Praetorian_Pilums

De Praetoriaanse Garde was een speciale militaire eenheid gevormd door Romeinse militaire elite die de keizerlijke lijfwacht vormde.

De Praetoriaanse garde heeft meerdere malen haar macht misbruikt door de senaat onder bedreiging een door haar gekozen persoon tot keizer te laten uitroepen. Zij kon door omkoping ook worden misbruikt om tegenstanders en rivalen uit te schakelen waarbij de keizer zelf vaak het slachtoffer was.

Hier moest ik aan denken bij het lezen van Tim Ball’s boek, The Deliberate Corruption of climate science. Het valt immers niet moeilijk vast te stellen dat er aan het klimaat- en energiebeleid veel mis is. Meer om af te doen als ongelukkig toeval. Zeker is dat ook de wetenschap het slachtoffer zal kunnen worden van de intriges van een kleine groep activisten. De vraag was van het begin af aan al of er bij de oprichting van het IPCC überhaupt sprake was van wetenschapsbeoefening in Popperiaanse zin. Daar kunnen we kort en duidelijk over zijn: nee, want wat nu al decennia wordt vertoond door Al Gore, CRU en IPCC is een travestie van alles wat met wetenschap in de gebruikelijk zin des woords te maken heeft.

Van het allereerste begin af aan domineerde persoonlijke politieke doelstelling de agenda van De club van Rome en Agenda 21 bij monde van Maurice Strong. Deze agenda behelsde de uitschakeling van de geïndustrialiseerde maatschappij o.b.v. klimaatbeïnvloeding door menselijke CO2-emissie teneinde de invloed van de mens op het milieu, liefst tot nul, te reduceren. En dit is nooit anders geworden. Wat direct bij de oprichting van het IPCC vaststond, was dan ook het onwetenschappelijke mandaat om de argumenten te verzamelen teneinde het van te voren vastgestelde credo, de AGW-hypothese (Anthropogenic Global Warming; door de mens veroorzaakte catastrofale opwarming) te bevestigen. Voor falsificatie door andere, natuurlijke, forcings zoals zon, oceanische weersystemen etc. dan de humane CO2-emissie was geen plaats. En dit heeft van meet af aan elke uiting van het IPCC beïnvloed. Zo ontstonden er talloze incestueuze peer review relaties en wetenschappelijk onoirbare praktijken binnen het IPCC. Met name Donna Laframboise heeft hier een boek over open gedaan. Auteurs van artikelen die hun eigen artikelen mogen beoordelen. Oververtegenwoordiging van de milieubeweging en ga zo maar door.

Dezelfde incestueuze relaties manifesteren zich rond het groepje van 43 paleclimatologen rond Michael Mann, de bedenker van de weerlegde hockeystickgrafiek. In het Wegman-rapport komt een interessant antwoord naar voren over deze groep:

What is the current scientific consensus on the conclusions reached by Drs. Mann, Bradley and Hughes?

Ans: Based on the literature we have reviewed, there is no overarching consensus on MBH98/99. As analyzed in our social network, there is a tightly knit group of individuals who passionately believe in their thesis. However, our perception is that this group has a self-reinforcing feedback mechanism and, moreover, the work has been sufficiently politicized that they can hardly reassess their public positions without losing credibility.

Wegman is een van ‘s werelds meest vermaarde statistici. Overigens maakt dit rapport ook korte metten met de hockeystickgrafiek van Mike Mann ter bevestiging van de bevindingen van McKitrick en McIntyre:

In general, we found MBH98 and MBH99 to be somewhat obscure and incomplete and the criticisms of MM03/05a/05b to be valid and compelling. We also comment that they were attempting to draw attention to the discrepancies in MBH98 and MBH99, and not to do paleoclimatic temperature reconstruction. Normally, one would try to select a calibration dataset that is representative of the entire dataset. The 1902-1995 data is not fully appropriate for calibration and leads to a misuse in principal component analysis. However, the reasons for setting 1902-1995 as the calibration point presented in the narrative of MBH98 sounds reasonable, and the error may be easily overlooked by someone not trained in statistical methodology. We note that there is no evidence that Dr. Mann or any of the other authors in paleoclimatology studies have had significant interactions with mainstream statisticians.

