Angstwekkende stijging van de zeespiegel?

Een bijdrage van André Bijkerk.

In een ander blog was er eens een zoveelste discussie over de zeespiegelstijging. Als snel stond er zoveel desinformatie dat het nodig is om de zaken eens goed op een rijtje te zetten. Wat is er precies aan de hand.

Volgens de satellietmetingen is de zeespiegelstijging aan het versnellen. Zie hier

Global sea level rise is not cruising along at a steady 3 mm per year, it’s accelerating a little every year, like a driver merging onto a highway, according to a powerful new assessment led by CIRES Fellow Steve Nerem. He and his colleagues harnessed 25 years of satellite data to calculate that the rate is increasing by about 0.08 mm/year every year—which could mean an annual rate of sea level rise of 10 mm/year, or even more, by 2100. 

Overigens is deze extrapolatie van exact dezelfde orde als de beroemde verkorting van de Mississippi van Mark Twain, die ik u niet wil onthouden.

The Mississippi between Cairo and New Orleans was twelve hundred and fifteen miles long one hundred and seventy-six years ago. . . . Its length is only nine hundred and seventy-three miles at present.
Now, if I wanted to be one of those ponderous scientific people, and “let on” to prove what had occurred in the remote past by what had occurred in a given time in the recent past . . . what an opportunity is here!

Geology never had such a chance, nor such exact data to argue from! . . .
In the space of one hundred and seventy-six years the Lower Mississippi has shortened itself two hundred and forty-two miles. That is an average of a trifle over one mile and a third per year. Therefore, any calm person, who is not blind or idiotic, can see that in the Old Oolitic Silurian Period, just a million years ago next November, the Lower Mississippi River was upwards of one million three hundred thousand miles long, and stuck out over the Gulf of Mexico like a fishing-rod. And by the same token any person can see that seven hundred and forty-two years from now the lower Mississippi will be only a mile and three-quarters long. . . . There is something fascinating about science. One gets such wholesale returns of conjecture out of such a trifling investment of fact.”
 

Maar goed, ik ageerde daartegen met

Die versnelling van de zeespiegelstijging is alleen bedacht door de satelliet radar hoogtemeting. Naar mijn beste weten is het niet teruggevonden in de getijdenmetingen over de gehele wereld als ik hier rondneus.

Een mooi overzichtskaartje met getijdenmetingen over de hele wereld met overwegend groene pijltjes die een trend van minder dan 3mm per jaar aangeven. Maar het is daar goed kersen plukken en met een beetje inspanning, als je goed kijkt, vind je ze wel (fig1):

 

 

 

We zoeken even de bijbehorende grafieken op en dan krijgen we dit (fig2):

Beneden de kersen zien we het getijdenverloop van de meetpunten in hetzelfde land, te weten De Filipijnen en Thailand. Wat zou het prachtig zijn voor de alarmisten wanneer die kersen-knik in de trend in het midden van de vorige eeuw overal elders zichtbaar zou zijn.

Niets is echter minder waar. We zien wel behoorlijk wat kronkels maar geen evidente trendbreuk boven de ruis. Overigens zijn de kersen, Manilla en Bangkok, ‘booming cities’ met steeds meer hoogbouw en dan kan de grond een beetje inzakken, isostasie heet dat. Je kunt dus de zeespiegelstijging van die metropolen dus zelfs antropogeen noemen maar met CO2 heeft het niets te maken.

Voordat die desinformatiediscussie in het eerder genoemd blog opdook, had ik het navolgende in dit blog al voorbereid. Ik wilde weten in hoeverre kortere trendwijzigingen zouden opduiken in de diverse langlopende getijdengrafieken verspreid over de wereld. En dat leverde dit plaatje op (fig3).

Let wel, we zien hier geen directe waterstanden maar de tienjarige trends voorafgaande aan elk punt op de grafieken. De eerste waarde, 2,4mm per jaar op Januari 1872, bij Vlissingen is dus de helling van de trendlijn tussen Januari 1862 en 1872.

Maar in plaats van hockeysticks, die je zou verwachten met een versnelling van de zeespiegelstijging, zien we een opmerkelijk grote variatie in kortlopende trends met pseudo-frequenties van rond een decennium. We zien de trendvariatie aanzienlijk teruglopen wanneer we de tienjarige trends vergelijken met twintigjarige trends (fig4).

Maar nog steeds geen hockeysticks. Men kan zich moeilijk aan de indruk onttrekken dat we hier natuurlijke variaties zien, welke mogelijk samenhangen aan een keur aan variabelen, die er hier nu minder toe doen. Het gaat erom dat ook hier nergens een antropogene versnelling van de zeespiegelstijging zichtbaar is.

En nu terug naar het begin, waar mensen van CIRES een trendversnelling vonden van 0,08 mm per jaar per jaar over 25 jaar satellietmetingen en dus wie weet hoe de aarde verzuipt in de toekomstige Oolitische Silurium van Mark Twain. Hoe verhoudt zich dat tot trendveranderingen van centimeters per jaar per decennium op en neer, die de getijdenmeters laten zien? En waarom zien we die versnelling niet in de getijdenmetingen?

