Welvaartsverlies door windenergie – de sommetjes

Fred Udo.

Een bijdrage van Fred Udo.

Nederland maakt zich op voor een toekomst vol zwaaipalen en zonnepanelen. In 2030 zal er volgens de notitie van het PBL[1] minstens 20 GW windvermogen zijn opgesteld, verdeeld over ruwweg 10 GW op land en 10 GW op zee. Daarnaast wordt 80 km2 land bedekt met 8 GW zonnepanelen. In deze bijdrage worden de economische gevolgen van een dergelijke operatie beschouwd.

Op de achtergrond van de discussies over het nut van wind- en zonne-energie bevindt zich altijd de vraag: ‘Levert windstroom een zinvolle bijdragen aan onze door elektriciteit aangedreven maatschappij?’

In andere vormen is de vraag: ‘Hoe groot is de EROI, het energetisch rendement van zwaaipalen’. Of: ‘Wat is de terugverdientijd?’

De windindustrie maakt zich ervan af door met stelligheid te beweren, dat een paal zijn eigen energie in 3 tot 6 maanden heeft opgewekt, maar daarbij wordt een groot deel van de kosten buiten beschouwing gelaten.

Het rendement van windstroom is afhankelijk van de configuratie van het stroomnet en de grootte van de windbijdrage.

Dit artikel maakt een schatting van het financiële rendement van zwaaipalen in een stroomnet, zoals geprojecteerd door het PBL in 2030. Dit is gedaan door eenvoudig de investering te vergelijken met de hoeveelheid en de kwaliteit van het product windstroom gedurende de levensduur van de installatie.

De inpasverliezen van 20 GW windstroom

Ondanks wilde ideeën over elektrisch vervoer en elektrische verwarming wordt in vele projecties van het stroomverbruik uitgegaan van een stabiel of zelfs dalend stroomverbruik.

Het stroomverbruik in Nederland is nu 120 000 GWh/jaar. Dit is al enige jaren stabiel.

Het bruto aanbod van 20 GW wind en 8 GW zonnestroom is ongeveer 64 000 GWh per jaar.[2]

Dit is een bijdrage van ruim 50% van de totale stroomverbruik, maar 28 GW vermogen is ruim 2 maal de gemiddelde stroomvraag in Nederland. Het verschil komt door de lage aantal vollasturen van wind en zonne-collectoren..

Het is duidelijk, dat niet alle geproduceerde wind- en zonnestroom ingepast kan worden in het net. De Engelse term voor inpasverliezen is curtailment.

Een berekening van de te verwachten inpasverliezen is gegeven in [3], waar de bedrijfsgegevens van het Ierse stroomnet worden geanalyseerd.

Onderstaande figuur is gereproduceerd uit ref. 3:

Bij 50% wind kan 30% van de windproductie niet worden ingepast in het net.

Het gevolg is, dat de effectieve capaciteitsfactor van wind op land en van wind op zee met 30% wordt verlaagd. De capaciteitsfactor van wind op land gaat van 0,25 naar 0,7 x 0,25 = 0,175 en die van wind op zee gaat van 0,40 naar 0,7 x 0,40 = 0,28.

De economische waarde van 20 gigawatt windstroom

De berekening hieronder beschouwt de windindustrie als een bedrijfstak met een product, dat een zekere economische waarde heeft, die gegeven wordt door de prijs op de spotmarkt en de kosten die de afnemers moeten maken om het te gebruiken.

De berekening houdt geen rekening met subsidies, groene investeringsaftrek en andere extraatjes, die de overheid met gulle hand uitdeelt aan windenergie exploitanten.

De netto productie (curtailment)

Het aantal vollasturen van zwaaipalen op land [zie plaatje 1] is in de projectie van het PBL gereduceerd tot 0,175 x 8760 uren per jaar = 1533 uur.

De netto jaarproductie van 1 megawatt windvermogen is nu 1533 MWh.

Op zee is de netto stroomopbrengst 0,28 x1 MW x 8760 uur = 2450 MWh per jaar per megawatt opgesteld vermogen.

De zwaaipalen produceren dus gedwongen 30% minder stroom, maar dat vinden de exploitanten helemaal niet erg, want de niet geproduceerde stroom wordt ook betaald (door de verbruiker).

Niets is te dol in zwaaipalenland.

Het profieleffect.

De prijs van elektriciteit op de spotmarkt is afhankelijk van de momentane windbijdrage. Veel wind betekent een te hoog stroomaanbod, dus lage marktprijs. Het PBL heeft hier de naam profieleffect aan gegeven.

Het PBL schat dat bij 50% windbijdrage de opbrengst van windstroom gemiddeld 30% lager zal zijn dan de gemiddelde marktprijs. Dit klopt met de variatie van de stroomprijs in Denemarken als gerapporteerd door P.F.Bach [4]

Stellen wij de stroomprijs op 5 cent/kWh dan wordt de marktprijs voor windstroom 3,5 cent.

De onbalansvergoeding

De windindustrie betaalde voor 2010 1 cent per geleverde kilowattuur aan de stroomproducenten. Dit was een vergoeding voor de voorzieningen die getroffen moeten worden om de onregelmatigheden in de productie van windstroom op te vangen. Dit is de onbalansvergoeding.

Deze vergoeding wordt niet meer betaald, maar de kosten van onbalans in het net zijn niet verdwenen, integendeel, want deze kosten worden alleen maar hoger bij een toenemend aandeel wind. In deze berekening wordt de vergoeding voor onbalanskosten op 1 cent/kWh gehouden ondanks de veel hogere windbijdrage.

Het profieleffect en de onbalansvergoeding verlagen de netto opbrengst van windstroom van 5 cent naar 2,5 cent per kilowattuur.

Hieruit volgt de economische schade veroorzaakt door een zwaaipaal van 1 megawatt op land.

De waarde van de geproduceerde stroom is 25 euro per megawattuur.

  • De productie per megawatt vermogen is 1533 MWh/jaar.
  • De bijdrage aan de economie per jaar is 1533 x 25 euro = 38300 euro/jaar.
  • De investering voor 1 MW wind op land is 1,4 miljoen euro [5].
  • De terugverdientijd is 1,4 miljoen euro / 38300 euro/jaar = 36,6 jaar

Conclusie wind op land

Het duurt ruim 36 jaar voordat een zwaaipaal zijn eigen investering heeft terugbetaald via de werkelijke waarde van de geproduceerde windstroom.

Hierbij is nog afgezien van financieringskosten, verzekering, veroudering (1,6%/jaar), onderhoud en ondernemerswinst.

De aantasting van het landschap, het vermalen van vogels en vleermuizen wordt überhaupt nooit in rekening gebracht. Daarbij is 2500 km2 land veranderd in windindustrieterrein [6].

Dit is economische zelfmoord.

