Chinagate’primeur’ The Guardian is doodsteek Phil Jones

Terwijl data van Europese stations beschikbaar waren koos Phil Jones voor zijn onderzoek naar het stadseffect voor weerstations uit de schimmige tijd van het Mao-regime

Terwijl data van Europese stations beschikbaar waren koos Phil Jones voor zijn onderzoek naar het stadseffect voor weerstations uit de schimmige tijd van het Mao-regime

Ook de Britse Guardian, doorgaans gespecialiseerd in alarmistische klimaatberichtgeving Duikt nu serieus in de climategate-emails. De krant beschuldigt Phil Jones, de afgetreden directeur van de Climatic Research Unit nu van fraude met Chinese weerdata .

Milieujournalist Fred Pearce claimt zo de eerste link te vinden tussen Climategate en IPCC. Behalve dat de ‘primeur’van de Britse krant al drie jaar oud is, zit de zaak toch iets anders in elkaar dan The Guardian beschrijft. Toch kan de berichtgeving in een bekende Britse krant helpen bij eerherstel van de echte ontdekkers.

Chinagate

The Guardian laat zien hoe geschiedenis weer nieuws wordt, iets dat in essentie ook de kracht van Climategate is. Hoe de vork werkelijk in de steel zit, dat onthulden Steve McIntyre van Climateaudit en Douglas Keenan van Informath, maar ook Warwick Hughes.

Zij zaten jarenlang achter de Chinese data van Phil Jones en Chinees-Amerikaans klimaatonderzoeker Wei Chu Wang aan, maar kregen deze pas in april 2007 via lange procedures en de Freedom of Information Act. De fraude met Chinese data kent veel parallellen met de hockeystickfraude door Michael Mann.

Stad stookt de temperatuur op

Phill Jones, de afgetreden directeur van CRU publiceerde met de aan de Universiteit van Albany werkzame Chinese klimaatonderzoeker Wang in 1990 in Nature ‘an assesment of urbanization effects in time series of surface air temperature over land’, die van grote invloed was op het IPCC.

De studie vergeleek ondermeer 84 Chinese weerstations, 42 op het platteland en 42 in de stad. De vergelijking zou aantonen dat er geen verschil was tussen temperatuurmetingen uit op het Chinese platteland en in de stad: het urban heat island (stadswarmte door verwarming die temperatuur verhoogt) zou dus geen effect hebben op CRU-temperatuurdata. Jones en Wang gebruikten deze weerdata omdat ‘van deze weerstations de gebruiksgeschiedenis bekend is en er vrijwel geen wijzigingen in de meetsituatie plaatsvonden’.

Het was Wang die de Chinese weerdata leverde. De paper van Jones en Wang uit 1990 baseerde zich verder op data uit Rusland en Australië. Jones bleef de data van Wang in meerdere studies gebruiken. Het IPCC citeert in 2007 nog steeds de Jones et al paper uit 1990 als belangrijk ‘bewijs’dat het urban heat island dus geen effect heeft op temperatuurmetingen. (En dat de CRU-temperatuurdata die het IPCC gebruikt dus geen extra correctie nodig hebben voor stadseffect)

Anthony Watts behandelt dit probleem met weerstations in stedelijke omgeving via zijn weerstationproject surfacestations.org, over bij ventilatoren, vliegvelden en op asfalt geplaatste weerstations in de VS

Mao weet het beter

Wat Doug Keenan en Steve McIntyre zich afvroegen was: waarom hebben klimaatonderzoekers temperatuurmetingen uit de tijd van voorzitter Mao nodig (1957 was startdatum) als bewijs dat stadseffecten geen rol spelen bij temperatuurmetingen. En dat terwijl er veel nauwkeuriger data bestaan uit Europa. En is die gebruikersgeschiedenis wel bekend uit een roerige tijd als de Culturele Revolutie, om maar eens een dwarsstraat te noemen. Het bleek dat van geen van de 42 stations op het platteland en 9 stations in de stad geen gebruikersgeschiedenis bestond, en van de 33 stations waarvan de geschiedenis wel bekend was bleek dat ze tussentijds waren verplaatst.

Klimaatfraude

Jones moet sinds 2001 van het gebrek in de weerstations afweten en de daarmee samenhangende fouten in data. Want Jones publiceerde toen met Yan et al een paper die de verplaatsing van weerstations besprak. De verplaatsing had grote invloed op temperatuurmetingen. Toch bleef Jones de oude Mao-data gebruiken bij publicaties.

De Guardian bevestigt nu Keenan’s ontdekking dat Phil Jones van dit gebrek afwist. Strafbaar is dat hij dataverzoeken onder de Freedom of Information Act wilde omzeilen na aanvragen door McIntyre en Keenan. Mensen als Eugene Wahl stellen in een onderlinge emailwisseling met Jones dat hier sprake kan zijn van fraude.
Ook blijkt nu uit de emails, dat collega’s van Jones, als Tom Wigley de kritiek op de temperatuurdata van wetenschappelijke waakhond Keenan erkenden.

Data verbergen

Keenan schrijft over de moeite die hij en de twee andere klimaatwaakhonden deden om de data te krijgen

  • For years Warwick Hughes and Stephen McIntyre, had
    attempted to obtain data from Jones. Jones had refused almost every
    request. Indeed, in response to requests from Hughes for data about his work on global
    temperatures, Jones replied, “Why should I make the data available to you, when your
    aim is to try and find something wrong with it?”.
  • Fraudeonderzoek

    Keenan en McIntyre kregen de data pas in april 2007 na succesvol gebruik de Freedom of Information Act en konden toen de fraude bevestigen. Keenan spande een rechtszaak aan tegen Wang wegens wetenschappelijke fraude waarop zijn werkgever, de Universiteit van Albany een onderzoek instelde.

