Jan Geuns.
Bernard De Muynck.
Het vorige deel van dit essay verscheen gisteren. Zie hier. ….
Door Em. prof. Jan M.C. Geuns & Bernard S. J. De Muynck, ing.
CO2-concentraties sinds 550 miljoen jaar geleden.
Figuur 3 toont de CO2-concentraties in ppm vanaf 550 MJ tot 1950. Ongeveer 500 MJ was de CO2 concentratie ± 30 x hoger dan momenteel om dan geleidelijk te dalen naar ± tweemaal de waarden van nu rond ± 320 miljoen jaar geleden. De CO2 bleef dan constant tot 260 MJ en steeg dan plots tot ± 7 x de huidige concentratie om dan geleidelijk weer af te nemen.
Rond 160 MJ was er terug een stijging naar 10 x meer (= 4100 ppm) om dan weer af te nemen naar ongeveer de huidige waarden. Sinds het ontstaan van de aarde ± 4.5 miljard jaar geleden is er momenteel volgende verdeling van de koolstof (C), het element dat ook in CO2 vervat zit. De aardkorst bevat de grootste hoeveelheid C, nl. 1.9 miljard Gigaton (1 Gt = 1 miljard ton). Daarna volgt de oceaan met 40000 Gt en daarna zit er 2100 Gt in de bodem op het land en in levende organismen. Tussen 5000 en 10000 Gt koolstof zit in fossiele brandstof en ± 850 Gt zit in de atmosfeer, hoofdzakelijk in CO2 (Koonin, 2024). De atmosfeer bevat dus slechts 0.0000446 % van de totale koolstof op aarde (1 900 047 950 Gigaton).
Onderzoek van een fossiele reuzenslak (Campanile giganteum) geeft aan dat het weer in West-Europa 45 MJ vergelijkbaar was met dat in de Bahama’s nu. Omdat de slak erg snel groeide (40 cm in 5 jaar), kon men terugkijken naar het weer tot op het niveau van dagen, wat het onderzoek interessant maakt (Van Horebeek et al., 2025).
West-Europa lag toen al ± op de huidige plaats op aarde doch met een warmer moessonachtig klimaat met zachte winters, hete en droge lentes, en warme en vooral natte zomers met intense regenbuien. Het was toen veel warmer dan nu, met ‘s winters temperaturen boven de 20°C en‘s zomers rond 28 °C. Het zeewater werd tot 33 °C warm. Vijfenveertig miljoen jaar geleden zaten we in het Eoceen. Een groot deel van het huidige noorden van Frankrijk lag toen onder water, zoals dus ook de Champagnestreek waar de bestudeerde zeeslak leefde. Maar ook zowat heel Vlaanderen stond Figuur 3: CO2-concentratie in ppm vanaf 550 MJ (Koonin, 2024; figuur aangepast naar ppm CO2). ppm CO2 since 550 MJ
onder water. De Ardennen en de Hoge Venen staken er wel nog bovenuit (Van Horebeek et al., 2025). Die toestand zal zich mogelijk in de verre toekomst kunnen herhalen (de Jager, 2012) en ook hier zal de mens geen invloed op hebben.
Figuur 4: Fossiele reuzenslak (Campanile giganteum) van 45 miljoen jaar geleden (Van Horebeek et al., 2025).
De slak groeide in de zee en maakte daarbij groeiringen aan, zoals ook bomen dat doen. Daarmee legde ze de omstandigheden van het zeewater om zich heen vast, zoals de temperatuur en de chemische samenstelling van het water. Door laagje per laagje van de schelp in detail te bekijken, konden de onderzoekers reconstrueren in welke temperaturen de schelp gegroeid is. Ze kregen daardoor een gedetailleerd beeld van het klimaat en de weerpatronen van miljoenen jaren geleden (Van Horebeek et al., 2025).
De analysen werden gekoppeld aan klimaatmodellen. De uitgesproken seizoensverschillen werden verklaard door verschuivende patronen in wind en oceaanstromingen. In het midden van mei viel de wind grotendeels weg en kwamen er plots felle onweersbuien op. De temperatuur van het zeewater zou in de winter iets boven de 20°C gelegen hebben, wat zeer hoog is, om dan in het voorjaar te klimmen naar ± 33°C. In de zomer zakte de temperatuur dan door de regens naar 28°C. Het zeewater van de Atlantische Oceaan beïnvloedde ons toen ook al sterk. Westenwinden overheersten in de herfst, de winter en het vroege voorjaar, met daarna een periode zonder wind van midden mei tot midden juni, en met noordenwinden tijdens de zomer.
Zodra zeestromingen of dominante windrichtingen veranderen, heeft dit zeer veel effect op het weer in Europa. Het Eoceen (56 tot 33,9 MJ) was dus een uitgesproken nat en warm tijdperk. De CO2-concentratie in de atmosfeer was toen tussen 2 en 3 maal hoger dan momenteel, dus tussen 840 en 1260 ppm (zie Figuur 3). Na die warmteperiode zijn er ijstijden gekomen waarbij Antarctica maar ook Artica en de Noordelijke streken onder een dikke ijslaag verdwenen waardoor het zeeniveau daalde. De CO2-concentratie was dan ± even groot als nu. Zoals hoger aangehaald werd 30 MJ de zuidelijke oceaan rond Antarctica open genoeg zodat de Westwinddrift voorkwam dat warm water uit lagere breedtegraden Antarctica nog bereikte zodat vergletsjering optrad.
Wat zegt de wetenschap over de opwarming van de oceaan?
Het klimaat wordt niet alleen door de atmosfeer bepaald, maar ook de oceanen zijn van het grootste belang in een complex system van water (oceanen, meren…), sneeuw en ijs zowel op het land als op de zee, alsook van land en levende organismen (microben, planten, dieren en de mens). De oceanen bevatten meer dan 90 % van de klimaatwarmte en hebben een “lange-termijn-geheugen” (Cheng et al., 2017). De atmosfeer verandert soms van dag op dag en/of jaar op jaar als gevolg van verschillende invloeden. De oceanen daarentegen reageren veel trager op veranderingen over verschillende decennia of eeuwen. De gemiddelde diepte van oceanen is 3700 m en satellieten meten enkel de temperatuur aan de oppervlakte.
Vroegere metingen gebeurden voornamelijk door schepen die niet overal passeerden en de nauwkeurigheid was minder groot. Sinds 2000 is er het ARGO-project dat ± 3900 robot-vlotters gebruikt om de eigenschappen van de oceaan te registreren. Sinds 20 jaar is ongeveer 60 % van de oceanen daardoor bemonsterd tot op een diepte van 2 Km. De vlotters verblijven op 1 Km diepte en elke 10 dagen dalen ze af naar 2 Km diepte. Ze komen dan gedurende 6 uur stilaan naar de oppervlakte terwijl ze de temperatuur en het zoutgehalte registreren. Eenmaal aan de oppervlakte sturen ze hun meetwaarden per satelliet door en dalen dan terug af naar 1 Km diepte. De meetwaarden in Figuur 5 van vóór 2000 zijn minder nauwkeurig dan die van latere metingen (de lijnen van 95% betrouwbaarheid liggen verder uit elkaar).
Figuur 5: Warmte-anomalie van zeewater op verschillende diepten, nl. 0-300 m, 300-700 m, 700-2000 m en 2000 m tot op de bodem (Cheng et al., 2017). De warmte-energie is uitgedrukt in Zetajoule (ZJ) waarbij 1 ZJ = 1023 joules. Figuur 5 toont duidelijk dat er een opwarming is van de oceanen, vooral van de bovenste lagen, hetgeen te verwachten is. Honderden ZJ lijkt zeer veel energie, en is het ook. Als men alle op 1 jaar door de mens geproduceerde energie optelt (fossiele, nucleaire, zonne-energie en windenergie) bekomt men slechts 0.6 ZJ. Als die energie verspreid wordt over alle oceanen veroorzaakt dat slechts een zeer kleine opwarming van enkele honderdsten van 1 °C per decennium. De doemdenkers met hun kokende oceanen zullen allicht nog meer dan 20.000 jaar moeten wachten vooraleer ze een eitje kunnen koken in de zee. Alles tezamen bewijst de opwarming van het zeewater wel dat er een opwarming is van het klimaat, maar de invloed van de mens blijkt verwaarloosbaar.
De wetenschap en de captatie van zonnestraling
Figuur 6 (links) geeft de temperaturen in °Kelvin op aarde en in de atmosfeer (van Wijngaarden & Happer, 2020).
De aarde heeft een gemiddelde temperatuur van 288,7 °K. De temperatuur neemt rechtlijnig af met ± 6 °K per km hoogte. In Figuur 6 (rechts) worden de concentraties van de belangrijkste broeikasgassen weergegeven in functie van hun hoogte in de atmosfeer. CO2 is gelijkmatig verdeeld in de atmosfeer tot op ± 82 km hoogte. Waterdamp, het belangrijkste broeikasgas, neemt zeer sterk af met de hoogte en rond 18 km hoogte stabiliseert zijn concentratie (± 6000 x minder dan op zeeniveau). Stikstofoxide (N2O) is ± constant tot op 20 km hoogte en neemt dan geleidelijk af met een sterkere afname vanaf 40 km hoogte.
Methaan (CH4) gedraagt zich op een gelijkaardige manier. Opmerkelijk is de ozonconcentratie (O3) die sterk toeneemt bij stijgende hoogte en zijn maximale concentratie ligt tussen 25 en 40 km hoogte. Ozon kan een deel van de zonnestraling opnemen waardoor de temperatuur stabiliseert vanaf 20 km hoogte en zelfs toeneemt tot op ± 45 km hoogte om dan weer rechtlijnig af te nemen in de mesosfeer.