We weten dat hoogtemetingen door satellieten gecompliceerd worden door een scala aan factoren. Deze worden hier uit en te na beschreven, maar scheepvaart heb ik daaronder niet kunnen vinden; elders evenmin. Metalen dekken van schepen hebben een veel grotere reflectie voor radarstralen dan het wateroppervlak. Ze sturen daardoor relatief veel meer onjuiste data terug over de hoogte van de zee dan het water zelf. Daar zou je voor moeten corrigeren. De vraag blijft of dat ook inderdaad gebeurt en daarover heb ik op internet niets terug kunnen vinden en ook is er bij het schrijven dezes (nog) niet gereageerd op mijn eerdere uitdaging terzake.

Ongetwijfeld gaan er nu een aantal mensen koortsachtig zoeken naar correcties voor schepen, maar mocht er niets worden gevonden, dan houd ik het er toch op dat de versnelling van de zeespiegelstijging van satellietmetingen wordt veroorzaakt door toename in de scheepvaart.

***

Nu we toch bij die verschrikkelijke zeespiegelstijging zijn, hoe zou het zijn met al die verdrinkende eilandjes in de tropische Oceanen? Vorige maand liep de dreigingstermijn af voor de Malediven. In de afgelopen 40 jaar had een zeespiegelstijging van 20-40 cm moeten zijn opgetreden terwijl het drinkwater al in 1992 op had moeten zijn.

The Canberra times Ma 26 sept 1988) A gradual rise in average sea level is threatening to completely cover this Indian Ocean nation of 1196 small islands with- in the next 30 years, ac- cording to authorities. The Environmental Affairs Director, Mr Hussein Shihab, said an estimated rise of 20 to 30 centimetres in the next 20 to 40 years could be “catastrophic” for most of the islands, which were no more than a metre above sea level. The United Nations Environment Project was planning a study of the problem. But the end of the Maldives and its 200,000 people could come sooner if drinking water supplies dry up by 1992, as predicted.

Maar de waterstanden op de Malediven wijken niet af van het algemene patroon:

Dan had je ook nog Tuvalu waar het heel slecht mee af zou lopen, dat zou als eerste verdrinken. Het zeeniveau zou maar liefst 9 cm zijn gestegen tussen 1993 en 2011, volgens de satellietmetingen. Het microstaatje klaagde zelfs de Verenigde Staten aan als verantwoordelijk voor de op handen zijnde catastrofe.

De getijdenmeting is echter wat grillig en laat een ruime marge vrij over de actuele trend.

Maar hoe staat dat met dat verdrinken? Hoeveel is Tuvalu inmiddels gekrompen?

Emm. Het is eerder gegroeid (geen betaalmuur). Dat doen de meeste koraaleilandjes nu eenmaal, groeien door afzetting van meer en meer koraal.

We specifically examine spatial differences in island behaviour, of all 101 islands in Tuvalu, over the past four decades (1971–2014), a period in which local sea level has risen at twice the global average (Supplementary Note 2).Surprisingly, we show that all islands have changed and that the dominant mode of change has been island expansion, which has increased the land area of the nation.

Kortom, het zeeniveau is grillig, soms daalt het, momenteel stijgt het over het algemeen heel licht zoals het de laatste eeuw al deed. Niets nieuws onder de zon. Satelliet reconstructies suggereren een versnellingen van de zeespiegelstijging maar dit strookt niet met de werkelijkheid van de getijdenmeters. Catastrofale zeespiegelstijgingen zijn in de getijdenmetingen niet waargenomen en ook van verdrinkende eilandjes is geen sprake. Alarmisten moeten hun catastrofes elders zoeken.

Door |2018-10-12T09:56:06+00:0012 oktober 2018|32 Reacties

32 Comments

  1. J. van der Heijden 12 oktober 2018 om 08:03 - Antwoorden

    Nu we nogmaals haan leuteren over de zeespiegel stijging breng ik nogmaal voor de 862e keer church & white in stelling die niet hebben lopen kersen plukken (zoals Andre met zijn beperkte selectie van stations die hij laat zien) en die tot de conclusie komen dat ook op basis van de pijlschalen er een versnelling te meten is.

    Firstly, there is a clear increase in the trend from the first to the second half of the record; the linear trend from 1880 to 1935 is 1.1 ± 0.7 mm year−1 and from 1936 to the end of the record the trend is 1.8 ± 0.3 mm year−1. The period of relatively rapid sea-level rise commencing in the 1930s ceases abruptly in about 1962 after which there is a fall in sea level of over 10 mm over 5 years. Starting in the late 1960s, sea level rises at a rate of almost 2.4 mm year−1 for 15 years from 1967 and at a rate of 2.8 ± 0.8 mm year−1 from 1993 to the end of the record. There are brief interruptions in the rise in the mid 1980s and the early 1990s.

    https://link.springer.com/article/10.1007/s10712-011-9119-1#Sec8

    En natuurlijk is 2mm per jaar al een versnelling tov de 1 mm per jaar die gold voor het grootste gedeelte van het Holoceen.

    Het enige waar André Bijkerk aan twijfelt zijn zijn scheepjes, onderbouwing? Heeft hij niet, hij vermoed iets en dus is het waar.

