebben bestaan die van de retorica slechts een middel om zijn gelijk te krijgen maakten. In de tweede helft van de 5e eeuw v. Chr. begint het begrip sofist negatieve connotaties te krijgen, zoals blijkt in het oeuvres van Plato en Aristophanes. De combinatie van het ter discussie stellen van gewoonten en wetten en het stelselmatig zoeken naar tegenstellingen leidde ertoe dat de sofisten steeds meer als een bedreiging voor de bestaande orde werden beschouwd. Het is daarom begrijpelijk dat in 432 v. C. een wet werd aangenomen tegen o.a. de asebeia van de sofisten. Het woord sofist kreeg vooral in conservatieve en aristocratische kringen een bijbetekenis van drogredenaar, iemand die recht praat wat krom is. Een sofisme wordt dan een synoniem van drogreden.

Bron.

“Recht praten wat krom is.” Zijn de bovenstaande 3 onmogelijkheden niet hier een voorbeeld bij uitstek van? Het ging verder: Het verwijt van asebie werd vaak gebruikt om onpopulaire tegenspelers van de conservatieven mee af te straffen.

Herkennen wij niet de geminachte ‘populisten’ die de macht van de heersende elite aantasten?

Bij de slechte verliezers voegt zich inmiddels een groeiende groep. De weglopers. De feiten blijken zo confronterend dat deze leiden tot, evolutionair bepaald, vluchtgedrag. Is dit een nieuw fenomeen? Verre van dat! We kijken eerst hiernaar:

De Euthyphro (Oudgrieks: Ευθυφρων) is een van de vroege dialogen van Plato, te dateren na 399 v. Chr. Het is een vrij korte tekst die handelt over een ethische kwestie, waarbij getracht wordt te definiëren wat vroomheid is. Socrates steelt zoals gewoonlijk de show. Hij ondervraagt een zekere ‘Euthyphro’, die beweert een expert te zijn in ethiek en theologische kwesties. De dialoog eindigt zonder werkelijke conclusie en zit barstensvol socratische ironie. Socrates poseert als een onwetende student en doet alsof hij van Euthyphro wil leren. In werkelijkheid wil hij Euthyphro ontmaskeren als een onwetende die eigenlijk niets afweet van zijn specialisme.

Bron.

Dit laatste is heel herkenbaar met name binnen het klimaatdebat zoals dit debatje laat zien. Vermakelijk met als conclusie: you pretend to know, but you dont’n know. De vraag hier, in afwijking van het sofistische “recht praten wat krom is”, is namelijk hoe goed de kennis is bij hen die het zouden moeten weten; competentie dus. De conclusie is schokkend: de incompetentie is gênant: het mondiale klimaatbeleid blijkt gebaseerd op dezelfde sleetse bluf als 2.400 jaar geleden. Men oordele zelf aan de hand van deze twee voorbeelden: De Sierra Club Bluf met science is settled en de 97%-consensus als enige argumenten. Hoe gênant kan men het maken? Zie vanaf 1:50.

 

Of deze: de bazin van het EPA heeft geen flauw idee waar ze het over heeft.

 

De ons overbekende kant noch wal rakende bluf die ook via het NOS-journaal tot ons komt, illustreert ook schrijnende incompetentie bij talloze beleidsmakers. Deze incompetentie, dan wel recht praten wat krom is, kent andere voorbeelden:

Hierover schrijft Arthur Rörsch: van IMAU U Utrecht. Hij heeft geen ‘tijd’. Maar ik meen te kunnen concluderen dat hij op CG met pseudoniem testpiloot opereert, zijn onkunde aan de dag legt, en daarvoor alle tijd heeft. Zie verder:

Beste Arhur, Het onderstaande stuk, dat grotendeels gelijk was aan je recente bijdrage op Climategate.nl heb ik gelezen, en het achterliggende artikel wat vanaf je homepage te downloaden is, heb ik kort doorgenomen. Ik had al kort gereageerd via het forum, echter, ik moet constateren dat ik te weinig prioriteit/tijd heb om een verdere constructieve discussie met je over dit document aan te gaan. Ik moet me verontschuldigen.

Hartelijke groet, ….

Ander voorbeeld:

Van: [email protected] <[email protected]>
Onderwerp: Re: [Climate Sceptics] Re: USA Today on climate predictions made 20 years ago

Dear Jim–You and I have such different views of how to be doing the evaluation and develop the most likely explanation of what is happening and why that I just don’t think spending time responding to your queries is worth my time, or actually any mainline scientist’s time.

Een niet onbelangrijke briefwisseling is die tussen CLINTEL en het KNMI over de verdwenen hittegolven door de homogenisatie. Wij lezen tenslotte in bijlage 1:

Klimaatwetenschap is voor ons daarentegen een fundament op zichzelf, niet verbonden aan politieke meningsvorming noch maatschappelijke gewenste of ongewenste uitkomsten. Het respecteren van dit gegeven betekent ook iets voor het respecteren van de beperkingen aan discussies zoals hier per email gevoerd. De tijd en energie die je eraan besteedt, moet altijd in verhouding staan tot wat je ermee beoogt of bereiken kan. De door ons gelezen argumentaties en onderbouwing bieden ons voor dit complexe dossier aldus onvoldoende zicht op een waardevolle voortzetting van de gedachtewisseling.

Bron.

Wat wij constateren is dat het KNMI de klimaatdoctrine als beleid beschouwt en elke kritiek hierop ontwijkt i.p.v. te pareren. Kennelijk ontbreekt het aan argumenten. Dan houd ik het toch liever op de niet gebonden publicerende wetenschappelijk up to date professoren met emeritaat.

Ceterum censeo Legem Climae delendam esse.

(Overigens ben ik van mening dat de klimaatwet moet worden vernietigd).