Figuur 6: Links: standaard temperatuur profiel (in K) van de atmosfeer. Rechts: Standaard concentraties van de belangrijkste broeikasgassen in functie van de hoogte (uit van Wijngaarden & Happer, 2020).
Fysische wetmatigheden beheersen het stralingsevenwicht van de aarde volgens de Stefan-Boltzmann wetmatigheden (berekeningen in °K). Er is een stralingsbalans van de inkomende zonnestraling met de uitgezonden infrarode warmtestraling. Het evenwicht impliceert dat als de aarde opwarmt er ook een evenredige grotere warmtestraling plaatsvindt. De gemiddelde zonnestraling die het aardoppervlak bereikt, is ± 239 W/m2. De aarde absorbeert een gedeelte van die straling. Nochtans volgt de aarde de Stefan-Boltzmann wetten en straalt warmte uit met een langere golflengte (infrarood warmtestraling).
Figuur 7 geeft een beeld van deze warmtestraling (zie ook de blauwe curve in Figuur 9). Gelukkig hebben we de atmosfeer met stoffen erin die warmte weerhouden en terug naar de aarde stralen, want anders zouden we op een ijsbol leven (-18 C).
Een deel van het ingestraalde zonlicht (30 %) wordt gereflecteerd door bv. ijskappen, wolken, aërosolen van natuurlijke en menselijke oorsprong e.d. De door de aarde opgenomen straling wordt weer uitgestraald met langere golflengten (warmtestraling), en een deel daarvan wordt (tijdelijk) gecapteerd
Figuur 7: Voorstelling van de instraling van het zonlicht waarvan een gedeelte gereflecteerd wordt. door componenten in de atmosfeer die op hun beurt de stralingswarmte terugstralen zowel naar de aarde als naar de ruimte.
Figuur 8: Spectrum van het ingestraalde zonlicht op zeeniveau.
https://nl.wikipedia.org/wiki/Aardse_straling
De zonnestraling bereikt de aarde na een lange tocht doorheen de atmosfeer. Het zonlicht dat het aardoppervlak bereikt is in Figuur 8 licht grijs gekleurd tezamen met de kleuren van het zichtbaar licht.
In Figuur 8 is ook duidelijk te zien dat verschillende componenten een deel van het zonlicht absorberen of weerkaatsen (donker gekleurd). Ozon verwijdert een groot deel van het UV licht (korte golflengten) en zorgt voor de opwarming van de stratosfeer (zie Figuur 6). Waterdamp beperkt een groot deel van de instraling bij verschillende golflengten. Ook CO2 verhindert dat alle zonlicht het aardoppervlak daadwerkelijk bereikt (zeeniveau). Vooral langere golflengten boven ± 750 nm worden door zowel water als CO2 weggenomen. De instraling gebeurt met relatief korte golflengten tussen 250 en 2500 nm. De uitgestraalde warmtestraling bestaat uit zeer lange golflengten met het stralingsmaximum rond 10000 nm (= 10 µm), zie Figuur 9, uitgedrukt als golfgetallen (omgekeerde van de golflengte) alsook Figuur 10 (met weergave van golflengten).
Warmtestraling van de aarde en hoe groot zijn de mogelijke invloeden van de mens?
De atmosfeer bestaat voor 78 % uit stikstof en voor 21 % uit zuurstof. Het merendeel van de resterende 1 % wordt ingenomen door het inert gas argon. Zonlicht passeert zonder problemen doorheen deze gassen, en ± 30 % wordt gereflecteerd (zie Figuur 7). De aarde gaat ook warmtestraling uitzenden. Gelukkig zijn er nog andere gassen aanwezig, nl. waterdamp, CO2, methaan, stikstofoxide en ozon die een groot deel van de uitgezonden warmtestraling absorberen. Zonder deze “dekmantel” zouden we op een ijsbol zitten.
De temperatuur op aarde is afhankelijk van een evenwichtige balans tussen opwarming door het zonlicht en afkoeling door de hitte die via warmtestraling terug naar de ruimte gestuurd wordt (Stefan-Boltzmann wet). Dit stralingsevenwicht hangt nauw samen met een temperatuurs-evenwicht dat van verschillende factoren afhankelijk is en vooral van de afstand tot en de inclinatiehoek ten opzichte van de zon. Zoals hoger aangehaald absorbeert de aarde ±70 % van het zonlicht en wordt er gemiddeld 30 % gereflecteerd terug naar de ruimte (“albedo” genoemd). De waarde van de albedo is veranderlijk en is afhankelijk van welk deel van de aarde naar de zon gekeerd is. Een oceaan is donkerder dan land, wolken zijn lichter dan land, terwijl sneeuw en ijs zeer weerkaatsend zijn. Het maandelijks gemiddelde varieert met ± 1 % in functie van de seizoenen (groter in maart, en kleiner in juni/juli). De wereldwijde albedo kan via talrijke satellieten zeer nauwkeurig gemeten worden (afwijking slechts ± 0.15 %).
De blauwe lijn in Figuur 9 toont de warmte-uitstraling van de aarde naar de ruimte zonder dat er warmte weerhouden wordt. Alle broeikasgassen tezamen (maar zonder CO2) beperken het warmteverlies met 12.1 %. Met 400 ppm CO2 erbij is er een verdere beperking van 7.6 %. Met 800 ppm is er slechts een bijkomende beperking van warmteverlies van 0.8 %. Een groot gedeelte van de warmtestraling verdwijnt in het heelal. Hoe belangrijk is die (bijna) 1 % toename van het beperken van warmteverlies? Koonin (2024) haalt aan dat de IPCC-klimaatmodellen een stijging van de temperatuur van 3 °C voorspellen bij een toename van CO2 tot 800 ppm. We moeten er rekening mee houden dat de foutmarge daarbij groter wordt gezien er tijdens de tijdsspanne om verdubbeling van CO2 te krijgen er bv. meer wolken kunnen ontstaan of meer aërosolen die de temperatuur dan weer kunnen doen dalen. Klimaatdoemdenkers gaan al vlug beweren dat de wereldwijde temperatuur dan met 20 % toeneemt (3/15 = 20 %). Dat is een fout besluit vermits de Stefan-Boltzman wet rekent met de Kelvin schaal. Daarin is 15 °C ± gelijk aan 288 K.
Dus dan is 3 graden op 288 K gelijk aan 1 % opwarming.
Waterdamp is een van de belangrijkste gassen die het grootste deel van de weerhouden warmtestraling (tijdelijk) absorbeert, hoewel zijn concentratie maar ongeveer 0.4 % van de moleculen in de atmosfeer uitmaakt. Waterdamp heeft over de ganse schaal een invloed op het weerhouden van warmte, maar vooral bij lage golfgetallen van 0 tot 600 cm -1 (langgolvige infraroodstralen) alsook bij kortere infraroodstraling (golfgetallen tussen 1200 en 2300 cm-1). CO2 is daarna het tweede belangrijkste gas om warmte te weerhouden. Zonder CO2 zou de aarde veel meer afkoelen (zie groene lijn bij golfgetallen tussen 560 en 780 cm-1 in Figuur 9. Met 400 ppm CO2 wordt de afkoeling zeer sterk teruggedrongen (zwarte lijn in Figuur 9 ter hoogte van CO2). Een verdubbeling van CO2 tot 800 ppm heeft praktisch geen invloed meer op het reduceren van het warmteverlies (slechts ± 0.8 %, rode lijn in Figuur 9, Koonin 2024).
Warmtestraling bij korte golflengten (= grote golfgetallen) gebeurt praktisch niet (zie Figuur 9 boven, kleine groene lijntjes uiterst rechts). Momenteel wordt ± 7 % van de warmte geabsorbeerd door CO2. Alhoewel zijn concentratie slechts 420 ppm bedraagt, is de warmte-absorptie zo hoog omwille van zijn zeer hoge absorptie-coëfficiënt bij kleine golfgetallen (dus bij grote golflengten van infrarood licht).
Figuur 9 toont ook de invloeden van de andere broeikasgassen ozon (O3), stikstofoxide (N2O) en methaan (CH4). Uit Figuur 9 kunnen we besluiten dat een verdere verhoging van de CO2-concentratie niet als trigger kan fungeren voor klimaatopwarming (niet nu en ook niet in het verleden) (Koonin, 2024).
Figuur 9: Totale warmte-emissie (bovenste deel, blauwe lijn) en beperking van de warmtestraling (zwarte lijn) door verschillende elementen, waarvan water (H2O) de belangrijkste is (Van Wijngaarden & Happer, 2020).
De mens heeft maar weinig invloed op gigantische factoren die het klimaat kunnen beïnvloeden, waaronder, naast hogergenoemde factoren, ook zeker de kosmische straling van belang is. De door CO2 gecapteerde inkomende zonnestraling, absorptie genoemd, ligt bij golflengten tussen 1300 en 1450 nm en tussen 1750 en 1900 nm (zie Figuur 8). Dit zijn relatief korte golflengten en doen de aarde matig opwarmen (ze geven nl. aanleiding tot grote golfgetallen: zie Figuur 9 groene lijntjes uiterst rechts).
De absorptie van langgolvige Infrarode straling doet de atmosfeer opwarmen door het capteren van de uitgezonden warmtestraling (Zie Figuur 9, vooral golfgetallen tussen 600 en 800 cm-1). Zoals reeds vermeld wordt bij 400 ppm CO2 praktisch alle warmtestraling die door CO2 kan worden geabsorbeerd, reeds geabsorbeerd en een verdubbeling van CO2 tot 800 ppm heeft praktisch geen invloed meer op het opwarmen (0.8%).