    Dat is nog eens wetenschap bedrijven !

    Kijk Kees Kolenbrander, ik heb het broddelwerkje van André GELEZEN, daarna ben ik op zoek gegaan naar een wetenschappelijk studie die het tegendeel aantoont en daarna heb ik opgeschreven waarom het verhaal van André niet klopt.

    Heb ik het nu BEGREPEN? Kan ik dan nu een inhoudelijk goed onderbouwd antwoord van jou verwachten? Of blijft het een beetje bij zeuren over de vorm, of de toon?

    Het feit dat ik dezelfde studie al reeds tich maal heb aangehaald betekend niet dat daar al inhoudelijk commentaar op is geweest van de lieve climutgaters.

    Ronel, kom er maar in !

  2. Ronald 12 oktober 2018 om 08:41 - Antwoorden

    André, als jij een hypothese opstelt moet je die proberen te falsificeren. Dan bedrijf je goede wetenschap.

    In jouw geval moet je dus de altimeter data bekijken en proberen aan te tonen dat waarnemingen gecontamineerd door schepen niet goed worden gedetecteerd en verworpen door de kwaliteitscontrole.

    Zonder die analyse is jouw hypothese niet meer dan een ….. hypothese. En mag je er geen enkele conclusie aan verbinden.

    Werk aan de winkel dus.

    • Andre Bijkerk 12 oktober 2018 om 10:04 - Antwoorden

      Werk aan de winkel? Zeker. Maar wie is aan zet?

      De link (en sublinks daarin) in de tekst geeft zo’n beetje alle correctiefactoren die kunnen worden bedacht behalve scheepvaart:

      altimetry.info/radar-altimetry-tutorial/data-flow/data-processing/

      Er zijn meerdere van dit soort, maar geen daarvan geeft ook maar iets dat lijkt op correctie voor scheepvaart met een indicatie van de groei daarvan hier: images.nature.com/m685/nature-assets/srep/2012/120601/srep00437/images/srep00437-f2.jpg

      Ik had dus opgeroepen om iets in die geest op te googelen, want dat lukte mij maar niet.

      Dat metalen scheepsdekken vele orders van grootte meer aan radar energie terug stralen dan een wateroppervlak, dat mag je nauwelijks een hypothese noemen. De techniek is welbekend en wordt al decennia toegepast in AWACS en andere vliegtuigradars. Dat betekent dat een complete beam van zoveel kilometers diameter waarin één enkel schip vaart, de hoogte van het scheepsdek als reflectie geeft. Belangrijk genoeg om voor te corrigeren, zeker wanneer er steeds meer schepen komen. Maar waarom kun je daar dan niets over vinden?

      • Ronald 12 oktober 2018 om 10:35 - Antwoorden

        Vraag het de experts die dagelijks met de data werken en deel je bevindingen alhier

        • Ronald 12 oktober 2018 om 11:22 - Antwoorden

          Duimpje omlaag, maar een e-mail sturen naar experts is wel de meest efficiente manier om snel antwoorden te krijgen.
          Veel efficienter dan websites afstruinen.

          • Ronald 12 oktober 2018 om 14:25

            André, je zou hier eens kunnen beginnen:
            Tournadre et al. (2008)
            “Small icebergs (edge lengths <1 km) are difficult to detect and track. In a recentlypublished study, it was demonstrated that small targets (ships, islets,…) emergingfrom the sea can be detected by the analysis of high-rate altimeter waveforms."
            https://agupubs.onlinelibrary.wiley.com/doi/epdf/10.1029/2007JC004587

            Stuur de personen in kwestie een e-mail en je zult snel stappen kunnen zetten. Laat tzt maar weten wat het heeft opgeleverd. Succes en werk ze.

      • Boels 12 oktober 2018 om 11:25 - Antwoorden

        Heb geen antwoord op de vraag.
        Een indruk van het scheepvaartverkeer:
        https://www.marinetraffic.com/en/ais/home/centerx:-68.4/centery:27.4/zoom:2

    • Peerke 12 oktober 2018 om 10:40 - Antwoorden

      Is stellen dat de altimeter data niet gecontamineerd wordt door schepen niet evengoed een hypothese?

  3. Anton Bakker 12 oktober 2018 om 09:53 - Antwoorden

    Het slaat natuurlijk op helemaal niets, als er met satelietmetingen een trend wordt gevonden van 0,08 mm per jaar. Deze trend valt volkomen binnen de foutmarges en mag zeker niet geëxtrapoleerd worden voor de volgende 100 jaar. Er moet altijd rekening gehouden worden met meetafwijkingen, zoals boten of andere oorzaken. Temperatuurmetingen met de satellieten moeten ook gecorrigeerd worden en geverifieerd worden met ander soort metingen. De conclusie is dat het onderzoek over de zeespiegelstijging naar de prullenmand kan.