In our further exploration of the social network of authorships in temperature reconstruction, we found that at least 43 authors have direct ties to Dr. Mann by virtue of coauthored papers with him. Our findings from this analysis suggest that authors in the area of paleoclimate studies are closely connected and thus ‘independent studies’ may not be as independent as they might appear on the surface. This committee does not believe that web logs are an appropriate forum for the scientific debate on this issue. It is important to note the isolation of the paleoclimate community; even though they rely heavily on statistical methods they do not seem to be interacting with the statistical community. Additionally, we judge that the sharing of research materials, data and results was haphazardly and grudgingly done. In this case we judge that there was too much reliance on peer review, which was not necessarily independent. Moreover, the work has been sufficiently politicized that this community can hardly reassess their public positions without losing credibility. Overall, our committee believes that Mann’s assessments that the decade of the 1990s was the hottest decade of the millennium and that 1998 was the hottest year of the millennium cannot be supported by his analysis.

Desondanks, of juist uit wanhoop, besloot dit clubje van 43 in 2004 de website Real Climate op te richten teneinde het hoofd te kunnen bieden aan kritische vragen over (hun) klimaat’wetenschap’. Het getuigt van weinig vertrouwen in de argumentatiekracht van hun eigen wetenschappelijke bevindingen, laat ik het zo maar noemen. Het is zoiets als Einstein die een site opricht om kritiek op zijn opvattingen op voorhand te pareren. De absurditeit van deze gedachtekronkel is te lezen in de oprichtingsmail van Gavin Schmidt (thans directeur van GISS):

Colleagues, no doubt some of you share our frustration with the current state of media reporting on the climate issue. Far too often we see agenda driven ‘commentary’ on the internet and in the opinion columns of newspapers crowding out careful analysis. Many of us work hard on educating the public and journalists through lectures, interview and letters to the editor, but this is often an thankless task. In order to be a little bit more pro-active, a group of us have recently got together to build a new ‘climate blog’ website: RealClimate.org.

De groep betrof Mike Mann, Eric Steig, William Conolley, Stefan Rahmsdorf, Ray Bradley, Amy Clement, Rasmus Benestad en Caspar Ammann

Het zijn de namen van Mann en Conolley die opvallen. Mann vanwege zijn weerlegde hockeystickgrafiek – mede door het gemanipuleer van resultaten van boomjaarringanalyses- en Conolley vanwege zijn ijver om Wikipedia een alarmistische kleur te geven. In gewone termen: de argeloze lezer op het verkeerde been zetten. RC biedt aan velen die niets van de klimaatwetenschap begrijpen, maar zich als nijvere gelovigen willen opwerpen, houvast.

Het was de CRU die de temperatuurdata leverde om het ‘blad’ van de hockeystick te vormen (hierover later meer). De steel bestond dus uit gemanipuleerde en weerlegde statistische bewerking van proxies (boomjaarringen) om de Middeleeuwse Opwarming en de Kleine IJstijd weg te moffelen. Het heeft enige tijd gekost om dit bedrog aan de kaak te stellen en het kwaad was al geschied in de gedaante van de wereldwijde klimaatdoelen, voordat de hockeystick uit de boeken van het IPCC verdween. Die doelen verdwenen niet, al waren deze dus nergens op gebaseerd.

De incestueuze relatie tussen die groep van 43 (CRU) en het IPCC kwam uiteindelijk pijnlijk aan het licht bij de diverse Climate Gates, de publicatie van grote aantallen gênante mails die laten zien dat hier geen sprake is van wetenschap maar politieke doelen, misleiding en manipulatie.

Ook de werkwijze van het IPCC is op zijn zachtst gezegd curieus. Zo publiceert het IPCC de Summary for Policy Makers (SPM) maanden eerder dan het eigenlijke rapport. De SPM is altijd onverkort nog alarmistischer dan de vorige en stemt zelden overeen met de achterliggende wetenschappelijke informatie, of wat hier bij het IPCC voor doorgaat, waarbij het vertrouwen (nou ja, betrouwbaarheidsinterval slechts) navenant toeneemt teneinde te voldoen aan de vereiste PR om de zwaktes te verhullen. Dit wordt lastiger naarmate de waarnemingen steeds overtuigender de klimaatmodellen van het IPCC weerleggen. In het rapport van 2007 zelf wordt overigens wel twijfel over de modellen geuit. Zo lezen we ook:

The climate system includes a variety of physical processes, such as cloud processes, radiative processes and boundary-layer processes, which interact with each other on many temporal and spatial scales. Due to the limited resolutions of the models, many of these processes are not resolved adequately by the model grid and must therefore be parametrized. The differences between parametrizations are an important reason why climate model results differ.