Voor de niet-wetenschapper kan die opname van de warmtestraling door CO2 vergeleken worden met een doorzichtig gordijn. Zonder CO2 kan men met een lamp door het gordijn schijnen en het licht gaat er vlot doorheen (dit komt overeen met de groene lijn in Figuur 9 (vooral tussen golffrequentie 600 en 750) hetgeen geen warmte-absorptie door CO2 voorstelt. Met 400 ppm is het midden van het gordijn veel dikker waardoor er praktisch geen licht doorgaat, zodat er een warmte-absorptie is door CO2 (zwarte lijn in Figuur 9 vooral tussen golfgetal 600 en 850). Met 800 ppm CO2 zijn ook de randen van het gordijn dikker, waardoor er nog iets minder licht doorheen gaat. Dit kan men zich voorstellen dat ook de vleugeltjes van de CO2 absorptiepiek breder en dikker worden zodat er iets licht wordt tegengehouden.
Hoe zit het met de menselijke invloed op de huidige klimaatopwarming?
Rekenen met de Stefan-Boltzmann-wet. De Stefan-Boltzmann-wet berekent het stralingsevenwicht tussen de ingestraalde en de uitgestraalde energie. Alle berekeningen zijn in graden Kelvin (K). F0= σ.T4 in W/m2 waarin F0 = uitgestraalde flux (W/m²); σ =5.670374419 x 10-8 W/(m²·K⁴) en T = temperatuur in Kelvin.
Reeds hoger werd aangegeven dat metingen uitgevoerd door 4 onafhankelijke onderzoeksinstellingen een toename van ± 1,1 °C waarnamen in de periode van 1850 tot 2019 met een CO2-verandering van 339 naar 400 ppm (= 61 ppm) te wijten aan menselijke activiteit. Bij verhoging van de CO2-concentratie van 400 naar 800 ppm geven de klimaatmodellen aan dat er een opwarming verwacht wordt van 3°C rond 2100, oftewel een temperatuursverhoging van 1 %, nl. 3 graden op 288 K is 1 % te wijten aan menselijke activiteit hetgeen nog vrij gering is. Bovendien is de foutenmarge groter zo ver in de toekomst (Koonin, 2024).
Wat met de temperatuur 550 miljoen jaar geleden?
De temperatuur op aarde was 550 MJ ± 15 °C warmer dan momenteel, dus ± 30 °C. Hoeveel extra-warmte moet de aarde dan opnemen om 15 K extra uitstraling te kunnen geven om de temperatuur van 550 MJ te bekomen?
De Stefan-Boltzmann-wet geeft aan hoeveel een zwart lichaam per oppervlakte-eenheid uitstraalt:
F0= σ.T04 in W/m2 waarin: F0 = uitgestraalde flux (W/m²) met σ =5.670374419 x 10-8 W/(m².·K⁴) en T0 = temperatuur in Kelvin
Hoeveel extra flux hoort dan bij een temperatuurstijging van 15 K?
1. Uitgangspunt: gemiddelde effectieve aardtemperatuur. De aarde straalt gemiddeld uit alsof ze een temperatuur heeft van ongeveer: T0 = ±255 K (dit is de stralings-temperatuur, nl. -18 °C = 255 K, niet de oppervlaktetemperatuur).
2. Nieuwe temperatuur: T1=T0+15=270 K
3. Bereken de fluxen:
Huidige flux: F0= σT04= σ x (2554) en dus is F0 = ± 239 W/m2 Flux bij +15 K (255+15=270 K): F1= σT14= σ x (2704) en dus is F1 = ± 302 W/m2 .
4. De extra benodigde warmteflux is dus: F1 – F0 = 302 – 239 = 63 W/m2. De aarde moet dan ± 63 W/m² extra warmte opnemen om volgens Stefan-Boltzmann 15 K meer uit te stralen, en dat is gigantisch veel!
Dat lijkt bijna onverenigbaar met de inkomende zonneflux (gemiddeld ± 340 W/m2) aan de top van de atmosfeer, waarvan maar een deel (± 70%) geabsorbeerd wordt. Het lijkt weinig waarschijnlijk dat de instraling van de zon zoveel hoger was 550 miljoen jaar geleden. Het maakt de opwarming en de CO2 uitstoot door vulkanische activiteit veel waarschijnlijker.
Volgens de klimaatactivisten die CO2 als trigger zien van de opwarming en die spreken van kokende oceanen, geeft dus 61 ppm CO2 (400-339) 1,1 °C extra. De CO2-concentratie 550 MJ was 12000 ppm.
Volgens de logica van de klimaatactivisten zou de hoge concentratie CO2 dan een temperatuur van 12000/61= 196.7 °C moeten opleveren, waar geen evidentie voor gevonden is! De grote vraag is: kan dit eigenlijk wel en hoe hoog moet de temperatuur op aarde dan worden om genoeg stralingswarmte te kunnen uitzenden om die hoge temperatuur te bereiken?
Laten we het probleem even narekenen met de stralingswet van Stefan-Boltzmann.
1. Temperatuur omzetten
De huidige gemiddelde aardtemperatuur is ± 15°C = 288 K
De afgeleide “activistische temperatuur” is dan: 196 + 273 = 469 K (273= 255K (=-18°C) + 18 K omdat er een atmosfeer verondersteld wordt die warmte weerhoudt).
2. Hoeveel extra-stralingsvermogen hoort bij 196 °C oftewel 196 + 273 = 469 K?
De uitgestraalde warmtestroom van een zwart lichaam is: F0 = σ.T4 in W/m2 .
Als we rekenen met de verhoudingen, krijgen we het volgende: (F1 bij 469 K/F0 bij 288 K)4; dus 469/228 = ± 1,63; dus 1,634 = ± 7.
Dus volgens Boltzmann zou de aarde bij 196 °C ongeveer 7 keer meer stralingswarmte per m2 moeten afgeven dan nu.
3. Wat betekent dat fysisch?
De huidige energiebalans geeft netto ± 240 W/m2 uitstraling naar de ruimte. Bij 196 °C zou dat dan ruwweg 7 x 240 = ± 1700 W/m2 moeten zijn. Dat is compleet onverenigbaar met de inkomende zonneflux, gemiddeld ± 340W/m2 aan de top van de atmosfeer, waarvan maar een deel (± 70%) geabsorbeerd wordt. Met andere woorden: om zo een temperatuur te halen, zouden we óf een veel fellere zon, óf een totaal andere planeet moeten hebben.
4. Onderliggende pointe
We moeten hier een duidelijk onderscheid maken tussen een “activistische rekenregel” en wetten uit de fysica. Een lineaire regel “61 ppm geeft 1,1 graad opwarming” en dat doortrekken naar 12000 ppm levert fysisch absurde resultaten. In de echte klimaatfysica is de stralingsforcing van CO2 logarithmisch in functie van de concentratie, en de temperatuurrespons wordt bovendien begrensd door de energiebalans met de zon en door terugkoppelingen.
Voor diegenen die niet graag met golfgetallen werken zoals in Figuur 9, staat hieronder Figuur 10 met zowel de instraling van korte golflengten (0.2 tot 4 µm = 200 tot 4000 nm) als de warmtestraling bij lange golflengten (boven 4 µm tot 70 µm = 4000 tot 70.000 nm) aangegeven.
De zon straalt voornamelijk zichtbaar licht naar de aarde, grotendeels met een golflengte kleiner dan 4 μm (= 4000 nm). De bodem straalt warmtestraling terug omhoog, vrijwel allemaal met een golflengte groter dan 4 μm. De warmtestraling van de grond kan niet ongehinderd naar de ruimte stralen.
Broeikasgassen zoals waterdamp (H2O), kooldioxide (CO2) en methaan (CH4) nemen de warmtestraling op (lange golflengten boven 4000 nm!). Hoe sterk deze moleculen de warmtestraling opnemen hangt af van de golflengte van de straling en van de aard van de moleculen. Bij sommige golflengten kan de warmtestraling vrijwel ongehinderd door de atmosfeer stralen, dit zijn de witte stukken in Figuur 10. Bij andere golflengten wordt vrijwel alle straling door de broeikasgassen opgenomen, dit zijn de grijze banden in Figuur 10. Het sterkst geldt dit voor straling rond 15 μm, vooral te wijten aan CO2 en waterdamp. Uit Figuur 10 blijkt ook dat de meeste warmtestraling boven 4 µm (= 4000 nm) onderweg van de grond naar boven door waterdamp, CO2 en andere broeikasgassen opgevangen wordt. Ozon is een uitzondering en de golflengten van 0.2 tot 0.3 µm (200-300 nm) van het ingestraalde zonlicht wordt al geabsorbeerd in de stratosfeer waardoor die opwarmt (zie Figuur 6).
Figuur 10: Atmosferische absorptiebanden uitgedrukt in µm.
Tijdsschaal van enkele belangrijke ontwikkelingen van het leven op aarde.
