Maarten van Andel.

Van een onzer correspondenten.

Het is hoog tijd dat onze Nederlandse en Europese regeringen afstappen van het ideaal en dogma dat de wereld binnen vijftig jaar van fossiele brandstoffen af zou moeten en kunnen komen, schrijft Maarten van Andel in Wynia’s Week. Met dat hardnekkige dogma wordt het tegengaan van klimaatverandering belangrijker gemaakt dan het tegengaan van wereldwijde milieuvervuiling en ontbossing als gevolg van binnenlandse CO2-reductiemaatregelen.

Niemand kan ontkennen dat het vervangen van fossiele brandstoffen door windmolens, zonnepanelen en biomassa aanzienlijke nadelen en risico’s blijkt te hebben voor mens, milieu en maatschappij. Dat heeft niets te maken met klimaatontkenning of -alarmisme, maar met een verstandige objectieve afweging van waarneembare voor- en nadelen. Onze machthebbers omzeilen die afweging systematisch, door zich te verschansen achter steeds meer milieuregels en -administratie. Daarmee creëren ze bij overheden en bedrijven in binnen- en buitenland steeds meer bureaucratie, terwijl het fossiele brandstofverbruik en de CO2-uitstoot net als de milieuvervuiling en ontbossing in de wereld gestaag doorgroeien. Dat is geen goed bestuur, want al die bureaucratie heeft geen toegevoegde waarde voor mens en natuur in heden en toekomst.

***

Lees zijn artikel hier.

***