    Keenan publiceerde in Energy& Environment in 2007 The Fraud Allegation Against Wei-Chyung Wang. , dat een gedetaileerd verslag met referenties geeft.

    Kenmerkend voor de academische klimaatwereld is dat de Universiteit van Albany bij dit fraudeonderzoek geen gesprekken voerde met de kritische Keenan, terwijl hij de zaak onthulde. U kunt de uitkomst al raden. Wang ontkende, en Keenan beschrijft op Infomath.org hoe Wang zich verweerde. Van de 49 weerstations zonder geschiedenis, zou in 1990 bij publicatie nog wel een verslag bestaan, maar dit was sindsdien mysterieus verdwenen. En gezichtsverlies bleef hem bespaard.

    Aardopwarming door stad vertekend

    De gang van zaken is typerend voor klimaatonderzoek, waarbij universiteiten hun naam en onderzoekers beschermen. Maar hoe lang nog? Diverse latere Chinese studies bevestigen dat de temperatuurdata wel hoger uitvallen door het stadseffect

  • Since the publication of Jones et al. (1990), there have been several studies on the
    effects of urbanization on temperature measurements in China. The most recent study,
    in 2007, is by GuoYu Ren and colleagues at the Laboratory for Climate Studies, China
    Meteorological Administration.

    This study concludes that a large part of the warming
    that has been measured in China is due to the effects of urbanization on measurement.
    (The study is also supported by the analysis of He et al. (2007) for the years
    1991–2000.)10

    Hence the conclusion of Jones et al. on China does seem to be incorrect. Even if the
    new study had concluded the same as Jones et al., though, the central issue here—lack
    of research integrity—would remain valid

  • Dame redden

    The Guardian lijkt met haar berichtgeving nu Phil Jones te offeren als toren om de dame te redden: de eigen berichtgeving over klimaat van de laatste jaren en het daarmee samenhangende ‘groene’profiel van de krant. In een onderkop ‘why climategate is bogus’ valt The Guardian weer terug in haar oude reflexen. Ook Vrij Nederland ‘stelt nog dat ‘deze onthulling niets afdoet’aan het reguliere klimaatonderzoek bij haar laatste onthulling over opgeblazen overstromingspercentages in hoofdstuk 12 van het IPCC-rapport over Nederland. Maar ook de eigen reaguurders geloven het inmiddels wel.

    Door | 2010-02-04T09:54:38+00:00 4 februari 2010|6 Reacties

    6 Reacties

    1. T2000 4 februari 2010 om 21:21- Antwoorden

      Het blijft maar doorgaan! Er is gewoon geen basis meer waarop alarmisten kunnen terugvallen. Het is drijzand geworden en het IPCC zakt er steeds verder in weg. Nu maar hopen dat er nog meer onthullingen komen, want in drijfzand kun je niet kopje onder gaan.

      • Jeroen 4 februari 2010 om 21:24- Antwoorden

        Een voordeel; je kunt jezelf er onmogelijk uittrekken 😉

    2. dercks 4 februari 2010 om 21:54- Antwoorden

      diederik kijk je even mee? http://www.stand.nl/index.php

    3. Arjan van Beelen 5 februari 2010 om 01:49- Antwoorden

      Al weer gezeur over gerotzooi met surface stations. Gezien Mann en Jones attitude is dat wel begrijpelijk ja. Maar is het ook terecht? Er is heel veel onderzoek gedaan naar de UHI. Ik schreef eerder al ergens dat uit de meetreeksen van de slechtste (steden) en beste (platteland) stations van Antony Watts dezelfde trend kwam, net als uit de meeste onderzoeken op dit gebied. Die "verdwenen" meetstations is natuurlijk ook een mooi verhaal. Uiteindelijk kijken we naar het eindproduct. We vergelijken het verschil tussen het decadegemiddelde van de 90s met 2000-2009 van zowel de satelliet als grondstations. GISS, CRU/HADCRUT en NCDC (grondstations) en RSS en UAH (de satelliet metingen). Volgens alle bronnen (ook de skeptische, zie http://i38.tinypic.com/2ptz5gp.png) is het verschil tussen de wereld gemiddelde temperatuur in de jaren 90 en 2000-2009 gemiddeld 0.18 C voor de surface stations en 0.17 C voor de satelliet waarnemingen.

      Inderdaad een dramatische "divergentie" van 0.01 C!

    4. dercks 5 februari 2010 om 11:27- Antwoorden

      India zegt: zoek het uit met je ippc:

      http://www.telegraph.co.uk/earth/environment/clim

    5. Jacques 5 februari 2010 om 15:15- Antwoorden

      Het is weer echt lachen met die klimaat gelovigen en wereldverbeteraars. Alles is weer op herhaling: begin jaren '70 had je de "club van Rome". Ook zo'n instituut met een alarmboodschap die nergens op sloeg. Lees het er nog eens over na. Kun je echt lachen. De hele discussie (met alle onnozele investeringen van dien)verduistert het echte probleem: onze brand- en grondstoffen zijn eindig. Innovatie en ontwikkeling zijn cruciaal om dat te ondervangen. Wanneer leren ze dat toch?

    Geef een reactie