Gedurende de eerste 4 miljard jaar van de geschiedenis van de aarde was er op de continenten geen leven buiten micro-organismen waaronder bacteriën. Landplanten (zoals mossen, levermossen en de (blad)mossen) ontstonden uit zoetwaterwieren zo’n 500-450 MJ. Later evolueerden hieruit varens, dan coniferen (naaktzadigen) en uiteindelijk bloemplanten (bedektzadigen) zo een 150 à 130 MJ. Door de ontwikkeling van vaatbundels voor het transport van water en mineralen konden dan grotere planten zoals bomen ontstaan. De vroege mosachtige planten creëerden habitats voor landdieren, en bereidden de weg voor andere planten voor. Landplanten maakten de continenten groen, en creëerden zo een habitat voor dieren. De kolonisatie van het land door meercellige organismen, valt samen met de periode waarin het leven in de zeeën meer divers en talrijker werd, hetgeen men de “Cambrische explosie” noemt. Groene planten nemen veel van de CO2 op en konden zo mogelijk een invloed hebben op de temperatuur (cfr. Figuur 3).
Carboon: 359-299 MJ was bekend om zijn uitgestrekte, tropische en vochtige moerasbossen met reusachtige varens, paardestaarten en wolfsklauwachtigen die de basis vormden voor veengebieden en de huidige steenkoolvoorraden. De landen van de Benelux lagen toen nabij de evenaar (de Jager, 2012). Het was een tijd van hoge zeespiegel (100 à 120 m hoger dan nu), hoge zuurstofniveaus in de atmosfeer met ontwikkeling van zeer grote insecten. Er waren veel amfibieën en er was het ontstaan van de eerste reptielen. Grote continenten bewogen naar elkaar toe, wat ook leidde tot de vorming van bergketens zoals de Ardennen.
Dinosauriërs leefden van 266 tot 66 MJ en ze stierven uit door de inslag van een gigantische meteoriet die de aarde met een grote stofwolk omhulde.
Zoogdieren ontstonden 60 MJ in een warm klimaat rond de evenaar. De huidige mens is laat ontstaan (200.000 jaar geleden) en is eigenlijk een tropische soort die zou overlijden aan onderkoeling als hij naakt in de schaduw ligt bij 20°C! Dank zij kledij en bescherming in grotten kon hij de koude periodes overleven verder verwijderd van de evenaar. Pas na de opwarmingsperiode zo een 10.000 jaar geleden is hij naar buiten kunnen treden en hebben zich de grote beschavingen kunnen ontwikkelen (bv. in Egypte, Perzië, China).
Gangbare stellingen van doemdenkers
Voor vele weerdeskundigen, journalisten en politici is er blijkbaar een nieuw “stopwoord” ontstaan, of liever een klein zinnetje: “dat komt door de klimaatopwarming”, zonder dat ze daarvoor ook maar enig wetenschappelijk bewijs leveren. Dikwijls zijn de besluiten genomen uit onwetendheid of zelfs met kwade bedoelingen zoals ook aangehaald door de YouTube film (zie referentie). Zo blijkt de menselijke invloed op het ontstaan van meer hittegolven, droogte, overstromingen, stormen, natuurbranden verre van bewezen als men die verschijnselen op wereldschaal analyseert. De vele branden die we in 2025 gekend hebben in diverse regio’s in de wereld (regio boven Los Angeles, Portugal, Spanje, Griekenland) wijten de doemdenkers aan de klimaatopwarming. Ze vergeten hierbij te vermelden dat de meeste van die branden werden aangestoken en men heeft in elk van die landen tientallen pyromanen kunnen oppakken. Bovendien kunnen glasscherven het zonlicht in 1 punt concentreren waardoor ook brand kan ontstaan, naast natuurlijk blikseminslagen. De massale regenval gepaard gaande met zware overstromingen in Portugal en Spanje in Januari-Februari 2026 is niets nieuws onder de zon! Zoals hoger aangehaald gebeurde iets gelijkaardigs in Liangzhu ±4300 jaar geleden waardoor de toenmalig grootste stad gedoemd was te verdwijnen.
Natuurlijk als men onwaarheden genoeg blijft herhalen, begint men vlug iets als waar te aanvaarden en maakt men deel uit van, en voelt men zich goed bij een wereldwijde “consensus”. Dit geldt natuurlijk ook in de politiek zoals we momenteel te dikwijls moeten constateren met grove leugens komende zowel uit het Westen, het Noorden als het Oosten.
Momenteel deelt men de atmosfeer rond de aarde in in kubussen van 100x100x100 Km. Om betere modellen te ontwikkelen (10×10 m en de hoogte slechts de dikte van een pannenkoek) zou men eerst veel krachtigere computers moeten ontwikkelen die duizenden malen, liefst miljoenen keren, sneller werken dan de huidige. Dat is nog toekomstmuziek. In zijn boek relativeert Koonin (2024) ook de opwarming die daadwerkelijk optreedt. Bij
verdubbeling van de huidige ppm CO2 geven klimaatmodellen een mogelijke opwarming van 3 °C, maar dat is slechts een stijging van 1 % van de huidige temperatuur van 288 K. Inschattingen van alle menselijke invloeden op het klimaat t.o.v. de ± 239 W/m2 instraling op zeeniveau, is ergens 2 W/m2 of rond 1 %.
Een grappig feit is dat vooral jonge doemdenkers het verdwijnen van de bodem-watervoorraden in april mei 2025, nochtans overvloedig bijgevuld in 2024, ook wijten aan klimaatopwarming. Natuurlijk kunnen deze jonge mensen er ook niet aan doen dat ze einde vorige eeuw of zelfs deze eeuw geboren zijn. Ze hebben, sinds onbekwame politici ons degelijk onderwijs naar de vaantjes geholpen hebben, nooit de kans gehad om goede basiskennis te verwerven. Zo leerden we in de jaren 50 van vorige eeuw al in de lagere school dat monniken moerassen hebben drooggelegd om er landbouwgrond van te maken. Daarna zijn een aantal dwazen rivieren gaan rechttrekken waardoor de bergingscapaciteit voor water met een factor ± 3 à 4 is afgenomen. Anderen hebben dan de afgesplitste meanders opgevuld en corrupte politici en zakkenvullers hebben bouwtoelatingen verleend in de vroegere overstromingsgebieden. Als er dan toch overstromingen kwamen in die foute verkavelingen, is men dijken beginnen bouwen om het water versneld af te voeren.
En nu moet de brave burger er weer voor opdraaien, want men steekt veel onderzoeksgeld in projecten om het water minder snel af te voeren, bv. de reien in Brugge, in Voeren en sluissystemen in de landbouw. Op 15 juli 2025 kregen we te horen dat Vlaanderen een slordige 300 miljoen euro zou investeren om te vermijden dat het regenwater versneld wordt afgevoerd. Hierdoor draait de gewone burger weer op voor de fouten van corrupte politici in het verleden. Zou het niet eenvoudiger zijn om de rivieren hun natuurlijke overstromingsgebieden terug te geven? Dat heeft zeker vroeger zijn nut bewezen.
John Clauser.
De Amerikaanse Nobelprijswinnaar (2022, Fysica) John Clauser noemt het klimaatdoemdenken niet alleen een fabeltje, maar echte oplichterij. Sinds 1800 tot 2019 is wereldwijd de temperatuur met ± 1,1 °C gestegen. Bij een verdubbeling van CO2 van 400 naar 800 ppm (verwacht tegen 2100) zou het weerhouden van de stralingswarmte met ± 1% stijgen, maar de voorspelling van een temperatuurstijging van 3°C tegen 2100 heeft te lijden aan een zeer grote onnauwkeurigheid te wijten aan o.a. te verwachten toegenomen
bewolking en door verbranding ontstane aërosolen. Zelfs als de temperatuur met 3°C stijgt, is dat maar een stijging van 1 % berekend in °K. Natuurlijk zijn er vele miljarden onderzoeksgeld mee gemoeid dat gemakkelijk te bekomen is en dat weer verdwijnt als men stopt met doemdenken. Laat onafhankelijke wetenschappers terug een prominente rol vervullen in de geschiedenis! Het is zeker aan te raden om de volgende video te bekijken met o.a. Nobelprijswinnaar John Clauser en andere excellente wetenschappers. Iedereen kan zelf uitmaken om in de zeer dure val van doemdenkers te trappen of niet. Laat de exacte wetenschappen bepalend zijn.
Conclusies
Wetenschappelijk klimaatonderzoek laat ons concluderen dat wereldwijd de grote veranderingen in het klimaat niet gebeurd zijn door menselijk ingrijpen en de meeste spectaculaire veranderingen gebeurden zelfs voordat de huidige mens op aarde verscheen. Ongeveer 550 MJ was de temperatuur gemiddeld 13 °C warmer dan nu. Er zijn bovendien periodes met zeer hoge CO2-concentraties opgetreden die zeer sterk konden schommelen.
Ook tijdens de ijstijden was de CO2-concentratie hoger dan momenteel. Ongeveer 45 MJ lag de Benelux op dezelfde locatie op de wereldbol (49-53 Noorderbreedte) maar had toen een zeer warm klimaat en N-Frankrijk, Vlaanderen en Nederland lagen onder water. – Sommige “klimaatwetenschappers” zijn ervan overtuigd dat hoge CO2-concentraties automatisch leiden naar hogere temperaturen. Uit bovenstaande gegevens uit de wetenschappelijke literatuur blijkt duidelijk dat dit niet zo is. Er spelen zeer veel factoren mee bij dit alles.
Kunnen die klimaatwetenschappers de 40 miljoen jaar durende koude periode verklaren ± 300 MJ geleden terwijl de CO2-concentraties minstens even groot waren als nu? – Wat de wetenschap ons leert is dat er grote klimaatveranderingen kunnen optreden waarop mensen niet de minste invloed hebben. Er spelen talloze processen mee die een invloed op het klimaat kunnen hebben.