Wind op zee

Volgens de notie van het PBL is wind op zee duurder dan wind op land . Wind op land levert een bate van 20 euro/ton bespaarde CO2 tegenover de kosten van 20 euro/ton bespaarde CO2 voor wind op zee. Dit spoort niet met de prijzen, die geboden worden in de veilingen voor zwaaipalen op zee. Misschien weet PBL toch meer over de voorwaarden, waaronder zo’n lage biedprijs mogelijk is. Een ervan is natuurlijk de stroomaansluiting op zee, die door Tennet wordt verzorgd en door de verbruikers apart wordt betaald.

Zonder verdere gegevens is de economische schade moeilijk te bepalen, maar het volgende persbericht geeft een goede aanwijzing:

Uit een artikel van het FD van 26 jan 2017 citeren wij de kop en een tekst:

Hausse in groene energie blijft

Afgelopen jaar is er voor € 18,2 mrd geïnvesteerd in wind op zee. Daarmee is voor 4900 megawatt aan offshorewind gefinancierd. Dat is een stijging van 40% ten opzichte van 2015.

Hieruit volgt de prijs voor wind op zee in 2016:

18,2 mrd / 4900 MW = 3,7 miljoen euro per megawatt.

De gemiddelde prijs in voorgaande jaren was ruim 4 miljoen per MW.

Hier zien wij dus een 10% verlaging van de kostprijs van wind op zee.

Dezelfde berekening voor 1 megawatt zwaaipaal op zee gaat nu als volgt:

  • De waarde van de geproduceerde windstroom is 25 euro per megawattuur.
  • De jaarproductie per megawatt vermogen is 2700 MWh.
  • De bijdrage aan de economie per jaar is 2700 x 25 = 67500 euro/jaar.
  • De investering voor 1 megawatt wind op zee is 3,7 miljoen euro.
  • De terugverdientijd = 3,7 miljoen / 67500 euro/jaar = 54,8 jaar

Conclusie wind op zee

Het duurt bijna 55 jaar voordat de molen op zee zijn eigen investering heeft terugbetaald via de economische waarde van de geproduceerde windstroom.

De moderne economie is gebaseerd op betrouwbare en goedkope energie. 2500 km2 zwaaipalen dragen daar niet aan bij, integendeel. en 80 km2 land bedekt met zonnepanelen[7] nog minder.

Op twitter vond ik het volgende citaat:

Nederland is een derde wereldland in aanbouw.

 Voetnoten

  1. Planbureau voor de Leefomgeving 28 maart 2018. Kosten Energie- en Klimaattransitie (!) in 2030. Het begrip klimaattransitie is nieuw in klimaatland.
  2. Dit is berekend met een capaciteitsfactor wind op land = 0,25, wind op zee = 0,40, zon = 0,10.

  3. https://fredudo.home.xs4all.nl/Zwaaipalen/Curtailment.html.
  4. P.F.Bach analyseert de Deense en de Europese stroommarkt Zie http://www.pfbach.dk/

  5. Ecofys Kostprijsanalyse wind op land 4 april 2017. Ecofys berekent, dat wind op land 8 cent per kWh kost, maar zij rekenen met een imaginaire capaciteitsfactor van rond de 0,30. Rekenen wij met de netto waarde van 0,175, dan is in 2030 de prijs voor wind op land 13,7 cent per kilowattuur. De schade voor de economie is dan 13,7 – 2,5 = 11,2 cent per kilowattuur. Dit telt op tot 170 000 euro per jaar per zwaaipaal van 1 megawatt.

  6. Het PBL voorziet 2500 zwaaipalen van 4 MW vermogen. Deze monsters maken elk 1 km2 land onbewoonbaar.

  7. De dichtheid van zonnepalen is 1 MW per hectare.

Door |2018-06-01T12:28:25+00:002 juni 2018|45 Reacties

45 Comments

  1. Kees le Pair 2 juni 2018 om 11:23 - Antwoorden

    Indien er een Nobel-prijs was voor windmolenkunde, kreeg Fred Udo die. Hij was de eerste die de oplossing vond op de vraag hoe groot de verliezen zijn als gevolg van de achtervang die de veranderlijke wind compenseert. En nu laat hij zien hoe groot de economische schade is, die de molens aanrichten. Eerdere berekeningen van vele anderen gingen altijd mank door subsidie, belasting en andere kostenwegmoffelende regelingen. Dit artikel brengt nog een ander schrikbarend feit aan het licht. Molenfinanciers mogen op technisch vlak sukkels zijn, maar als het op kennis van geld en maatschappelijke processen aankomt, zijn ze niet dom. Niet dommer dan wij. Hoe komen ze er dan toe verliesgevende molens te bouwen? Het antwoord is natuurlijk dat de molens dankzij subsidies winstgevend zijn. Gebrek aan wind is geen risico. Dat wordt door de regelingen afgedekt. Maar hoe staat het met het risico dat die regelingen worden ingetrokken, waardoor de winst in verlies verandert? Het is duidelijk dat de molenaars dat risico laag schatten. En zij zijn betere maatschappij kenners dan wij technici. Het betekent dat de kans dat volk en regering tijdig bij zinnen komen en een eind aan de waanzin maken, laag is! Er is niet alleen een catastrofe in aanbouw, hij is ook nog eens onafwendbaar. Zullen we het de Nijpelsramp noemen?

  2. Danny Keeven 2 juni 2018 om 12:09 - Antwoorden

    De vraag is nu: Hoe krijgen we dit in de main-stream media? Hoe krijgen we zendtijd en ruimte om een discussie aan te zwengelen terwijl apostelen van de CO2 religie ruim baan krijgen om te pas en te onpas de meest onzinnige zaken te koppelen in de media? Hoe krijgen we echte ingenieurs weer in de discussie groepen over “de energie transitie” in plaats van duistere- of onwetende persoonlijkheden als Koornstra, Heer Rot en inderdaad zoals net genoemd Nijpels? Dat zijn voor mij de grote vragen die we in dit forum aan de orde moeten stellen. Het wordt tijd voor een “techneuten revolutie” die de zin van de onzin gaat scheiden in Jip en Janneke taal met mensen die in normaal Nederlands vragen stellen aan de kopstukken.

    • Cathrien stroink 2 juni 2018 om 12:33 - Antwoorden

      Ik vrees dat geldt, als met de massa immigratie:

      Te laat, te laat zei Winnetoe
      Het zaad is al naar binnen toe

      (Uit een rugby song book)

      Dus hoe aborterend te werk te gaan?

      Ik verspreid als leek al jaren wat o.a. hier op de site staat. Dat voor God spelen door te beweren het KLIMAAT te gaan TEGEN HOUDEN compleet idioot is etc. etc. Maar het groene evangelie is er alleen maar op vooruit gegaan. Zelfs, of juist, in reclames roept men al dat er nog maar 500 zoveel dagen over zijn om de klimaat doelen te halen……..