  4. Matt 12 oktober 2018 om 09:59 - Antwoorden

    Nu ben ik geen wiskundige en zeker geen wetenschapper, maar afgelopen zomer kwam ik wel in contact met een wiskundige en ik legde hem het volgende voor: stel dat al het ijs op aarde zou smelten hoeveel zou dan de zeespiegel stijgen?
    Hij liet me wiskundige formules zien over de oppervlakte van een bol, daarnaast vergeleek hij de totale hoeveelheid ijs, zuidpool, noordpool, Groenland, Alaska enz. rekening houdend met het feit dat 10% van een ijsschots boven water uitsteekt en maakte zijn berekeningen en kwam uit op 40 cm totale stijging, rekening houdende met de landoppervlakte, het onderlopen van laaggelegen gedeeltes die dus het wateroppervlak vergroten voordat het kan stijgen. Maar op aarde kan dat nooit kloppen omdat er ook met andere factoren rekening gehouden moet worden zoals: als het op de ene kant op aarde zomer is dan is het aan de andere kant winter, dus als hier het ijs smelt bevriest het aan de andere kant, en het zelfde geldt voor regen, waar het aan de ene kant te droog is daar is het aan de andere kant te nat. Zo ook het getijde, is het aan de ene kant eb is het aan de andere kant vloed.
    Zijn conclusie: het heeft niets met opwarming te maken maar eerder met verschuiving. De totale hoeveelheid water (vloeibaar of ijs) op aarde is een constante.
    Bij zijn conclusie sluit ik me aan daar het in mijn ogen de meest logische is.

    • J van der Heijden 12 oktober 2018 om 10:04 - Antwoorden

      Matt

      En hoe verklaar je dan de zeespiegel die in het verleden 60 meter hoger was ?

      Waar is al dat water gebleven ?

      • Matt 12 oktober 2018 om 14:09 - Antwoorden

        Tegenvragen aan J. van der Heijden: Hoe zagen het land- en wateroppervlak er in het (verre)verleden uit? Over welke periode spreek jij? Werd er toen al gemeten? Heb je bewijzen van die 60 meter?
        Heel vroeger kon je naar Afrika wandelen, voordat de dam bij Gibraltar doorbrak. Hoeveel water is er in de Middellandse zee gestroomd denk jij?
        Mijn antwoord is dus dat de landoppervlakten en dus ook de wateroppervlakten er in het verleden heel anders uitzagen en je dat niet kunt vergelijken met de huidige afmetingen. Afgaande op de huidige periode is NERGENS aangetoond dat de zeespiegel 60 meter hoger zou geweest zijn, behalve misschien in een korte periode van de zondvloed , in mijn ogen een flinke overstroming ergens in het oosten van de Middellandse zee, (ik geloof niet in de sprookjes uit de bijbel), terwijl er nu net zoveel eilanden zijn bijgekomen, door vulkanen, als dat er verdwenen zijn door aardbevingen. Het aardoppervlak is dus steeds in beweging. Wat er hier bijkomt gaat er weer vanaf op een andere plaats en dat hoef ik niet eens te bewijzen, je kunt dat zelf overal zien.

    • Bart Vreeken 13 oktober 2018 om 12:15 - Antwoorden

      Jammer, Matt heeft er niks van begrepen en krijgt toch nog 16 duimpjes omhoog. Het zegt wel wat over de lezers van deze blog vrees ik. Het heeft ook nauwelijks zin om er op te reageren. Elke dag staan er weer een paar nieuwe berichten. Dan zijn alle eerdere reacties weer ondergesneeuwd en beginnen alle discussies weer opnieuw.

      De zeespiegel stijgt niet als zeeijs smelt. De zeespiegel stijgt wel als landijs smelt (ijskappen Groenland, Antarctica, kleinere ijskappen en gletjers). De zeespiegel stijgt ook door het uitzetten van zeewater als dit opwarmt.

      In het verre verleden zullen er ongetwijfeld catastrofes geweest zijn die veel erger waren dan de stijging die ons nu mogelijk te wachten staat. Maar dat is geen reden om ons er nu niet mee bezig te houden.

      • Erik 15 oktober 2018 om 00:13 - Antwoorden

        Bart

        ‘De zeespiegel stijgt ook door het uitzetten van zeewater als dit opwarmt.’

        Is dat wel zo? Het landniveau stijgt toch ook als het warmer wordt. Misschien is het zee niveau wel min of meer temperatuur onafhankelijk.

    • Frans Galjee 13 oktober 2018 om 18:35 - Antwoorden

      @ Matt,

      Het was even zoeken naar een berekening van mij uit 2008 over een nieuw deltaplan voor ons land. Alles wordt herhaald dus ook dit.
      —-

      Nieuw Deltaplan voor Nederland nodig?

      Vanuit de wereldwijde zorg om het veranderende klimaat met de verwachte stijging van de globale temperatuur en smeltende ijsmassa’s is er in ons land dat voor een groot deel onder zeeniveau ligt er uiteraard ook een toenemende zorg of we het deze en komende eeuw droog kunnen houden en vooral wat we moeten doen om dit te bereiken.

      Ondanks mijn sterke twijfel aan de juiste interpretatie van wat er precies gaande is met ons klimaat wil ik hier toch even van een aantal aannames uitgaan voor de discussie wat we in het kader van een nieuw deltaplan zouden moeten doen om eventueel naderend onheil van een stijgende zeespiegel te kunnen tegengaan.