Vele daarvan zijn niet in klimaatmodellen te stoppen, zoals o.a. vulkaanuitbarstingen, platentektoniek e.d.. Sommige gebieden zullen opwarmen in de toekomst, en andere afkoelen, en het is best mogelijk dat een groot deel van het Noordpoolijs zal smelten, maar elders zou het dan veel kouder kunnen worden.
Gezien er een continue en wereldwijde monitoring is door duizenden satellieten, kan het voor sommigen lijken dat er meer natuurrampen voorkomen omdat al die informatie momenteel rechtstreeks en binnen enkele seconden op ons afkomt.
CO2 is een voedingsstof voor planten. Normaal zou men verwachten dat planten veel sneller groeien en het teveel aan CO2 wegwerken. Dit gebeurt niet omdat in de uitgestoten gassen componenten aanwezig zijn die de huidmondjes sluiten zodat planten minder CO2 opnemen (o.a. door uitstoot van SO2). – 400 ppm CO2 is zeker nog goed te verdragen, en bij 800 ppm zouden sommigen misschien wat slaperiger worden.
We moeten zeker vermijden om naar CO2-concentraties te gaan van 550 MJ (± 12000 ppm), want dat zouden de meesten niet overleven. Waarschijnlijk gaat het genotype van de mens niet snel genoeg veranderen om zich aan die hoge ppm CO2 aan te passen.
We moeten ook rekening houden met het feit dat de huidige CO2-concentraties nog zeer lang (> 1000 jaar) behouden blijven, en methaan ± 25 jaar.
Er zijn wel goede redenen om fossiele brandstoffen af te bouwen en zelfvoorzienend te worden voor energie, gezien de geopolitieke situatie in de wereld. Het lijkt echter onverstandig om de producenten van groene energie hiervoor te beboeten door organisaties met monopolies zoals bv. Fluvius en de investeerders in groene energie te belasten voor elektriciteit die men op het net plaatst.
We leven in een omgekeerde wereld en wie goed doet, wordt bestraft. Men kan zich zelfs de vraag stellen of we van “groene” energie mogen spreken of dat we eerder van gevaarlijk vergiftigde energie moeten spreken als we bedenken wat er moet gebeuren met bv. de versleten wieken van windmolens, zonnepanelen e.a.
De grote vraag die nog niet beantwoord werd: hoeveel kosten de klimaatdoemdenkers ons in België en de EU en gaat de bevolking akkoord om ons geld zomaar weg te smijten in een bodemloze put zonder resultaat te boeken?
Wat is het effect van EU-emissies op het wereldklimaat?
Eerst de harde cijfers: België heeft maar een zeer klein percentage van de wereldbevolking. Samen hebben de EU + UK + Australië ≈ 7% van de wereldbevolking. De uitstoot van de ganse EU + UK + Australië ≈ 7% van de wereldwijde CO₂-emissies.
Daartegenover hebben China ≈ 30%, VS ≈ 14%, India ≈ 7%, Rusland ≈ 5%; Indonesië ≈ 4% samen meer dan de helft van de wereldwijde uitstoot (≈ 60%).
Wat betekent dat fysisch?
Zelfs als de EU morgen 100% emissievrij zou worden, en zo ver is het lang nog niet, dan vermindert dat de wereldwijde uitstoot met slechts ± 7%. Dat is:
1) een verwaarloosbaar effect op de wereldwijde opwarming, die trouwens zeer laag is (± 1% tegen 2100),
2) een niet-meetbaar effect op zeespiegelstijging,
3) een niet-meetbaar effect op extreme weersomstandigheden.
Waarom zet de EU dan toch zo zwaar in op klimaatbeleid?
Een argument zou kunnen zijn dat de EU denkt een moreel voorbeeld te moeten geven, dat streng beleid innovatie zou kunnen stimuleren en dat andere landen dan vanzelf zullen volgen.
In de praktijk zien we dat China meer nieuwe steenkoolcentrales bouwt dan de EU ooit heeft gesloten, en dat India en Indonesië hun energieproductie verhogen vooral met fossiele brandstoffen. In de USA blijkt het beleid te wisselen afhankelijk van de regering of van de president. Het zal waarschijnlijk moeilijk zijn om aan te tonen dat het EU-beleid ook maar enige invloed heeft om andere grootmachten tot CO2-reducties aan te zetten. Waarom zou de EU zo een beleid dan verder zetten?
Het economische tegenargument
Een streng klimaatbeleid verhoogt de energieprijzen, en dus de productiekosten, de transportkosten alsook de loonkosten. Als gevolg daarvan verhuist de productie van EU-bedrijven naar landen met lagere normen, zoals bv. China, India en Vietnam. De EU verliest het grootste deel van zijn industrie terwijl de wereldwijde emissies blijven stijgen waar de EU, UK en Australië geen significante invloed op hebben. Bovendien is de menselijke invloed op de opwarming die dan door onze concurrenten veroorzaakt wordt, slechts 1% verwacht tegen 2100, en dat is verre van het drama dat doemdenkers voorhouden. Is die 1 % invloed opwarming dan de moeite waard om in onze landen zoveel miserie te creëren alleen maar door foute informatie door de “consensus” klimaatdoemdenkers” die ook door de media verspreid wordt? Als het zover komt dat we niet meer kunnen concurreren, geen behoorlijke industrie meer hebben, worden we volledig afhankelijk van buitenlandse productie. Om dan de verloren gegane industrie terug op te bouwen zal moeilijk zijn en veel geld kosten en de concurrentiedruk van buitenaf zal zeer groot zijn.
Wat kunnen we misschien wel doen?
Sommige maatregelen zijn economisch zinvol zoals geleidelijk aan voldoende isolatie plaatsen met efficiënte natuurlijke verluchting. Op deze punten kan er nog innovatie mogelijk zijn zonder teveel kosten. Een woning potdicht maken zodat bijkomende ventilatie nodig is, die ook weer veel elektriciteit verbruikt, is potentieel zinloos.
Verplichte en snelle afbouw van betrouwbare energie, verplichte renovaties en veel te dure elektriciteit zijn dus niet aan te raden. Hetzelfde geldt natuurlijk voor elektrische auto’s die eigenlijk gezien de huidige stand van de techniek, uit den boze zijn, zeer veel kosten en op termijn de energie van een grote kerncentrale vereisen.
Bovendien moet overal de elektriciteitsinfrastructuur worden verzwaard en niet een klein beetje! Als de EU in 2008 kordaat had opgetreden tegen de auto-industrie in plaats van hen 15 jaar te geven om hun auto’s aan te passen, zouden we reeds lang met veel betere dieselauto’s rijden, die er nu toch noodgedwongen komen.
Veel van ons belastinggeld zou nuttiger kunnen besteed worden in plaats van de verspillingen aan klimaatdoelstellingen, EPC, isolatieregels, honderden miljoenen voor de (grond)waterhuishouding, en ook aan het veel te grote aantal politiek gemotiveerde instellingen.
Als politici willen uitmunten in veiligheid, zou men eerder aandacht moeten besteden aan echt gevaarlijke stoffen zoals bv. sucralose, dat bewezen kankerverwekkend is en vetzucht doorgeeft van moeder op kind. Zeker in een land als België moet het wel in oppervlakte- en kraantjeswater voorkomen, maar het wordt blijkbaar niet gemeten. Waarschijnlijk is dat product erger dan PFAS en stikstof tezamen. Ook triazolen in drinkwater verdienen meer aandacht.
Als wij in Europa in de toekomst niet onder een dictatuur willen leven, moeten onze centen beter gebruikt worden door te zorgen voor een efficiënte verdediging als afschrikking. De dictatoriale regimes hebben trouwens lak aan klimaatopwarming en onze goede bedoelingen, en blijven de fossiele brandstoffen overdadig gebruiken.
***
Literatuur:
YouTube filmpje met o.a. Nobelprijswinnaar (2022, Fysica) John Clauser:
Bobrowsky P.t. (eds) Encyclopedia of Natural Hazards. Encyclopedia of Earth Sciences Series. Springer, Dordrecht.
Cheng L., J. Abraham, J. Zhu et al. (2020) Record-setting Ocean Warmth continued in 2019. Adv. Atmospheric Sc. 37, 137-142.
de Jager J. (2012) Nederland door de geologische tijd: 600 miljoen jaar verandering van plaats en klimaat. Gea, december 2012, nr. 4, 97-103.
Donovan K (2013). Mt Pinatubo in: Bobrowsky P.t. (eds) Encyclopedia of Natural Hazards. Encyclopedia of Earth Sciences Series. Springer, Dordrecht. https://doi.org/10.1007/978-1-4020-4399-4_268.
Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut. Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Koonin S.E. (2024) Unsettled: What climate science tells us, what it doesn’t, and why it matters.
BenBella Books, Inc., Dallas, TX 75231. ISBN: 9781637745250.
Manning S.W., F. Höflmayer, N. Moeller et al. (2014). Dating the Thera (Santorini) eruption: archaeological and scientific evidence supporting a high chronology. Antiquity 88 (2014): 1164-1179.
Newhall C.G., A.S. Daag, F.G. Delfin jr. et al. (1996) Eruptive History of Mount Pinatubo. USGS publications Warehouse, p 165-195.
Taquet Noémie, Th. Boulesteix, O. Garcia et al. (2025) Volatile emissions during the 2021 Cumbre Vieja (La Palma) eruption integrating multiplatform atmospheric observations. Atmos. Chem. Phys., 25, 14591 14628.
Raible C.C., S. Brönnimann, R. Auchmann et al. (2016) Tambora 1815 as a test case for high impact volcanic eruptions: Earth system effects. WIREs Clim Change 2016, 7:569-589. doi: 10.1002/wcc.407.