  3. Danny Keeven 2 juni 2018 om 12:54 - Antwoorden

    Ik ken het gevoel Cathrien, maar ik zie ook dat er steeds meer mensen durven toe te geven dat ze zo langzaam aan wel zat zijn van de demagogie rondom de klimaat en milieu hype. Ik geloof echt dat de tijd rijp is voor “de verlichting” en vooral het aanbrengen van de echte feiten. Tesla helpt ons bijvoorbeeld zo langzaam aan ook al een beetje want er komen steeds meer problemen aan het licht rondom deze “Elektrische status skelters” zoals bijvoorbeeld de (on)blusbaarheid van zo’n ding als er ergens kortsluiting in de “milieumobiel” ontstaat. Het lijstje van mensen die zo’n evenement niet na kunnen vertellen wordt steeds langer en men kan het steeds minder onder het tapijt schuiven.

    • Cathrien stroink 2 juni 2018 om 13:12 - Antwoorden

      Blijven hopen?

      Over het algemeen ben ik niet meer zo hoopvol.

      De komende decennia worden voorlopig alleen maar slechter. De vuile was de deur uit doen en de boel onder het tapijt blijven vegen kan niet zonder nogal wat rampzalige gevolgen blijven.

      Het enige plezier voor mij is leedvermaak als ik bepaalde lieden zenuwachtig hoor stuntelen als ze zich proberen te verdedigen tegenover mensen die heel rustig keiharde, niet te weerleggen feiten op tafel leggen.

      Op divers maatschappelijk vlak. Want zoals alles: alles houdt met elkaar verband.

  4. j.e.reinders 2 juni 2018 om 13:43 - Antwoorden

    Mooie blog van de heer Udo.
    Valt volgens mij niet veel op af te dingen wat het effect van wind en zon is.
    Wat ik lees is dat met veel moeite tot 37 % van de elektriciteit productie uit wind en zon komt in de toekomst.
    Dus het leeuwendeel van de productie komt van andere bronnen.(gas centrales?)
    Hoezo van het gas af?
    Als de woonhuizen warmtepompen hebben verdubbeld hun gemiddelde stroomverbruik. Maar in een paar wintermaanden wordt dat verbruik verviervoudigd. Er moeten flink wat centrales bijgebouwd worden voor de windstille perioden in die wintermaanden. Maar welke ondernemer wil een centrale bouwen die 9 manden per jaar stil staat? Subsidie!!

    Nu al zijn de netwerkkosten voor mijn huis (3000 kwh verbruik) net zo hoog als de leveringskosten voor elektriciteit. Door aansluiten van die windparken, verzwaren van de laagspanningnetten in de woonwijken en verzwaring van het hoogspanningnet voor de extra centrales en windparken zullen die netwerk kosten fors stijgen. En Tennet rekent die kosten wel door.

    Ik denk dat de kreet, huishoudens van het gas af veel meer gaat kosten dan die windenergie.

  5. Marc 2 juni 2018 om 13:57 - Antwoorden

    De kritische vragen die niemand durft te stellen zijn natuurlijk:

    a) wat zijn de effecten van vraagsturing op curtailment?
    b) in hoeverre kan het aandeel EV’s in 2030 bijdragen aan de vraagsturing en daarmee curtailment beperken?
    c) is de prijs 3,7 miljoen per MW voor wind op zee realistisch gezien de ontwikkelingen als meer MW per molen en subsidievrije wind tenders?
    d) is de 2,5 cent opbrengst per kWh voor 2030 een realistische prijs?
    e) er wordt nu gerekend op basis van curtailment bij 50% hernieuwbare energie, in de periode tot 2030 is dat aandeel lager en daarmee is er ook minder curtailment, wat is het effect op de terugverdientijd wanneer hier rekening mee gehouden wordt?
    f) wat is het effect van het sluiten van de kolencentrales per 2030 op curtailment aangezien gascentrales beter de vraag kunnen volgen en daardoor in theorie er minder curtailment zou zijn?
    g) In 2016 was er in Duitsland sprake van 4,4% curtailment bij een windenergieaandeel van ca 19% en daarmee iets lager dan de grafiek van Fred Udo geldend voor Ierland, waarom is de situatie in Ierland passen voor Nederland en moeten we met meer curailment rekenen dan de praktijksituatie in Duitsland?
    h) Moet er geen rekening gehouden worden met de CO2 kostprijs aangezien het doel van de transitie CO2 reductie is. Of anders gesteld, wat is de prijs per uit uitgespaarde ton CO2 aangezien daar tegenwoordig op gestuurd wordt?
    i) is het niet wat kort door de bocht om een kostprijs zonder onzekerheidsmarges te geven gezien het aantal parameters dat invloed op die kostprijs heeft terwijl veel van de parameters aannames zijn?

    • Boels 2 juni 2018 om 14:48 - Antwoorden

      @Marc 2 juni 2018 om 13:57
      “De kritische vragen die niemand durft te stellen zijn natuurlijk”

      Ik zou er ook wel een paar kunnen noemen, maar het is rommelen in de marge.
      Daarmee verandert het beeld niet.
      Ik kietel liever de AGW-klimatologie en de politieke aanhang, want daar stoelen naar zeggen de beleidsmaatregelen en voornemens op.

  6. Scheffer 2 juni 2018 om 14:17 - Antwoorden

    Laten we het “duurzame terugverdien” geheel nog eens herberekenen a.d.h.v. de technische levensduur en onderhoudskosten. Je wordt er dan steeds duurzamer pessimistischer van………………

    Udo: “Het duurt ruim 36 jaar voordat een zwaaipaal zijn eigen investering heeft terugbetaald via de werkelijke waarde van de geproduceerde windstroom.”

    Met 36 jaar economische terugverdientijd van windturbines, vergeten we feitelijk de technische levensduur van windturbines. Die is in het allergunstigste geval gelijk of meer dan 15 jaar zo blijkt uit de cijfers (= 17,2 +/- 4 jaar).

    Het onderhoud op zee (met triptenders en/of helicopters) is een kostenfactor, die ook niet werd becijferd maar wél meetelt in de totale operationele kosten. Verder de demontage van de schroothoop zwaaipalen, laten we die ook maar meetellen in de totale kosten.

    Als we de gemiddelde technische levencyclus van de zwaaipalen met Udo’s berekening verdisconteren dan kan de “duurzame” terugverdientijd meer dan het dubbele van 36 jaar ( 72 jaar +/- 8 jaar) voordat een “duurzame” zwaaipaal zijn eigen investering heeft terugbetaald via de werkelijke waarde van de geproduceerde windstroom.

    https://www.climategate.nl/2016/01/levensduur-windmolens/

  7. Peter van Toorn 2 juni 2018 om 14:25 - Antwoorden

    Fred

    Ik heb weinig toe te voegen aan de berekeningen, al hoewel een vraag naar boven begon te komen of in de gegevens die je gebruikt hebt, de technische levensduur van de mallemolens is meegenomen. Vaak word je wijsgemaakt dat de levensduur van molens minstens 25 jaar is, maar met de ervaring met andere duurzame producten (b.v. spaarlamp) en machines in het algemeen, hou ik het maar op 15 jaar.