      De aannames zijn:

      – Er is sprake van een opwarming van de aarde zich mede vertalend in afkalving en smelten van zee- en landijs.

      – Het smelten van zeeijs (drijvend ijs zoals ijs van noordpool) resulteert niet in stijging van zeeniveau.

      – Huidige grenzen van oceanen blijven bestaan en dus oppervlak van oceanen blijft constant bij stijging zeeniveau. (uiteraard neemt oppervlak toe (een mineffect op stijging) door onderlopen laaggelegen stukken land bij stijging zeewaterniveau maar daarover verder in dit verhaal)

      – We negeren de invloed van uitzetting van de watermassa in de oceanen ten gevolgen van de stijging van de globale temperatuur. (bij gemiddelde stijging van watertemperatuur zal dit uitzetten wat een extra stijging van het niveau veroorzaakt (het pluseffect op stijging))

      – We negeren de invloed van zich verticaal verplaatsende landmassa’s ten gevolge van het afsmelten van ijsmassa’s op dat land en de invloed die dat heeft op het niveau van de oceanen.

      – Smeltwater van lokaal smeltende ijsmassa’s verdelen zich gelijkmatig over wateroppervlak op aarde.

      Al die bovengenoemde aannames maken dus dat een precieze stijging van het zeeniveau niet is aan te geven. Hieronder volgt een eenvoudige berekening van de te verwachten stijging van het zeeniveau als het landijs van Groenland en de Zuidpool zouden smelten. Deze berekening is bedoeld voor het verkrijgen van inzicht in de getallen waar het hier om gaat.

      In de volgende berekening bepalen we de theoretisch mogelijke stijging als al het landijs van Groenland zou smelten.

      Wat hebben we nodig voor deze berekening:

      Oppervlakte van oceanen op onze aardbol:

      Aarde diameter: 12756 km
      Aarde oppervlak: π x diameter x diameter = 510066000 km2
      Oceanenoppervlak: 70,9% van aardoppervlak = 361419000 km2

      IJsoppervlakt Groenland:* 1833900 km2
      Gemiddelde ijsdikte* ** 2,3 km
      Berekende ijsmassa: oppervlak x gem. dikte = 4217970 km3
      Overeenkomende watermassa = 3796173 km3
      * Bron ESA
      ** Andere bron geeft gemiddelde dikte van 1,6 km

      Als die totale ijsmassa zou smelten dan zou met de aannames de volgende stijging van zeeniveau te verwachten zijn:

      Stijging: watermassa : oppervlakte oceanen = 3796173 : 361419000 = 0,0105 km
      of 10,5 meter. ( 7,3 meter als 1,6 km gemiddelde ijsdikte wordt aangenomen uit **)

      Wanneer we de berekening maken voor al het andere landijs (overigens denk men niet dat dit voor de zuidpool op zal gaan) dan zou daar nog een kleine 90 meter bijkomen en bij een sneeuw- en ijsloze aarde hebben we dan te maken met een zeeniveau dat ruim 100 meter hoger komt te liggen gelijk als in het Krijttijdperk toen de aarde geheel ijsvrij was. Het pluseffect op de stijging tgv de uitzetting bij de gemiddeld hogere zeewatertemperatuur kan wegvallen tegen het mineffect op stijging tgv het feit dat het oppervlak van de oceanen met zeker 15 % zal toenemen door het onderlopen van gebieden die nu minder dan 100 meter boven het huidige zeeniveau liggen. (deze laatste aanname moet nog worden nagetrokken – voldoende informatie ontbreekt nog)

      Dat er veranderingen in het niveau van het zeewater op onze aarde van deze grootte mogelijk zijn wordt bevestigd door het zeeniveau gedurende de laatste grote ijstijd waarbij de zee ruim 100 meter lager lag dan nu en in het Krijttijdperk toen het niveau juist ruim 100 meter hoger lag.

      Al met al lijken dit enorme waarden maar dan moeten we bedenken dat eea zich pas kan afspelen over perioden van vele duizenden jaren. De huidige stijging van het zeeniveau, deels te wijten aan afsmelten van landijs ( 10%) en vooral aan de uitzetting van water tgv stijging temperatuur bedraagt 2 tot 3 mm per jaar.

      Gaan we van 3 mm per jaar voor de komende 90 jaar uit dan zal het zeeniveau eind deze eeuw dus ongeveer 30 cm hoger liggen. Dat lijkt niet veel maar het betekent wel dat waterkeringen zullen moeten worden aangepast in de komende jaren waarbij het niet onverstandig lijkt een extra marge van 20 cm aan te houden zodat uiteindelijk we van een 50 cm stijging zullen moeten uitgaan bij onze maatregelen.

      Wat betekenen deze veranderingen voor ons land?

      Heel veel maar vooral drie zaken:

      Vanuit de zeekant zullen we de zeedijken moeten verhogen en vooral verbreden (basis voor eventuele latere extraverhoging indien nodig na 2100).
      Vanuit de landkant zullen rivieren periodiek meer water lozen en tevens zal er meer opstuwing zijn vanwege het hogere zeeniveau. Door bebouwing en kanalisering van rivieren en tevens betere afwatering in het afwatergebied van rivieren komt regen en smeltwater sneller in de rivier waardoor er steeds grotere verschillen zijn in hoeveelheden water die naar zee stromen. De piekwaarden zullen belangrijk toenemen.
      Land zal een verhoging van zeewaterniveau meer gaan ervaren door druk op grondwater en verzilting ervan.