Van Horebeek N., N. J. de Winter, M. Baatsen, M. Ziegler, R. P. Speijer & J. Vellekoop(2025) A European monsoon-like climate in a warmhouse world. Nature Communications |16: 9207
Van Wijngaarden W.A. and W. Happer (2020) Dependence of Earth’s Thermal Radiation on Five Most Abundant Greenhouse Gases. arXiv:2006.03098v1 [physics.ao-ph] 4 Jun 2020.
Waters J.M. (2008) Driven by the West Wind Drift? A synthesis of southern temperate marine biogeography, with new directions for dispersalism. J. Biogeography 35, 417-427.
Zhang H., H. Cheng, A. Sinha et al. (2021) Collapse of the Liangzhu and other Neolithic cultures in the lower Yangtze region in response to climate change. Science Advances 7, eabi9275 (2021).
***
Morgen volgt de reactie van de diensten van de Europese Commissie op deze analyse.
***

De conclusie:
Als de politiek (ook in Nederland) er van uit blijft gaan dat natuurlijke wereldwijd overheersende waterdamp uitstoot NIET een veel sterkere klimaatfactor is dan de menselijke koolstofdioxide uitstoot….. nog los van de 40 overige aardse en kosmische natuurlijke wereldklinaat beïnvloedende klimaatfactoren….. dan blijven we belastinggeld zinloos verspillen aan mitigatie (‘stoppen van klimaatversndering’) in plaats van nuttige adaptatie (‘dijken versterken’) aan klimaatverandering..
De kritische klimaat-fysici (inclusief diverse Nobelprijs winnaren) blijven waterdamp als de grote dominante klimaatfactor aanwijzen en niet koolstofdioxide in tegenwerping van het gepolitiseerde VN-IPCC.
Waterdamp is immers niet te fiscaliseren door de politiek …. CO2-uitstoot daarentegen wel.
Dat wordt lol als we watestofgas gaan verbranden op grote schaal. 2 H2 (g) + O2 (g) → 2 H2O(g). Condensers op de uitlaten ?
60% ‘hernieuwbaar’ energie verlies…. om waterstof energie te maken.
“Zelfs als de temperatuur met 3°C stijgt, is dat maar een stijging van 1 % berekend in °K.”
Tja, dan heb je er dus helemaal niets van begrepen.
Als je lichaamstemperatuur vzn 37 naar 40°C stijgt, is dat ook maar 1% in K maar je voelt je ziek als een hond en geraakt je bed niet uit.
Maar blijf geloven dat er dan geen crisis is!
“Als je lichaamstemperatuur vzn 37 naar 40°C stijgt, is dat ook maar 1% in K..” Tja, dan heb je er dus helemaal niets van begrepen.
Volgens de modellen zou je bloed dan gaan koken vraag maar aan António Guterres.
Als ik water verwarm van 0 graden naar 50 graden , dat is 20% warmer dan voelt het warm aan.
@ modelleur
Er is de absoluter of thermodynamische temperatuur die een maat is voor de energie, Bij 0°K ligt alle beweging stil en is dus het nulpunt van de schaal wat °K doet
Er is ook de relatieve temperatuur die als nulpunt een goed definieerbare toestand neemt zoals Celcius die smeltend ijs neemt of Fahreheid die als nulpunt een zoutmengsel nam. Als boventemperatuur referentie nam Celcius kokend water en definieerde dit 100°C , Fahrenheid nam de temperatuur van het menselijk lichaam als boven referentiewaarde en noemde het 96°C ( een interessant weetje is dat in dit geval het verschil 64 is of twee tot de macht 6 , hij kon dan de chaal daartus verdelen in 6 maal de helft wat toen technisch eenvoudig was)
Wil jet de temperatuur als uitdrukking van energieinhoud gebruiken dan ben je verplicht steeds Kelvin te gebruiken zoniet betekenen de berekeningen nonsens
How you miss the point.
Als de aarde 3000 miligraden opwarmt dan smelten we.
Dee eenheid is Kelvin oftewel K, niet graden Kelvin.
“Tja, dan heb je er dus helemaal niets van begrepen.”
Zei de modellerende onheilsprofeet tegen zijn meester.
Prachtig mooi overzicht over het ontstaan van onze aarde en de werking van het klimaat, maar in de conclusies weer de bekende platitudes waarmee men de strijd niet gaat winnen van Stientje . ( de politiek )
Ik blijf het zeggen hoor :
1)De CO2 uitstoot daalt niet maar stijgt! Sneller dan ooit ( sinds begin 20 ste eeuw toen de consumptie van brandstoffen pas echt op gang kwam , dus niet halverwege de 19de eeuw ) als gevolg van de ‘ maatregelen inzake Parijs’ ( wetenschappelijk aantoonbaar, maar hardnekkig ontkend door de huiswetenschappers ) ‘Parijs’ wordt aan de burgers verkocht als de manier om de wereldwijde consumptie van brandstoffen te verminderen, maar het tegenovergestelde is de praktijk; een orgie van verspilling van brandstoffen is het en ja , dat natuurlijk in het kader van de ECONOMIE VAN DE ENERGIETRANSITIE , waarom anders . Tot nu toe heb ik niet éen publicatie gezien in al die jaren, waarin dát feit wordt benoemd. Eindeloos blijft men ronddraaien. Keurig binnen de lijntjes van het voorgeschreven narratief zo wordt duidelijk in de conclusies ook hier weer .
2) Niet de EU zette in op klimaatbeleid , maar de VN , die dat via NGO’s implementeerde in het beleid van Westerse regeringen. ( het Europese Parlement bestaat voor een groot deel uit lobbyisten van NGO’s .Gisteren stapte de gevaarlijkste op ) De VS hebben nu gebroken met dat beleid hetgeen uiteraard grote gevolgen zal hebben voor de concurrentieverhoudingen tussen de EU en de VS bij ontbreken van een level playing field. De VS zetten weer terug in op het streven naar brandstofefficiëntie en terughalen van de maakindustrie in reactie op de periode van verplaatsing daarvan vanaf de 70 er jaren, wat inmiddels heeft geleid tot enorme investeringen in oa de staalindustrie en energie- industrie. Dat heeft ook grote gevolgen voor de sociaal economische verhoudingen , hetgeen tot uiting komt in de blinde paniek in de media over de Trump administration .
3) ik eindig met het advies waar ik 15 jaar geleden als energieadviseur mee begon: ‘als je energie wilt besparen moet je minder energie gebruiken dan voorheen ”.
Voorwoord bij mijn verhaal ‘ het einde van de vooruitgang’ ; ‘Energie vanaf de oerknal tot aan… de energietransitie’ ; ‘van engineering naar financial engineering” :
”Bij het verbranden (vuur) van een ‘brandstof ‘ komt warmte vrij. In een ‘warmtemachine’ – motor/ turbine- wordt warmte omgezet in mechanische arbeid. De stoommachine was de eerste warmtemachine en vormde, in het proces van de vooruitgang van de mens, verreweg de belangrijkste gebeurtenis. Een gebeurtenis die het leven van de mens wezenlijk en ingrijpend zou veranderen met als gevolg dat de wereldbevolking razendsnel zou gaan groeien -van ca 1 miljard, begin 18de eeuw, tot de huidige 8 miljard zielen nu- en de gemiddelde leeftijd van mensen steeds hoger zou worden.
Sinds de uitvinding van de stoommachine werd de economie gaandeweg voor 100 % gebaseerd en afhankelijk van het verbranden van fossiele brandstoffen.
Vanaf de eerste werkende stoommachine, die James Watt bouwde rond 1750, begonnen Ingenieurs te werken aan het verbeteren van het rendement. Rond 1950 werd, na 250 jaar engineering, het, tot dan toe hoogst haalbare, rendement gehaald met een zogenaamde STEG -centrale van ca 60 % op de toegevoerde brandstof, ten opzichte van 19 % die de stoommachine van James Watt had gehaald. Volgens de Tweede wet van de Thermodynamica, waarvan Sadi Carnot de grondlegger was- een ongekende prestatie die sindsdien ook niet meer werd verbeterd.
In dit essay probeer ik duidelijk te maken dat: met de komst van -wat men de energietransitie ging noemen- het totale rendement van de opwekking van elektrische energie middels zonnepanelen, windmolens, batterijen, waterstof, weer ging dalen en daarmee een einde kwam aan de vooruitgang van ná de stoommachine. Anders gezegd: dat aan de periode waarin besparen op energie dé drijvende kracht was achter de vooruitgang, na 250 jaar een einde kwam. Besparen op energie werd verspillen van energie, grondstoffen en natuurlijke bronnen, zoals ik in dit verhaal probeer aan te tonen ”.
De werkelijkheid maakt niet meer uit, Kolen en Gas is rook, Nucleair is straling, dat mag niet meer. Wind en zon lijken gratis, het gaat om wat het lijkt.
De zeespiegel stijgt niet bij Vanuatu, het eiland daalt door grondwater onttrekking op bepaalde plekken. Maar dat maakt niet uit voor de Nos (TT125) we moeten iets doen samen met de Ukraine ook een van de voorstemmers. Straks ook hier weer de rechtszaken.
Het belangrijkste onderwerp vandaag TT108 krijgen de inreizende een Continental breakfast of wordt het vasten, wie regelt vandaag nog een net hotel. Deze mensen komen uit Afrika wie heeft onderweg dan voor het eten en onderdak gezorgd. Het kan wel.
”Eindeloos blijft men ronddraaien ” . Zie ook het uitblijven van enig fatsoenlijk antwoord op de vraag van Hans Labohm gisteren ” Waarom heeft het dominante klimaatnarratief zo’n hoge vlucht genomen? ”
‘dankzij de wetenschap zelf ”
Logisch met dat handjevol respondenten.