    Die 15 jaar is veel minder dan de 35 tot 55 jaar genoemd in je stuk. De kosten van repowering (vervanging van cruciale onderdelen of totale vervanging van de molens) moet wel opgebracht worden door de investeerders of meer waarschijnlijk de belastingbetaler/consument. Dan komen de kosten van de verwerking van het afval (niet afbreekbare wieken van composiet en mogelijke giftig afval van zonnepanelen) er nog bovenop. De heisa die ontstond rondom de Brent Spar zal in het niet vallen, wanneer de kosten van dit duurzame afval op zee zichtbaar worden.

    Je hebt de investeringskosten via de economische waarde er nog niet uit, terwijl het product al drie keer technisch is afgeschreven. Zo dom waren ze in het steentijdperk nog niet.

    Dan moet de wal het schip maar keren.

  8. Hugo 2 juni 2018 om 15:05 - Antwoorden

    Kees
    Er was eens een ir Ummels die promoveerde in Delft op de modelberekeningen van de inpassingsmogelijkheden van windmolens op ons vraaggestuurde netwerk.

    Dit geeft hij zelf aan: “In mijn proefschrift heb ik computersimulaties gemaakt van het Nederlandse elektriciteitssysteem, met verschillende hoeveelheden windvermogen. 12 GW, waarvan 8 GW op zee, levert voldoende stroom voor ongeveer een derde van de Nederlandse elektriciteitsvraag. Uit de simulaties blijkt dat de Nederlandse elektriciteitscentrales de variaties in de elektriciteitsvraag en windaanbod ook in de toekomst op elk moment kunnen opvangen.”

    Nog een stukje van zijn tekst:
    Energie-Opslag Niet Nodig
    Mijn onderzoek wijst verder uit dat er geen voorzieningen voor energieopslag hoeven te komen. Voor het technisch functioneren van de elektriciteitssysteem is zo’n extra buffer niet nodig, en met de enorme investeringskosten is het ook niet rendabel. De resultaten geven aan dat internationale elektriciteitshandel een veelbelovende en goedkopere oplossing is voor de inpassing van windenergie.

    http://www.olino.org/articles/2009/04/02/windenergie-the-sky-is-the-limit/

    Dat is de basis voor dit onzinbeleid.
    Vervolgens doet Kema het nog eens dunnetjes over en in 2012 komt het illustere duo van Soest en Ummels in Beeld.
    http://www.gemeynt.nl/nl/blog/energie/slordig-denken-over-windenergie-geeft-onjuiste-conclusies/
    Vervolgens gebruiken ze het aantal en het autoriteitsargument om aan te tonen dat zij gelijk hebben
    “Idealiter wordt de brandstofbesparing uitgerekend met een model dat de samenhang van het elektriciteitssysteem beschrijft, zoals gedaan door TU Delft, TenneT, Kema en anderen. Het kán ook wel op de achterkant van een enveloppe, maar alleen als het ‘model’ dat in het hoofd van de rekenaar zit spoort met de werkelijkheid. Anders komen er rare uitkomsten. Indien bijvoorbeeld het ‘model’ van Le Pair op elektriciteitsbesparing worden losgelaten, zou dat tot de wonderlijke en inderdaad onjuiste conclusie leiden dat elektriciteitsbesparing amper tot brandstofbesparing leidt.
    En dan komen er een paar echte knelpunten in beeld.
    1e Ummels promoveert op een onderwerp waar hij onvoldoende kennis over heeft en komt met de volgende tekst:
    “Onder meer door een van ondergetekenden in zijn proefschrift Wind Integration (2009). Afstudeerhoogleraar prof. Wil Kling werkte destijds deels bij TenneT, het landelijk netbedrijf dat het hoogspanningsnet beheert en precies weet hoe het elektriciteitssysteem werkt.”
    Triest maar hierbij komt duidelijk naar boven dat Ummels onvoldoende in beeld had waar hij mee bezig was.
    2e Het past in het straatje van de toenmalige minister en Kema en Tennet doen het kunstje nog eens over.
    Het gaat zelfs zover dat Kamp in een brief aan de 2e kamer aangeeft dat de inpassingsmogelijkheden van wind op het net alleen op basis van modelberekeningen bepaald kunnen worden en dat de praktijkcijfers voor dat doel onbetrouwbaar zijn.
    3e ook in mijn beleving klopte het niet en volgde er in 2010 een discussie met de overheid wat uiteindelijk in een rapport met de ombudsman uitmondde.
    Dit was een van de punten:
    6. In bijlage 4 van het rapport ‘Klimaatstrategie – tussen ambitie en realisme’ van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid worden kritische kanttekeningen geplaatst bij een eventuele keuze voor grootschalige toepassing van windenergie. Hierbij wordt gedacht aan 6500 megawatt (hierna: MW) of meer. Deze bevindingen worden tegengesproken door andere studies, waaronder die van Frontier Economics, uitgevoerd in opdracht van EnergieNed. Hierin wordt gesteld dat bij 12000 MW windvermogen in Nederland de grens van de mogelijkheden van het huidige energiesysteem wordt bereikt.
    Een ander onderzoek van Kema (in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken) uit september 2010 heeft als conclusie dat 12000 MW inpasbaar is. Het huidige in Nederland geplaatste vermogen bedraagt circa 2200 MW. Volgens deze bronnen is de systeemgrens dus niet in zicht. Daarom heeft Agentschap NL ervoor gekozen om op de website geen links op te nemen naar de onderzoeken.
    https://www.nationaleombudsman.nl/rapporten/2011/221
    Duidelijk dacht ik de grens was bepaald op maximaal 12000MW.