      Het tegengaan van de gevolgen van een stijging in zeeniveau zal dus zich moeten richten op maatregelen als verbonden aan de drie genoemde zaken en vooral in nauwe samenhang.
      Alvorens te komen met concrete plannen lijkt het echter verstandig gezien de enorme bedragen die met de uitvoering van deze plannen gemoeid zijn te bekijken of de invloed van effecten van vermeende klimaatverandering wel zo dramatisch zijn als sommigen ons willen doen geloven.

      Recent zijn er nog al wat berichten die vragen oproepen of vermeende voorspelde onheilscenario’s wel realistisch zijn.

      Drie ontwikkelingen wil ik de lezer niet onthouden.

      Satellietmetingen (GRACE project) laten zien dat een groot deel van de ijsmassa op Groenland juist aangroeit terwijl aan de randen er ijs verdwijnt. Het netto-effect is dat er ongeveer 100 gigaton ijs per jaar verdwijnt nog veel maar aanzienlijk minder dan de 240 gigaton waar men eerder van uitging.

      Overigens, die 100 gigaton ijs komt neer op een waterniveaustijging van slechts 0,3 mm per jaar dus 10% van de vastgestelde totale jaarlijkse stijging van dit moment. (rest tgv uitzetting?)

      Op Antarctica lijkt van een ijsafname ook nauwelijks sprake te zijn.

      Tot slot nog, uit de analyse van ijsmonsters uit boringen op Groenland hebben onderzoekers vastgesteld dat het aardse klimaat in een snel tempo blijkt te kunnen opwarmen. Genoemd wordt een temperatuurstijging van 5,5 graad Celsius in 50 jaar op het noordelijk halfrond zo’n 14700 jaar geleden tijdens de laatste ijstijd. Dit is opzienbarend omdat de huidige angst en zorg om ons klimaat en de klimaatverandering juist wordt gevoed door de deels gemeten maar vooral voorspelde snelle opwarming (verwachting enkele graden over 100 jaar). Door Al Gore en zijn discipelen wordt erop gewezen dat wij als mens dus voor een groot deel daar verantwoordelijk voor zijn juist omdat een zodanig snelle verandering van globale temperatuur vanuit uitsluitend natuurlijke oorzaak niet mogelijk zou zijn. Nu blijkt dus dat wel en uitsluitend een natuurlijke, zij het nog onbekende, oorzaak dit mogelijk kan maken omdat er in die tijd nog nauwelijks mensen op de aarde rondliepen.
      Het is tekenend voor de wijze waarop het klimaatprobleem politiek wordt aangewend dat deze evenals de ander opmerkelijke bevindingen volkomen lijken te worden genegeerd.

      Frans Galjee

      • Matt 13 oktober 2018 om 22:05 - Antwoorden

        Dank, Frans, heldere uitleg.
        Wat volgens mij ook meespeelt is het gegeven dat de verticale aardas 23 graden scheef staat ten opzichte van het vlak van de baan om de zon. Hierdoor hebben we seizoenen. De geringste schommeling hierin kan al heel wat temperatuurverschillen veroorzaken en aangezien er geen enkele perfecte baan in ons zonnestelsel is (zelfs de maan drijft af met een paar cm. per jaar) zou een kleine afwijking best wel eens waar kunnen zijn en zou meteen verklaren waarom er zowat om de 10.000jaar een ijstijd voorkomt.
        En helaas waar: in een delta gaan wonen brengt risico’s met zich mee, zeker als er grote gebieden lager liggen door dijken op te werpen.. Maar voor hetzelfde geld kunnen jullie straks (over pakweg 30 jaar) misschien te voet naar Engeland wandelen als er weer een ijstijd heeft toegeslagen.
        Eén ding is zeker: op het klimaat heeft de mens totaal geen invloed.

      • J van der Heijden 14 oktober 2018 om 09:20 - Antwoorden

        Wat een onzin

        Grace laat zien dat Groenland op het ogenblik 280 Gton per jaar en geen 100

        https://gracefo.jpl.nasa.gov/resources/33/greenland-ice-loss-2002-2016/

        Ook op Antarctica is er sprake van ijsverlies

        https://grace.jpl.nasa.gov/resources/31/antarctic-ice-loss-2002-2016/

        Eb groenland is niet de wereld, dus de temperatuur verandering op groenland kan je NIET 1 op 1 vergelijken met de temperatuur verandering op het noordelijk halfrond

        • Frans Galjee 15 oktober 2018 om 18:41 - Antwoorden

          @ JvdH,

          Artikel begint met melding dat het in 10 jaar geleden is geschreven.

          Dus laatste Grace gegevens of resultaten van berekeningen van Grace data waren toen niet voorhanden of konden door mij worden voorspeld.

          Overigens zijn er veel opmerkingen te maken over satellietmetingen maar dat valt misschien buiten het doel van dit artikel.