Ja ja, parameters, precies waar het om gaat. Je vult wat in als je het niet meer weet. Garbage in, garbage out, of voor onze klimaatgelovigen: Garbage in, Gospel out.

Vooral als je de cirkelredenering volgt dat CO2 temperatuurstijging tot gevolg heeft …en zie het resultaat via de modellen: QED, of toch niet?

Modellen worden overschat, omdat modellen zelf hypothesen zijn. Hier zit de denkfout van velen, juist politici. Dit verklaart ook het onterechte vertrouwen in het Rapport aan de Club van Rome. Geen enkel scenario ervan is uitgekomen. Paul Ehrlich blijft tegen beter weten grossieren in hongersnoden en op ditzelfde pad begeven zich nu ook alarmisten.

Wat we bovendien kunnen destilleren uit de SPM’s van het IPCC, de werkwijze van het IPCC en die van CRU, is de meest geavanceerde, lees: doortrapte, manipulatie van de mensheid. Groepsdenken en Morele Paniek spelen een belangrijke rol. Groepsdenken is een psychologisch fenomeen dat voorkomt bij een groep, waarin het verlangen naar harmonie en overeenstemming binnen de groep resulteert in een irrationele en/of disfunctionele besluitvorming. Leden van de groep proberen om interne conflicten te minimaliseren en tot een consensus te komen, zonder kritische evaluatie van alternatieven. Ook onderdrukt de groep afwijkende standpunten op een actieve wijze en isoleert het zich van invloeden van buitenaf.

Zo heerst ook de gedachte van onaantastbaarheid en eigen morele verhevenheid: wij zijn het IPCC. Wij maken geen fouten. Dit alles kunnen we onverkort ook constateren bij de groep rond Mann en CRU. Met alle alarmisme gaat ook het begrip morele paniek gepaard:

een buitenproportionele, vijandige en gemediatiseerde reactie op een situatie of technologie, een persoon of groep, die waarden en normen lijken te bedreigen. Het begrip verklaart maatschappelijke angstreacties die niet in verhouding staan tot de ernst, het risico, de schade of de dreiging.

We kunnen aan de lijst voorbeelden op de site toevoegen: Broeikasgassen, met name CO2.

Als wij ons afvragen of dit allemaal echt zo simpel werkt … ja, het werkt verbijsterend simpel.

Dat is exact het mechanisme voor ‘moral panic’ en het werkt niet alleen voor conflicten en oorlogen tussen mensen maar ook voor oorlogen bijvoorbeeld tegen het klimaat. Er zijn maar een paar woorden anders:

All you have to do is tell them they are facing climate disaster and denounce the deniers for lack of integrity and exposing the world to danger.

Onzin zegt u? Maar Michael Mann zegt het zelf.

Het is onvermijdelijk dat het op deze manier jarenlang volhouden van wetenschappelijke onzin, niet bestaande consensus, niet bestaande rampen en andere misplaatste boude beweringen tot gênante vertoningen moet leiden. Dit gebeurt ook. Hieronder een voorbeeld gebaseerd op de mythe van consensus.

Pay no attention to the data

is inderdaad het niveau van de huidige verdedigers van de AGW-hypothese (Anthropogenic Global Warming; door de mens veroorzaakte catastrofale opwarming). Het tweede voorbeeld is al even veelzeggend.

De dame probeert zich nog te redden door te beweren dat de materie heel erg complex zou zijn. Dit is niet juist, want het gaat om verzonnen ‘feiten’. Ik stel mij dergelijke gênante vertoningen ook voor bij een parlementaire enquête over de totstandkoming van het Nationale Energieakkoord. Ongetwijfeld zal die er komen en zullen diverse heren en dames zich moeten verantwoorden. De gedachte is verleidelijk dat een spoedige sluiting van onze kolencentrales en die in Duitsland – naast kerncentrales – de gevolgen van de door Maurice Strong c.s. beoogde anti humane economische ineenstorting van het Westen, gepaard gaande met dan sterk gereduceerde menselijke invloed op het milieu, voor de hele wereld zichtbaar maakt. Wat dan overblijft is de puisant rijke elite van het Eco Industrieel Complex, met Al Gore voorop, zonder dat de ontwikkelingslanden er maar een cent wijzer van zijn geworden.