    En nu draait het beleid op de PBL sommetjes en komen we uit op 20 GW.
    Als je de stukken van het PBL doorneemt, lees je dat zij uitgaan van de partijprogramma’s van de politieke partijen.
    Samengevat: Ummels zat er naast dat had Fred goed in beeld vervolgens wordt hij afgeserveerd door het duo Ummels en van Soest op onjuiste argumentatie met teksten die in de politiek goed vallen.
    De overheid geeft in 2011 aan dat ook de minister van mening is dat 12.000 MW de bovengrens is en het PBL gaat op basis van eigen sommetjes nu uit van 20.000 en dan gaan we fors de grens over de bijdrage gaat door het te veel aan windcapaciteit onderuit.
    Tot zover de politiek en de rekenaars die er uiteindelijk een potje van maken.
    Nu het gesjoemel.
    Er worden veel te hoge subsidies versterkt en naarmate het aandeel wind toeneemt nemen de mogelijkheden om pieken op het net op te vangen af en de inpassingsverliezen toe. De waarde van deze stroom op de stroommarkt gaat onderuit. In Duitsland zien we nu al regelmatig een negatieve stroomprijs ontstaan. Wij krijgen geld toe als wij de pieken overnemen.
    Kamp komt nu met een trucje hij haalt de aansluitkosten weg uit de projectkosten en brengt die onder bij de netwerkbeheerder. Zo is het net alsof de kosten voor windparken een stuk lager worden en hij gaat uit van een stijgende stroomprijs dat die door te veel weerafhankelijke stroom wel eens sterk zou kunnen dalen bij veel wind werd even vergeten. Het is dan ook maar de vraag welke garanties er worden gegeven.
    De rol van de leveranciers is ook onder het maaiveld gebleven.
    Ummels is bij Siemens gaan werken en heeft mede de windmolentak opgezet. Windmolenbouwers zijn er net gestrekte voet ingedoken. Trots presenteerden ze de leveringsprofielen van hun nieuwe weer grotere turbines.
    Toen duidelijk werd dat tot windkracht 4 er nauwelijks stroom geleverd werd en ze pieken tussen bijna niets en maximum (het opgestede vermogen) tussen windkracht 4 en 6 en daarboven de levering vlak werd door wiekverstelling en dit hier en daar gebruikt werd om aan te tonen dat windmolens slecht inpasbaar zijn op het vraaggestuurde net en er altijd voldoende reservecapaciteit nodig was verdwenen die profielen al snel van het net.
    Maar intussen was en een hele bedrijfstak ontstaan inclusief bouwers en offshore bedrijven die allemaal voordeel hebben. En er werden financieringsmogelijkheden geregeld door windmolenbouwers.
    En zo was de cirkel rond de zwaaipalen industrie die tevens financier werden en de politiek die door niet juiste modelberekeningen op een dwaalspoor werden gezet en clubs als PBL die beleid maken op basis van partijprogramma’s en de mooie SDE+ regeling.
    Wat is de werkelijke bijdrage op dit moment exclusief inpassings- en andere verliezen?
    2000 MW op het land is het doel in 2020 en die molens leveren door het jaar heen op het land gemiddeld net 20% van het opgestelde windvermogen. Dat betekent dat exclusief de verliezen die molens bruto net zoveel gaan leveren aanbodgestuurd als een doordraaiende basislastcentrale van 1200MW kan leveren.

    Het grootste windpark Gemini waarvan trots wordt verteld dat ze daarmee stroom kunnen leveren voor 780.000 huishoudens, levert uitgaande van hun cijfers die veel te ruim gesteld zijn niet meer dan 0,4% van ons totale finale energiegebruik per jaar en voor dit windpark was 3,5 miljard subsidie gereserveerd.
    We hebben in Nederland nu 7,7 miljoen gezinnen. Het totale primaire energiegebruik is 3040PJ Het totale finale energiegebruik kwam volgens CBS uit op 2119PJ.
    Het stroomgebruik is 21% van het totale finale energiegebruik en alle huishoudens samen gebruiken ongeveer 20% van het totale stroomgebruik. Daarmee kom je dan op 0.4% De praktijk is dat wind op zee gemiddeld een stuk minder levert. uitgaande van de cijfers van de bouwers zit je tegen de 50% van het opgestelde vermogen aan.
    Dat is niet realistisch.
    Wind en zon gaan na invoering van deze onzalige plannen ongeveer 5% van het totale finale stroomgebruik leveren en dan moeten de verliezen er nog van af. Ook wordt vaak vergeten dat voor de opname va die piekstromen ook het netwerk nog eens sterk verzwaard moet worden. Daar wordt ook nog eens 20 miljard voor gerekend.
    Tot zover mijn reactie uit het hoofd hier en daar zal de tekst niet lopen en kun je nog eens nauwkeuriger gaan rekenen, maar het lucht wel op om deze onzin zo op een rijtje te zetten.

  9. Fred Udo 2 juni 2018 om 15:45 - Antwoorden

    Antwoorden F.U

    Bedankt Marc voor het ter zake doende commentaar.

    Wat zijn de effecten van vraagsturing op curtailment?
    De vraagsturing op particulier niveau is verwaarloosbaar, omdat het kleinverbruik maar een klein gedeelte van de totale vraag is.
    De industrie doet al wat mogelijk is, omdat piekstroom duur is.

    b. De EV’s in 2030.
    Dit zal ook een effect hebben op de inpasverliezen, maar de grootte is afhankelijk van het succes van elektrificatie van het vervoer. Het artikel gaat uit van een constant stroomverbruik, net als de extrapolatie met 20 GW wind.
    De actie van het gas af zal het stroomverbruik sterk vergroten, dus zullen er gascentrales bijgebouwd dienen te worden. De schaal van het probleem verandert, het probleem blijft hetzelfde.

    C. De prijs van wind op zee.
    De prijs voor wind op zee is de gemiddelde prijs betaald in 2016. Het vergroten van molens is in feite het verhogen van de molens om te profiteren van meer wind op grotere hoogte. De prijs per vierkante meter wieloppervlak daalt niet.

    D. De opbrengst van 2,5 cent/kWh voor windstroom
    Waarschijnlijk is de prijs te hoog, omdat overal in West Europa een enorm areaal van overtollig windvermogen wordt opgebouwd. De termijncontracten voor levering over 3 jaar vertonen nog steeds een dalende trend.

    E. De periode voor 2030
    Bij minder inpasverliezen is de terugverdientijd natuurlijk lager. Voordat wij onszelf rijk rekenen met een terugverdientijd van 10% lager, moet er wel eerst een correctie op de 36 jaar gedaan worden door financieringskosten, productieverlies van 1,6% per jaar, onderhoudskosten, verzekering en ondernemerswinst op te tellen bij de aanschafkosten van 1,4 miljoen euro per MW.
    Deze kosten vergroten de terugverdientijd met minstens een factor 2 tot 75 jaar.

    F. Sluiten van kolencentrales
    Dit effect zal niet groot zijn. De reden is, dat de efficiënte Combined Cycle Gas Turbines ook niet graag afgeschakeld worden. De levensduur van die apparaten wordt gemeten in het aantal koude starts, niet in het aantal bedrijfsuren. Hierover bestaat een publicatie van TU Delft geschreven in opdracht van EZ.

    G. De curve geeft 6% waar het Duitse getal is 4,4%. De getrokken curve is een kwadratische fit, die de snelheid van toename bij groter aandeel goed weergeeft, maar beneden de 20% iets te hoog uitkomt. Gezien dit feit vind ik de verschillen niet groot.

    H. De CO2 beprijzing is ideologisch bepaald, dus heeft geen plaats in deze berekening.
    Toch is er iets van te zeggen.
    De CO2 besparing van windstroom is veel kleiner dan wordt aangegeven door de hoeveelheid geproduceerde stroom. Dit wordt in de berekening meegenomen in de post onbalansvergoeding.
    In 2010 heb ik in een webinar voor de Groene Rekenkamer daar de volgende uitspraak over gedaan:
    Het inboeken van CO2 besparing door de geproduceerde windstroom te vermenigvuldigen met de specifieke CO2 uitstoot van klassieke centrales is grootschalige fraude.