          Groenland is niet de wereld idd dat heb ik dan ook niet geschreven. Wel is uit aangegeven grote en snelle verandering voor noordelijk halfrond af te leiden dat dit ook voor globale temperatuur gevolgen zal hebben gehad. Nee niet 1 op 1 dus.

  5. leonardo 12 oktober 2018 om 10:10 - Antwoorden

    Deze reactie heb ik onder mijn recente post geplaatst. Voor alle duidelijkheid plaats ik die ook hier …

    … hier, waar van de hand van André Bijkerk, een post is verschenen over de zeespiegelstijging, die ook maar niet wil komen. Ik vind dat daarop geen kansberekening mogelijk is. De mens (niet de moderne!) heeft tijden gekend dat het water substantieel hoger stond, en de mens heeft tijden gekend dat het water substantieel lager stond. De krachten die daarachter schuil gaan, kunnen we globaal inschatten, maar daarvan hebben we geen praktisch inzicht, laat staan modelmatig een beeld. Ik acht de kans dat iemand een juiste kans berekent over verhoging of over verlaging van de zeespiegel dan ook extremely unlikely, zeker over een periode van 100 jaar.

    We kennen ook periodes van maatschappelijke ontwrichting. Die kennen we als moderne mens: vooral omdat de geschiedschrijving kwalitatief grote sprongen heeft gemaakt in het tijdperk van de moderne mens; je mag misschien wel zeggen dat het één van de kenmerken is van de moderne mens, dat hij zicht heeft op zijn verleden.
    Ik acht dus de kans, dat iemand een goede uitspraak kan doen over te verwachten maatschappelijke ontwrichting erg groot. Persoonlijk vind ik de verwachtingen over de maatschappelijke ontwrichting n.a.v. de energietransitie zeer geloofwaardig.

    Ik acht, hoe dan ook, de kans op maatschappelijke ontwrichting vele malen groter dan de kans op overstromingen over 100 jaar – gezien de zeer frequente reële fluctuaties van de eerste, en gegeven dat we voor het tweede één historisch feit hebben waarop we als moderne mens ons inzicht kunnen “baseren”: de zondvloed.

    Wat betreft de verantwoordelijkheid voor het paniekschoppen, en de basic desert daarvoor, nog dit.
    Ik wilde geen grote mond opzetten, en dus niet vandaag roepen dat iemand voor die gezaaide paniek gaat betalen. Maar, het is wel degelijk mogelijk de Staat te dagvaarden, en instituten als Universiteiten, en schadeclaims in te dienen. Inmiddels is er een groeiende rechtspraktijk, ook en vooral in NL, van massaclaims.
    Ik houd het niet voor onmogelijk dat dat gaat gebeuren. Als ik het dus heb over daders aanwijzen, dan bedoel ik dit: als die maatschappelijke ontwrichting er komt, dan zal ik, vooropgesteld dat ik die nog meemaak, één van de initiatiefnemers zijn om zo’n massaclaim gestalte te gaan geven. En ik zal de daders aanwijzen.

    Het probleem is dat al die gedupeerden tezamen een enorme schadeclaim hebben. Als de Staat die moet voldoen, moet ze die halen daar waar ze moet leveren: bij de belastingbetaler. Ik wil daar een kleine druppel aan verbeteren. Als er sprake gaat worden van schadeclaims, dan lijkt mij een passende maatregel dat, als basic desert, bij voorbaat beslag gelegd wordt op de (pensioen)vermogens van al diegenen die als betrokkene bij één van die door mij genoemde complexen aangewezen kunnen worden, nogmaals met name voor ons land: Verheggen, Van der Werf, Wiebes, Knot, Custers, Van der Heijden – zodat op het moment dat de schuldvraag daadwerkelijk beantwoord wordt dat geld in ieder geval binnen is.
    Ik zal mij ook daar persoonlijk voor inzetten.

    • Hugo 14 oktober 2018 om 07:44 - Antwoorden

      Leonardo
      Ook de producenten van onvoldoende leverende producten zoals windturbines op zee en de elektriciteitsbedrijven die de gebruiker 100% windstroom en nu zelf zonnestroom aanpraten zijn aansprakelijk.

      • leonardo 14 oktober 2018 om 13:15 - Antwoorden

        het antwoord is: nee Hugo – om twee redenen.

        Allereerst ben ik voorstander van vrije kapitalistische productie. Ik geloof niet in centrale planning. Dus, iemand met ondernemingszin die een gat in de markt ziet, heeft groot gelijk dat ie daar inspringt, waar dat gat ook vandaan komt, en moet vooral niet ontmoedigd worden. De leveranciersketen van de eindproducten zonne- en windenergie levert gewoon wat gevraagd wordt. (Als we de inkomensverdeling = winstverdeling goed zouden kunnen regelen zouden we op deze manier bijna een volmaakte samenleving hebben.)

        Waar we mee bezig zijn is een transitie, in dit geval van energie. De mens heeft niet anders gedaan dan transities doorlopen c.q. ondergaan, zie bijv. steentijd/bronstijd/ijzertijd.
        Als er een opvatting is dat we het productieproces van energie kunnen verbeteren, hetzij kwalitatief, hetzij kwantitatief, dan gebeurt dat ook: latere generaties zullen dat als onderdeel van de vooruitgang beschouwen.