De ,meesten hebben afgehaakt.
Klimaatwaanzin is over.
Je hebt nu Oekraïne, Iran, Israël, Libanon, Mali….. Cuba?
Wat heb jij hier dan nog te zoeken Cornelia?
Trouwens, zou het niet zo kunnen zijn dat velen moedeloos zijn geworden van het gezeik van wat zieke geesten over Covid, oorlog tegen Rusland, WEF, Agenda 2030 en nog meer bagger die met het ‘klimaat’ niets te maken hebben?
overigens zeer interessant dit artikel en wat allemaal bekend werd dánkzij de wetenschap. In mijn verhaal geef ik ook een beschrijving van de gebeurtenissen sinds de oerknal op basis van wat deze wetenschappers beschrijven .
Wat ik nog mis is de periode dat de aarde een grote ijsklomp was van enkele kilometers dik . In ‘ het einde van de vooruitgang” schrijf ik daarover ( op basis van wat wetenschappers daarover schrijven voordat de de huiswetenschappers hier beginnen te gillen ) :
”’Tussen 1500 miljoen jaar geleden en 400 miljoen jaar geleden werd de landmassa Rodinia gevormd. Het zuurstofgehalte begon toe te nemen en de temperatuur was 14.5 graden Celsius. 750 miljoen jaar geleden, als de aarde al 3750 miljoen jaar onderweg is, heeft ze nog geen atmosfeer die de ultraviolette straling tegenhoudt als de gestolde aarde openbarst en miljoenen vulkanen vuur en CO2 beginnen uit te spugen. CO2 verbindt zich met water en vormt zure regen. De zon wordt geheel verduisterd en de temperatuur aan de polen daalt tot minus 60 graden Celsius. Doordat de witte ijsmassa steeds meer zonlicht de ruimte in terugkaatst trekken de ijskappen naar elkaar toe, waardoor de aarde uiteindelijk een grote ijsbal wordt met een laag ijs van wel 3 kilometer dik. Na 15 miljoen jaren zullen wederom vulkanen de ijsmassa doorboren en opnieuw beginnen CO2 in de lucht te pompen, maar dit keer zal het anders lopen dan bij de eerdere vulkaanuitbarstingen. Door de zoninstraling was gedurende 15 miljoen jaren in het ijs waterstofperoxide gevormd waardoor bij het smelten van de 3 kilometer dikke ijskap enorme hoeveelheden zuurstof vrijkwam. In aanraking gekomen met de ultraviolette straling op 60 kilometer hoogte werd zo de ozonlaag gevormd die vanaf nu de aarde en het leven daarop zouden beschermen. 600 miljoen jaar geleden en 3900 miljoen jaar na het ontstaan van de aarde ontstonden eindelijk de voorwaarden voor het leven op land, dat al in de zeeën bestond.
Het was tijd voor de Cambrian explosion Tijd voor leven ! ”
In de media en de communicatie rondom het klimaat worden gebeurtenissen die miljoenen jaren omvatten, vertaald alsof het dagelijkse gebeurtenissen zijn. Alsof de cambium explosie ‘ de gewoonste zaak van de wereld is . ( die arrogantie van pseudo-wetenschappers en aanhangers daarvan op deze site die de overhand hebben , is ook de reden dat we ons bevinden in de periode van ‘verval van de beschaving’ : die had de wetenschap met pek en veren uit de tempel moeten gooien, maar -in plaats daarvan- liet die zich piepelen door de pseudo-wetenschappers en schreeuwlelijken als Keulemans en Co tot op de dag van vandaag .)
En zo kon het gebeuren dat Stientje van Veldhoven bovenstaand artikel in twee delen, met éen veeg van tafel veegt en de gehele wetenschap in de touwen ligt . Best wel bijzonder , maar ook weer niet in het tijdperk van de vrouw. ( een bijzonder wezen dat kinderen baart en verzorgen kan , maar sinds de 70 er jaren letterlijk de tuinbroek aantrok en mannen tot keffende schoothondjes reduceerde ) Ook uit de reacties op dit wetenschappelijk platform op dit artikel, kan worden geconcludeerd dat men liever Stientje volgt .
Nu volgt het duimpjes ritueel , want er is niemand die een inhoudelijk antwoord geeft.
wat betreft de laatste alinea . Camille Paglia , een waarachtig wetenschapper , schreef een boek met de titel ‘ het sexuele masker’ . Camille Paglia was goed bevriend met de grondlegster van het feministe Fay Weldon , maar werd door de feministische beweging – die van de tuinbroeken – gecancelled en gedemoniseerd , culminerend in de huidige toestand waarin mannen nog slechts een gevaar zijn in een maatschappij , waarin je kinderen koopt bij de sperma en eicel – winkel .
Het is de omgekeerde wereld. Camille Paglia beschreef als kunsthistorica, aan de hand van artifacten, hoezeer mannen vroeger al hun vrouwen verafgoodden en de rituelen die daaruit voorkwamen , maar niet meer besteed aan de moderne (links) mens die de natuur beschouwt als iets wat beheerst kan worden.
Fay weldon trok zich teleurgesteld terg uit de feministische wereld
Typisch in de klimaatwereld wordt ook hier voor stralingsberekeningen de wet van Stefan Boltzman gebruikt
Ik heb nog altijd een vraag naar de correcte toepasbaarheid van de S-B vergelijking op gassen en vooral bij zeer lage drukken zoals hoog in de atmosfeer, een gasmolecule wijkt zeer sterk af van de definitie of voorwaarden die aan een zwart stralend oppervlak gesteld worden (Lambert straler, constante temperatuur van het oppervlak, emissiecoeficient ………). Voor straling zijn volgens de definitie twee oppervlakken/lichamen nodig
Kan iemand daar een zinnig antwoord op formuleren.
P=εσAT4
P = uitgestraald vermogen in watt
ε = emissiviteit van het gas = 1−e^−κL voor gas
σ = constante van Stefan-Boltzmann
A = uitstralend oppervlak
T = temperatuur in kelvin
1−e^−κL
κ = absorptiecoëfficiënt = Beer-Lambert-wet:
L = dikte van de gaslaag
veel succes.
T4=T^4
“veel succes.“
Best ingewikkeld. Gelukkig zijn daar modellen voor.
Is geen antwoord op mijn vraag , namelijk voldoet een gasmolecule aan de definitie van een zwartstraler , ik vrees dat het antwoord neen is , den dan staat de hele berekening via de S-B formule op losse schroeven
Daar kun je dan vage aannames en geschatte gemiddelden invullen.
”Is geen antwoord op mijn vraag”’min of meer
zwarte straler : P=σAT^4
Gas en minder zwarte straler : P=σAT^4 (zelfde als boven) maar dan maal de emisivity een getal tussen 0 en 1 die je alleen met metingen kan vaststellen in een laboratorium, anders is deze niet reproduceerbaar en voldoet volgens mij dan ook niet aan de eisen van de wetenschap.
Hoezo zwijgen over de rol van de vrijgekomen CO2, heb je dan de tekst niet gelezen?
Jammer dat je jezelf maar een duimpje omhoog mag geven he Hendrik
“Samen hebben de EU + UK + Australië ≈ 7% van de wereldbevolking. De uitstoot van de ganse EU + UK + Australië ≈ 7% van de wereldwijde CO₂-emissies.”
Leuk bedacht maar hoogst onwaarschijnlijk = ongeloofwaardig….
Bevolking Miljard >>>>>Miljard Ton CO2
EU >>> 0,450 M >>> 2,40 M T
UK >>> 0,070 M >>> 0,31 M T
Aus >> 0,026 M >>> 0,38 M T
Som > 0,546 M >>> 3,09 M T
Wereld > 8,16 M >>> 41,6 M T
%% >>>> 6,7% >>>> 7,4%
= ongeloofwaardig…
??? Klopt best redelijk in 2024 Bas.
Waarom weet jij dat niet te vinden?
Er is een prachtige flessen proef voor scholen,
Neem een transparante bak van 3 liter.
Voeg een stuk ijs van 1kg toe.
Vul de bak tot de rand en zet die op een groot stuk vloeipapier.
Wacht tot het ijs gesmolten is.
Wat zijn je bevindingen ? En wat zegt dit over de stijging van de zeespiegel door smeltend ijs.
Niet aan te raden de proef op een school te doen, je wordt waarschijnlijk ontslagen.
“Wat zijn je bevindingen ? En wat zegt dit over de stijging van de zeespiegel door smeltend ijs.”
FG wat zegt deze opmerking over jouw kennis van zaken? De stijging van zeespiegel is gekoppeld aan smeltend LANDIJS ( Groenland, Antarctica en gletsjers) en uitzetting. Je kletst maar wat mee als een kip zonder kop. Niveau lagere school en waarschijnlijk nog een slechte leerling.
Frans, en ook dat is nog maar de vraag.
Door het smelten van landijs zou het land wel eens zo stevig kunnen opveren dat er naast dat opgeveerde land zodanig diepe troggen ontstaan, het moet toch ergens vandaan komen, dat de zeespiegel DAALT.
Let wel, ik kan dat niet bewijzen maar ook niet ontkrachten.
Als het landijs in omvang afneemt stijgt de zeespiegel. Voor een klein beetje wordt dat gecompenseerd doordat de oceaanbodem inzakt door het toenemend gewicht. Dat absorbeert ca 0,25 mm van de toegevoegde zeespiegelstijging.