    G. is het niet wat kort door de bocht om een kostprijs zonder onzekerheidsmarges te geven gezien het aantal parameters dat invloed op die kostprijs heeft terwijl veel van de parameters aannames zijn?
    Inderdaad.

    • Marc 2 juni 2018 om 15:54 - Antwoorden

      Dank voor de beantwoording!

  10. Jan 2 juni 2018 om 16:01 - Antwoorden

    Over afbreken van windturbines gesproken. De klont beton t.b.v. het fundament dient ook weer verwijderd te worden. Daar is men sinds kort in Duitsland achter. Het Duitse windaandeel gaat zakken, daar de subsidie van vele turbines komende jaren afloopt. De turbines zijn dan niet meer rendabel te exploiteren en zullen stilgezet worden. Dit wordt ook nog een groot theater. Regeren is vooruitzien geldt tegenwoordig blijkbaar niet meer. Veel helpen zal onze grootste politieke partij niet met leden als Nijpels en Wiebes.

  11. Scheffer 2 juni 2018 om 16:45 - Antwoorden

    Dergelijke controversiële gang van de “wetenschap”, hand in hand met een politieke ideologie, is niet ongewoon in een “Industrieel-complex”, Hugo!

    Vanochtend was op de Max-Nieuws-Weekend een onderwerp over “Deep State”, de invloed van het Militair Industrieel complex in de USA (en in de wereld). Het is het verdienmodel van investeerders die diep in de staat en politiek kunnen ingrijpen, de democratie misleidend en ontwijkend.

    https://www.nporadio1.nl/nieuwsweekend/onderwerpen/458119-het-grote-complot-van-de-deep-state

    Mijn stelling is, dat het internationale “groen-ideologisch” gepolitiseerde alarmistisch-academische-klimaat-industrieel-“duurzaam”-complex van een zelfde orde van grootte begint te worden, wereldwijd. Het is het verdienmodel van klimaat-investeerders die diep in de staat en politiek kunnen ingrijpen, de democratie misleidend en ontwijkend.

    We kunnen langzamerhand spreken van “Deep-Climate”

    • cathrien 3 juni 2018 om 00:00 - Antwoorden

      Precies. Deep State.

    • cathrien 3 juni 2018 om 19:44 - Antwoorden

      Wijffels zo beluisterend op advies van Middelkoop: die zit toch ook behoorlijk in de deugklimatitische hoek…….Ondanks zijn pensionering en dus vrijuit kunnende praten……

  12. Pieter 2 juni 2018 om 16:48 - Antwoorden

    Weer een prima artikel van Fred Udo. Mijn dank daarvoor.
    Helaas komt er ook boosheid bij mij naar boven. Udo’s kennis, hoe goed ook, is niet uniek en moet bekend zijn meerdere mensen, waaronder ongetwijfeld zg milieuwoordvoerders van politieke partijen. Dan wordt duidelijk wat voor een bedrog er gaande is. De burger wordt bewust voorgelogen en financieel gepakt en deze zg volksvertegenwoordigers laten het gewoon toe. Ja zij kijken reikhalzend uit naar een nog beter betaald baantje, zonder verantwoordelijkheid. En dat lukt doorgaans ook nog, dankzij het partijkartel en de EU. Hoog tijd voor een parlementaire enquete, alhoewel ook daar de daders de dans ontspringen, maar het wel openbaar wordt.

  13. Wim Theunisse 2 juni 2018 om 21:52 - Antwoorden

    Misschien moet het ” Plan Lievense ” nog eens worden doorgerekend omdat de afhankelijkheid van zonlicht en wind aanzienlijk minder is terwijl er wel stabiel turbine gebruik is hetgeen van wind en zon niet gezegd kan worden.
    Bovendien is er dan geen sprake van horizonvervuiling, geluidsoverlast of dode vogels en blijft het landbouwareaal intact.

  14. Frans Galjee 2 juni 2018 om 21:58 - Antwoorden

    Fred Udo,

    Net terug van vakantie lees ik je indrukwekkende berekening over het ‘nut’ van windenergie.
    De vraag is echter hoe deze berekening van windturbines te vergelijken is met de berekening van de windturbine bouwers die voor hun producten energetische terugverdientijden van soms minder dan een jaar aangeven.
    Gezien de door jou genoemde terugverdientijden van meerdere tientallen jaren is vergelijking van de blijkbaar verschillende rekenmethoden ( jouw methode en die van de turbinebouwer) nodig. En essentieel is dan nader in te gaan op punten die tot het grote verschil in uitkomst leiden.
    Wat is realistisch en wat is gestoeld op al dan niet bewust misleiding.
    Daarbij is het denk ik verstandig tevens een technische levensduur aan te geven (ook al in reacties van Peter van Toorn en Scheffer aangegeven) daar waar energetische levensduur zoals in jouw berekening enkele tientallen jaren bedraagt.
    Tevens is het mijn stellige indruk dat veel begrippen van belang in deze beschouwing vrij creatief worden gebruikt zeker daar waar er door niet exacte definities er vrijheid van interpretatie wordt geboden en ge/misbruikt. Zoals ik al vaker heb gemeld kunnen tegenwoordig zeker op dit terrein van ‘wetenschap’ er sommetjes worden gemaakt gericht op een vooraf verlangde uitkomst. Ik pleit voor een algemeen erkende en duidelijke rekenmethode maar vraag mij ook af wie daar op zit te wachten in deze tijd van paniekvoetbal door lieden die ook nog niet eens een bal goed kunnen raken.

    Los van uitkomst is windenergie alleen al op grond van afhankelijkheid van weer binnen huidige economie onbruikbaar zelfs al levert het veel werkgelegenheid (? Invloed) op.

    • Hetzler 3 juni 2018 om 10:14 - Antwoorden

      @Frans Lekker gefietst dus. Over jouw opmerking over werkgelegenheid nog even dit. We hebben het over gesubsidieerde banen. Er zijn diverse studies naar gedaan. Die wezen uit dat elke groene baan ongeveer 2 niet groene banen verdringt. Windpark Gemini schiet er boven uit met 100 banen (exploitatie) en € 300 mln. subsidie/jaar = 60 banen in de zorgsector.

      • Frans Galjee 3 juni 2018 om 15:09 - Antwoorden

        Ja Jeroen maar ik ben blij weer even thuis te zijn en de bank zit toch echt beter dan een zadel. Mijn opmerking over werkgelegenheid banen in laat ik het breed nemen de groeie sector kunnen als het product een wanproduct is nauwelijks een positieve bijdrage leveren aan de economische groei. Kortom weggegooid geld en arbeid dat beter had kunnen worden besteed.
        Mvg,

    • Ronald 3 juni 2018 om 15:38 - Antwoorden

      Een zeer terecht punt Frans. Het verhaal van Fred Udo is pas krachtig als hij duidelijk de verschillen tussen zijn berekening en die van bijvoorbeeld RVO over het voetlicht kan brengen
      https://www.rvo.nl/sites/default/files/2016/05/140220-01%20RVO_Windmolens%20voor%20de%20industrie_04.pdf

      RVO komt tot terugverdientijden in de orde 7-10 jaar, inderdaad met inachtneming van subsidie. Maar is subsidie het enige verschil met de berekening van Fred?