Een groene bestorming van de Bastille in het verschiet? Als gevolg van groepsdenken, morele paniek en wetenschappelijke ongeletterdheid van onze politici blijft het huidige beeld het toekomstbeeld. Het is verbijsterend te constateren hoe effectief PR en het voorzorgprincipe elke kritiek de kop in weten te drukken, waar wetenschap onvoldoende soelaas biedt. Voor het bedrijven van eerlijke wetenschap zijn echter geen van beide nodig. Hoe wrang kun je het hebben?

Opnieuw een teken dat het niet om feiten gaat maar om een politiek doel. Onder normale omstandigheden had het IPCC de schandalen rond de Climate Gates en de hockeystickgrafiek niet overleefd, maar flinke PR bleek effectief. Ook de onderlinge verwevenheid is robuust. Zo leverde o.a. het UK meteorologische instituut UKMO/CRU de meetgegevens voor de hockeystickgrafiek. De directeur was Houghton, later co-chair van het IPCC.

Keren wij terug naar de idealen van Maurice Strong, de Club van Rome en agenda 21, hoe kan een volledige economische ineenstorting van de geïndustrialiseerde wereld bewerkstelligd worden? Dit kan door het levensbloed af te knijpen, dus de noodzakelijke energie onbereikbaar of onbetaalbaar te maken. Niet verwonderlijk is dan ook de hartstochtelijke roep om CO2-belasting en het stelselmatig met veel PR-vertoon demoniseren van kernenergie, kolen en schaliegas. Wat dan overblijft is de met veel PR aangeprezen inferieure techniek van hernieuwbaar die ons terugslingert naar de middeleeuwen.

Alles bij elkaar kunnen wij veel leren van de confrontatie met de feiten. Er blijft bedroevend weinig over van de zelfverzekerde uitspraken over science is settled, de vreselijke opwarming met alle daarbij gepaard gaande rampen, de klimaatmodellen die geen van alle deugen, de hockeystickgrafiek die inmiddels uit de boeken van het IPCC is verdwenen, the ‘Tropospheric Hotspot’ als ultieme vingerafdruk van opwarming, die nooit is gevonden en ga zo maar door. Rond 2013 zou de Noordpool ijsvrij zijn wist ook Al Gore te verkondigen. Hier is niets van gebleken. En dan hebben we het ook over Ehrlich en zijn hongersnoden.

Er valt weinig anders te constateren dat al dat alarmisme op geen enkel wetenschappelijk feit berust. Wel op corruptie, politieke agenda’s, eigenbelang, misleiding, nepotisme, anti-democratische maatregelen, groepsdenken, morele paniek, en ga zo maar door. Het is een bedroevende vertoning dat zonder de PR-functie en het koeioneren van criticasters door de milieubeweging, de lamlendige onwil onder politici om er iets van te willen begrijpen, o.a. nooit tot een huidige absurditeit als het Nationale Energieakkoord had hoeven te leiden. Men kan constateren dat nimmer in de geschiedenis door zo weinigen zo veel moeite is gedaan om zo veel onzin een podium te bieden voor zo veel eigenbelang. Dit is natuurlijk tot falen gedoemd. Eerst een hypothese en dan de data er bij zoeken zonder ruimte te laten voor falsificatie (natuurlijke forcings) druist in tegen alle wetenschappelijke principes, maar dit is het IPCC ten voeten uit onder protectie van de Praetoriaanse Garde van het CRU. Maar toch mogelijke gerechtigdheid:

The great tragedy of science is the slaying of a beautiful hypothesis by an ugly fact.

Dit ‘fact’ vertegenwoordigt de veelheid aan onjuistheden die hierboven niet uitputtend aan de orde kwamen. Toch houdt men vast aan het alarmisme. Ontluisterender science friction kan men zich nauwelijks bedenken. Wat concluderend nodig is, is dan ook deze paradigmashift:

Niet falsificatie doet paradigma’s verschuiven, maar de autoriteit van de zittende macht. Zolang die zijn misvatting niet in wil zien, zullen sceptici niet slagen in het omverwerpen van de bestaande theorieën door middel van contrabewijzen en falsificaties. Popper’s principe dat elke theorie bij één falsificatie ongeldig is klopt in principe, maar geldt helaas niet in de praktijk.

 

Bron hier.

 

 

Print Friendly, PDF & Email