Afname van landijs is niet hetzelfde als smelten. Bij afname gaat het om de balans tussen aanwas (sneeuwval) en smelten. De afname van ijs in berggebieden zet stevig door. Op Groenland en Antarctica is te zien dat de afname afgeremd wordt door toegenomen sneeuw. Ondertussen neemt het smelten wel toe.
Anthony,
“Door het smelten van landijs zou het land wel eens zo stevig kunnen opveren dat er naast dat opgeveerde land zodanig diepe troggen ontstaan, het moet toch ergens vandaan komen, dat de zeespiegel DAALT.”
FG dat klopt lokaal zoals bv in Scandinavië veert het land nog steeds op na verlies van ijsbedekking na vorige ijstijd. Overall gezien is het effect van smeltend landijs meer water in die zeeën maar dat kan dan toch lokaal betekenen dat het zeeniveau vanuit land gemeten daalt simpelweg omdat opvering groter is dan stijgend zeeniveau. Overigens is onze planeet een semi-elastische bol met al periodieke bewegingen van onze aardkorst t.g.v. krachtenspel Aarde en Maan.
Bart,
Afname van landijs is niet hetzelfde als smelten. …… Ondertussen neemt het smelten wel toe.”
FG Ja we kunnen het moeilijker maken dan het is – uiteindelijk is er het smelten van landijs resulterend in meer water in de zeeën. Dat meer smelten komt uiteindelijk door de wat hogere temperatuur waarvoor we nog niet precies weten wat er de oorzaak van is of hoe het precies werkt maar dat de mens er voor deels verantwoordelijk is lijkt aannemelijk met de opmerking dat dat ook weer niet uitsluitend het ACO2 is.
En nu stop ik weer even anders ontspoort deze discussie.
“Ja we kunnen het moeilijker maken dan het is – uiteindelijk is er het smelten van landijs resulterend in meer water in de zeeën. “
Als je niet een volledig verhaal vertelt is het niet te begrijpen. Op Antarctica nemen zowel het afsmelten als de sneeuwval toe. Dan gaat het om de balans daartussen.
Vaak wordt afsmelten gebruikt als synoniem voor massaverlies. Dat is het niet, en dat leidt tot verwarring. En verwarring is er al genoeg op deze site.
Bart. Op Artica neemt de hoeveelheid ijs toe. Waarom neem je dat niet mee in jouw schrijfsel?
Hap, hap,
”Niveau lagere school en waarschijnlijk nog een slechte leerling” mijlenver naast de plank.
”Niet aan te raden de proef op een school te doen, je wordt waarschijnlijk ontslagen.”
Om de context van deze zin te begrijpen in het verhaaltje moet je natuurlijk goed kunnen nadenken.
“Op Artica neemt de hoeveelheid ijs toe. Waarom neem je dat niet mee in jouw schrijfsel?”
Bedoel je Antarctica? Daar is de afname minder geworden, precies zoals ik schrijf. In sommige jaren is er aangroei, in andere is er massaverlies. Zie:
https://www.weerwoord.be/m/3294876
Op artikel
Dit nu vluchtig gelezen en ik haak af als men bij temperaturen met procenten gaat gooien.
Verder reageert die prof niet dus kan dit verhaal in het grijze bak archief.
Mijn probleem met het artikel is dat men het weer eens heeft over de opwarming van het ‘klimaat’.
Klimaat is niets anders dan een verzameling gemeten waarden.
Het gaat om de vraag of de gemiddelde temperatuur, wat dat dan ook moge zijn, van de onderste laag van de dampkring een heeeeel klein beetje stijgt en of de mens daar hel veel invloed op heeft.
Wel een heel klein beetje door het veel schoner laten worden van de lucht; een uitstekende actie overigens. CO2 speelt daarbij geen enkele rol.
“Let wel, ik kan dat niet bewijzen maar ook niet ontkrachten.”
Dit gewoon aangetoond in Scandinavie en Canada waar men al eeuwen de kustlijn landinwaarts ziet gaan.
Frans, Rene e.a. , dank voor jullie reacties.
Frans, je opmerking over die semi-elastische bol is uiteraard correct; de vele aardbevingen onderstrepen dat. Het voorspellen van de bewegingen van die bol is naar mijn mening nog vele malen ingewikkelder dan het voorspellen van het weer/klimaat aangezien het daarbij maar over een relatief kleine massa gaat, de onderste laag van de atmosfeer.
Ja. Ik ben erg sceptisch. Ik geloof eigenlijk helemaal niet dat er enige opwarming is door meer CO2 in de lucht.
Er is gewoon geen massa. +0.01% in de atmosfeer. Blijkbaar door de ‘mens”
Een gas dat zich ideaal gedraagt. Dat is een in 10000 moleculen. Dat brengt extra hitte? Hoe?
Ik kan naar een dauw druppel kijken waar de zon op schijnt. Dan zie ik alle kleuren aan de regenboog en ik geef toe dat er daar absorptie en terugstraling is. Water absortbeert sterk in het UV en iets minder sterk in het IR. Dus is de dauw druppel binnen een paar minuten verdwenen. Maar die dauwdruppel heeft massa. Dat zijn honderduizenden moleculen…in een vloeistof druppel.
De mens is blijkbaar verantwoordelijk voor +61 ppm CO2.
als de zeeen en oceanen nu 0.7 graden zijn opgewarmd (door meer SW van buitenaf in ) de afgelopen 45 jaar dan brengt dit ons dus op: 143.6 * 0.7 + 334.1 = 434 ppm en we zitten nu op 429.
Er is dus helemaal geen mensgemaakte CO2/. De CO2 die van de mens komt wordt direct door de natuur gebruikt voor meer bladgroen en flora of ge-absorbeerd door de oceanen vanwege de relevante chemische reacties die temperatuur afhankelijk zijn.
lees:
https://www.climategate.nl/2024/07/het-mysterie-van-de-ontbrekende-door-de-mens-gegenereerde-koolstofdioxide/
en je snapt het. Of je wil het niet begrijpen…
“en je snapt het. Of je wil het niet begrijpen…”
FG Beter jij denkt dat je het snapt. En dat dat niet zo is wil niet tot je doordringen.
Heel kort:
Zonder verbranding van fossiele brandstoffen zou in proces naar streven evenwicht de CO2 concentratie net onder de 300 ppm moeten liggen. De snelheid waarin we CO2 in atmosfeer hebben geloosd is groter dan die natuur kan verwerken. Op dit moment is er dus een ‘overschot’ van ongeveer 130 ppm dat een invloed zal hebben op de wijze waarop die natuur dat gaat verwerken. Dat deze onbalans in complexheid van klimaatprocessen enige extra opwarming veroorzaakt direct en indirect is zeker niet uit te sluiten maar helaas ook nog steeds niet goed nauwkeurig te kwantificeren.
waar kom je aan een evenwicht van 300 ppm?
jij vertrouwt op proxies
waarop zijn die gebaseerd?
Heel eenvoudig gedurende het grootste deel van het Holoceen lag CO2 concentratie rond ongeveer 260–280 ppm grofweg dus net onder de 300 ppm (zoals ik heb aangegeven).
Ofschoon er nooit een situatie van volkomen evenwicht is in een dynamische wereld en de mens in die periode geen invloed heeft kunnen uitoefenen is die 300 ppm waarde als theoretisch evenwicht goed te verdedigen.
Maar misschien moeten anderen je dit maar gaan duidelijk maken.
FG
je zegt
(zoals ik heb aangegeven)
ja. juist. maar ik vroeg hoe je dat hebt gemeten? De proxy?
Heeft hij uitgerekend met evenwichtsconstante’s voor de reactie CO2 + H2O heen en weer naar H2CO3 en H2CO3 met calcium.
https://www.aquainfo.nl/wp-content/uploads/2017/10/3hoeksvergelijking.jpg
CO2-emissies zijn de gefakte hoofdschuldige van klimaatverandering volgens ideologen in gepolitiseerde VN-IPCC.
CO2-emissies zijn en blijven fiscaal interessant als middel tot belasting heffing voor ‘groene’ politci. Daarom verzonnen extreme klimaatscenario’s zoals RCP8.5 dienden een politieke functie.
Waterdamp / wolken en ca. 40 andere aardse en kosmische klimaatfactoren zijn echter de dominante veroorzakers in klimaatverandering volgens kritische fydici … maar zijn fiscaal niet te belasten en daarom worden CO2-EMISSIES politiek als schuldige hooggehouden in de linkse/groene politiek.
Je glijdt af in het complot ravijn.
“Je glijdt af in het complot”
Dank je voor dit heldere oordeel.
Ik heb nu extra rustig kunnen slapen/dromen vannacht.
Dit in de wetenschap dat FG hier zegt dat er geen politici zijn die een crisis creëren/gebruiken om hun invloed te vergroten.
Nu begreep ik pas dat Trump/Putin er helemaal niet op uit zijn om via een oorlog-crisis, macht voordeel te behalen.
T&P zijn gewoon twee lieve mensen die lieve dingen willen bereiken voor hun lieve kiezertjes, volgens FG.
Ik droom spontaan al weer.
Never waste a good night-rest, is hun motto?
FG…. Ooit van ‘klimaat’-hypothese gehoord? ….
Frans, Rene e.a. , dank voor jullie reacties.
Frans, je opmerking over die semi-elastische bol is uiteraard correct; de vele aardbevingen onderstrepen dat. Het voorspellen van de bewegingen van die bol is naar mijn mening nog vele malen ingewikkelder dan het voorspellen van het weer/klimaat aangezien het daarbij maar over een relatief kleine massa gaat, de onderste laag van de atmosfeer.