      • Frans Galjee 3 juni 2018 om 20:22 - Antwoorden

        Ronald de link uit 2013 bekeken en heeft mijn vermoeden versterkt dat windturbines slechts met subsidie een redelijk terugverdientijd hebben maar vooral voor de beeldvorming van belang worden geacht. Er worden genoeg risico’s genoemd maar weinig voordelen. Eigenlijk maar een en een tamelijk vage:

        “ Waarom doen?
        Met één (grote) windturbine produceert u een flinke hoeveelheid groene stroom. Een windturbine (met het bedrijfslogo) kan tevens een zichtbare duurzame uitstraling geven.”

        Het is dus een propaganda verhaal voor de ondernemende nitwits van het type dat op schoolreisje gaat met juffertje Notenboom.

        • Frans Galjee 3 juni 2018 om 20:30 - Antwoorden

          2013 moet zijn 2016

        • Ronald 4 juni 2018 om 08:24 - Antwoorden

          Ook Fred Udo houdt van sommetjes. Op dit moment circuleren er vele sommetjes, maar allen met heel andere uitkomsten. Iedere maker van zijn eigen sommetje is overtuigd dan zijn sommetje correct is. Maar dat kan dus niet. Dus wat hebben we dan aan het sommetje van Fred Udo?

          Veel overtuigender zou zijn het sommetje van de ander te weerleggen en de fouten daarin te vervangen door het eigen sommetje. Dat maakt de discrepanties duidelijk.

          Nu is het toch meer van: hier is mijn sommetje en zoek verder maar uit wat je ermee doet. Dat maakt Fred’s verhaal allesbehalve sterk. Vrij zwak eigenlijk.

          • Boels 4 juni 2018 om 08:43

            @Ronald 4 juni 2018 om 08:24

            Bij de Algemene Rekenkamer houden ze van sommetjes.
            Volgens mij dè instantie die met iets zou moeten komen.

          • Chemical 4 juni 2018 om 20:58

            Ronald,
            Geen sterk verhaal? Op grond waarvan? Misschien omdat het resultaat niet in je straatje past? Fred Udo heeft een heel duidelijk en overzichtelijk artikel geschreven: hij geeft duidelijk aan wat het het doel was (afschatten van het financiële rendement van windmolens), hij beschrijft heel duidelijk de methoden die hij gebruikt, de berekeningen die hij maakt, de aannames die hij doet en de bronnen waarop hij zich baseert. Hij geeft de lezer dus alle informatie die nodig is om zijn verhaal te controleren. Met de hier gebruikte methodiek komt hij op een terugverdientijd die aanmerkelijk langer is dan de opgave van de windmolenindustrie. Waardoor dit enorme verschil wordt veroorzaakt is een heel ander verhaal en was niet het doel van deze studie. Met de studie van Udo in de hand moet het voor jou een fluitje van een cent om uit te zoeken waar dit verschil dan wel in zit en daar een verhaal over te schrijven. Gaan wij het hier wel reviewen.

          • Ronald 4 juni 2018 om 21:38

            Chemical, ik heb het al uitgelegd, maar nogmaals dan.
            Een verhaal is pas goed als het compleet is. En dat is het verhaal van Fred Udo niet. Een compleet verhaal legt netjes de verschillen uit met berekeningen van officïele instanties. Al helemaal als de uitkomst controversieel is, namelijk meer dan een factor 5 langere terugverdientijd.

          • Chemical 5 juni 2018 om 09:08

            Ronald,
            Udo geeft netjes aan wat het doel is van zijn artikel, wat zijn aanpak is en hoe hij zijn rekensommetjes maakt. Je hebt daar blijkbaar geen fouten in kunnen vinden, dus gooi je het nu over de boeg dat het niet “compleet” zou zijn, en ‘dus” “niet sterk ” is, daarmee impliciet suggererend dat je de conclusies niet serieus hoeft te nemen. Onzin, zijn verhaal over de terugverdientijd van windmolens staat los van de verkooppraatjes waarmee de windmolenaars hun spullen aanprijzen. Nogmaals, geef aan wat er niet klopt in zijn redenering, of beter nog, schrijf zelf een “compleet” “goed” vervolgartikel.

          • Marc 5 juni 2018 om 10:11

            @Chemical, het verhaal van Fred Udo is interessant maar niet meer dan een vertrekpunt. Ik heb daar een aantal kritische vragen over gesteld die toezagen op maatregelen om curtailment te beperken. Zonder zaken als opslag in de vorm van bijv. V2G mee te nemen, een betere kostenanalyse met inachtname van nieuwe ontwikkelingen zoals de 12 MW windmolens, zonder een betere onderbouwing naar de energieprijzen in 2030 is het hele terugverdienplaatje betekenisloos. De uitspraak dat windmolens per MW niet goedkoper zijn geworden geloof ik niet. Ondanks dat erkende Fred Udo dat curtailment beperkt kan worden. De vlieger van Fred inzake de mate van curtailment gaat dus alleen maar op als we helemaal geen additionele maatregelen nemen om curtailment te beperken en dat is geen scenario omdat er bijvoorbeeld al V2G proeven zijn. Daarnaast wordt steeds duidelijker dat de EV kans van slagen heeft met als gevolg dat de impact van V2G groter wordt.

            Daarmee zeg ik niet dat windmolens zichzelf wel terug zouden verdienen. De politiek heeft nou eenmaal het doel gesteld om CO2 uitstoot te beperken en daar hangt een prijskaartje aan. Daarmee gaat de vergelijking met fossiele stroomprijzen in zoverre mank omdat het geen doel op zich is om hernieuwbare energie net zo goedkoop te maken als fossiele energie.

          • Ronald 5 juni 2018 om 17:37

            chemical,
            Een belangrijke component in Fred’s berekeningen is ‘curtailment’. Zijn figuur uit zijn eigen ref [3] is gebaseerd op het Ierse stroomnet van 2011.

            Om te beginnen zou Udo moeten aangeven hoe representatief de Ierse situatie is voor Europa en de rest van de wereld. Bijvoorbeeld door te verwijzen naar https://www.sciencedirect.com/science/article/pii/S1364032116303161. Dit artikel is vrij recent en peer reviewed en maakt bijvoorbeeld voor China melding van een curtailment van 10-17%. Een factor 2-3 minder dan nu gebruikt in Fred’s berekeningen. Voor Duitsland wordt gemeld: “Thus, the curtailment ratio of wind energy in 2012 was 0.71%”. Dat is meer dan een factor 40 minder dan in Fred’s berekening.