        Dat wordt altijd gedragen door ondernemerszin. Ondernemerszin kan en mag maar op één manier ontmoedigd worden, en dat is door de markt die zegt: ik moet je rommel niet. Het is daarom ook te betreuren dat kernenergie zo onbespreekbaar is geworden.

  6. Frans Galjee 12 oktober 2018 om 10:26 - Antwoorden

    Twee artikelen op een dag daar is te weinig tijd voor om er serieus op te reageren. Dus kunnen de beroepsreaguurders er zich op botvieren. Jammer toch.

  7. Roel Meijer 12 oktober 2018 om 12:21 - Antwoorden

    Beste meneer van der Heijden, zestig meter hoger dan nu? Het heeft wel tweehonderd meter hoger gestaan dan nu.
    Maar als u wilt weten hoe dat komt dan zou ik me een beetje verdiepen in het uiteen drijven van het supercontinent Pangea.
    Dan wordt duidelijk waarom er een snelle en grote zeespiegelstijging ontstaan is in die periode.
    En het afwezig zijn van ijskappen was ook nog een leuke bijkomstigheid.

  8. Hermie 12 oktober 2018 om 12:33 - Antwoorden

    Dat er versnelling van de stijging van de zeespiegel heeft plaatsgevonden sinds 1800 is niet verwonderlijk. We komen immers uit de zogenaamde klein ijstijd. Met opwarming t.g.v broeikasgassen hoeft dat niet direct een verband te hebben. Maar waar de discussie veel meer over gaat is of er in de laatste 30 jaar een nieuwe versnelling waarneembaar is. Indien we alle data en alle studies bekijken dan is de conclusie: misschien, maar heel erg overtuigend is dat niet. Is er een bezwaar omdat even in het midden te laten? Indien we gevonden versnellingen door rekenen naar 2100 dan komen we op waarden uit tussen 30 en 50 cm. Heel erg verontrustend is dat niet.

    Het alarmerende rapport van Deltares van een maand geleden gaat alleen maar over de mogelijkheid van versnelde instorting van Antarctica. De basis van dat rapport wordt voornamelijk gevonden in DeConto&Pollard (2016) Een na mijn idee veel meer solide rapport over zeespiegelstijging is deze: http://www.opc.ca.gov/webmaster/ftp/pdf/docs/rising-seas-in-california-an-update-on-sea-level-rise-science.pdf In dit rapport wordt het gebruik van DeConto&Pollard voor probabilistische scenario ontwerpen afgeraden.

    Een eye opener was voor mij de tabellen op blz 30. Table 3. Probability that sea-level rise will meet or exceed a particular height (feet) in a given year under: (a) RCP 8.5, and (b) RCP 2.6. We zien dan dat er vooral sprake is van theoretische kansen die voor RCP2.6. en RCP8.5 niet eens veel verschil maakt.

  9. Hugo 14 oktober 2018 om 07:48 - Antwoorden

    Hermie

    We meten de waterhoogte al meer dan 100 jaar met peilschalen aan de kusten. Daar is ook in het satelliettijdperk geen versnelling waar te nemen.
    In het satlliettijdperk meten we ook boven het zee oppervlak en zie de uitkomst is gemiddeld hoger en plak je die 2 methoden in de tijd aan elkaar dan is er een trendbreuk.
    Wat ook een trendbreuk geeft is gerommel met data uit het verleden.

    • Hermie 14 oktober 2018 om 09:11 - Antwoorden

      Hugo, Dat klopt, We meten al meer dan 100 jaar met tidal stations langs de kusten. Helaas zijn er maar een paar stations die de lengte van 100 jaar of meer halen. En vervelender nog, ze zijn slecht verdeeld over de wereld. Zo staan er in Nederland al meer betrouwbare stations dan op het hele Zuidelijke halfrond. Evengoed kunnen uit al die metingen wel, voorzover het waard is, reconstructies gemaakt worden waaruit een versnelling in de laatste 50 jaar af te leiden is. Zoals ik al aangaf, heel erg overtuigend is dit niet, maar het zou wel kunnen. We hebben het dan over een gemiddelde. In Nederland is geen enkele versnelling waargenomen. Ik ben het met je eens dat je de satellietwaarnemingen niet aan peilschaal-data moet plakken, daar doel ik ook niet op.

    • J van der Heijden 14 oktober 2018 om 09:16 - Antwoorden

      Hugo, jawel die is er wel, kijk maar naar de eerste reactie.

      Maar dan moet je natuurlijk wetenschappelijk onderzoek gaan lezen in plaats van alleen maar een persbericht kersenplukken, ja dat is natuurlijk lastig

      • Boels 14 oktober 2018 om 10:49 - Antwoorden

        Het kan toch echt geen kwaad om enige kennis op te doen voordat je je waagt aan het “lezen” van wetenschappelijke literatuur.

        Leg eens uit hoe met satellieten de waterstanden worden berekend.

Geef een reactie

Conform ons Privacybeleid maken wij gebruik van Cookies om onze website beter te laten werken. OK