            En jawel, ook Ierland wordt genoemd in paragraaf 2.5. Ierland blijkt nogal een geval apart te zijn, lees het maar eens rustig door. Dus terug naar mijn eerste punt. Hoe representatief zijn de 2011 curtailment getallen van Ierland voor de rest van de wereld in 2018 en toekomstige jaren?? En dus, hoe representatief is het sommetje van Fred?

            Het paper concludeert: “In the countries examined in this paper, curtailment levels have often been 1–3% of wind generation or less, but vary considerably by region.” Dat is een factor 10-30 minder dan in Fred’s berekeningen. Het lijkt er dus sterk op dat Fred een voorkeur heeft voor ‘worst case’ scenarios. Niet onbelangrijk natuurlijk, maar zeker niet representatief. Daar had Fred best even op in mogen gaan, vind ik. Literatuur bijhouden is ook onderdeel van expertise. Blijven hangen in oude (en tevens niet-representatieve) sommen van 2011, in een sector waar ontwikkelingen snel gaan, vind ik niet sterk.

            Tot slot. De wereld staat niet stil en ontwikkelingen zijn gaande. Een analyse voor de te verwachten curtailment voor de komende decennia had het verhaal completer gemaakt en een meer realistische schatting opgeleverd voor toekomstige terugverdientijden. En dat willen we weten, toch?

          • willy 5 juni 2018 om 20:08

            Ronald,
            Ierland is een eiland die overtollige energie moeilijk kwijt kan, dus inderdaad worse case maar wel enigszins representief voor de toekomst van Europa (indien het aandeel van windenergie blijft groeien).
            Duitsland verkoopt overtollige energie liever aan negatieve prijzen (terwijl dat nog gaat) dan curtailment toe te passen.
            De enige oplossing om curtailment te verminderen zijn energieopslag en gasfabrieken. Maar die hebben een flink prijskaartje die men natuurlijk moet optellen bij de oorspronkelijke kostprijs van windenergie. Het zou dus best eens kunnen dat curtailment grotendeels onvermijdbaar wordt.

            Dus Fred Udo zal er denk ik niet zo ver naast zitten met zijn berekeningen.

          • Ronald 5 juni 2018 om 21:05

            Willy,
            Misschien, misschien, mischien of zoals jij het verwoordt:
            “wel enigszins representief voor de toekomst van Europa”. Glazen bol? In ieder geval pessimistisch, maar ook realistisch? Kijk dat soort punten had ik nu graag gezien van Fred Udo, maar het mist volledig in zijn analyse. Niet compleet dus.
            “Het zou dus best eens kunnen”. Kan, of, …. kan niet. Wie zal het zeggen?
            “zal er denk ik niet zo ver naast zitten”. Waarom heeft Fred Udo geen gebruik gemaakt van actuele getallen en recente peer-reviewed literatuur, zoals ik hierboven aangaf? Literatuur dat hele andere getallen toont?

            Sorry, maar ik vind je onderbouwing erg mager, in ieder geval niet kwantitatief. En dat is toch echt wel nodig. Als beleidsmaker zou ik er niets aan hebben.

          • willy 5 juni 2018 om 21:37

            Ronald,
            Een glazen bol heb ik niet nodig om nu al te weten dat energie niet zichzelf zal opslaan. Begin dus maar alvast te denken aan een Plan Lievense of iets dergelijks indien u curtailment wilt vermijden. Dat is wat uw beleidsmaker zou moeten weten.

          • Ronald 5 juni 2018 om 22:12

            Heel goed Willy. Er worden pogingen ondernomen om de krachten te bundelen teneinde in gesprek te komen met media/politici/beleidsmakers/… Curtailment lijkt me een nuttig onderwerp daarin.

          • Ronald 6 juni 2018 om 18:01

            En chemical, tevreden met het antwoord?

  15. willy 2 juni 2018 om 22:12 - Antwoorden

    bedankt Mr Udo. Ik ga minder reageren op deze site zodat er meer plaats vrijkomt voor bijdragen zoals de uwe.

  16. nikos 3 juni 2018 om 12:02 - Antwoorden

    Typisch dat de huistrollen, Henk (ik kwam toevallig op deze site) dJ en J. van der Heijden, zich niet laten zien als de werkelijk cijfers over windmolens voorbij komen, net zoals ze immer zwijgen als het over biomassa gaat.
    Helaas lopen er nog te veel van dit soort hypocriete deugertjes rond om tot een werkelijke oplossing te komen.

  17. André Bijkerk 3 juni 2018 om 13:31 - Antwoorden

    Over levensduur van windmolens hebben we hier eerder van gedachten gewisseld en wat sommetjes gemaakt over de Deense wentelwouden. We kwamen op 17,2 jaar.

    climategate.nl/2016/01/levensduur-windmolens/

    Ik zie dat de database eindelijk is bijgewerkt naar april 2018. (google: anlaegprodtilnettet.xls) Zodra ik weer wat tijd heb, wil ik daar wel eens weer naar kijken.

    • Frans Galjee 3 juni 2018 om 15:19 - Antwoorden

      Dank Andre voor je verwijzing. Tot mijn schande dit gemist maar haal dit nu in. Ben benieuwd of update van data nog enige verandering laat zien. Overigens maakt het ook niet zoveel uit omdat windenergie voor inzet in een stabiele economie geen goede oplossing is ook niet als deze straks 100 jaar meegaan.

  18. Werff 3 juni 2018 om 23:49 - Antwoorden

    Al regelmatig lezen we over stroomstoringen, maar het wachten is op een serieuze black-out . Hoe groot de economische schade in dat geval zal zijn valt moeilijk in te schatten, maar dat het van gigantische proporties zal zijn staat wel vast. En dit alles met dank aan de inzet van inferieure z.g. hernieuwbare energie zoals wind en zon. Wat betekent dit voor de werkelijke kostprijs?

  19. Paul Uitenbroek 5 juni 2018 om 13:53 - Antwoorden

    Mischien zie ik ze vliegen, maar met deze windenergietechnologie zou het kostenplaatje er volgens mij heel anders uitzien:

    https://www.ampyxpower.com/short-film
    https://www.ampyxpower.com/wp/wp-content/uploads/2017/07/AMPHoogteanimatie02.gif
    https://www.ampyxpower.com/

    Zeker in combinatie met energieopslag.via SNG

  20. Gerrit Blom 6 juni 2018 om 15:58 - Antwoorden

    Bij de berekening is met een aantal zaken geen rekening gehouden.

    In het artikel van Fred Udo wordt gesproken over 30% niet-inpasbare windenergie. Dat geldt voor de huidige situatie. Als ik me even tot de elektriciteitsproductie beperkt, dan zal de toekomstige situatie met de realisatie van de energietransitie zijn, dat het overschot aan wind- en zonne-energie wordt opgeslagen. Als (voor de leveringszekerheid) noodzakelijke aanvulling op het weergestuurde vermogen kan met die opgeslagen energie het vraaggestuurde vermogen worden opgewekt. Dat gebeurt nu nog grotendeels met fossiele brandstoffen, maar daarvoor is in de aanloop naar de transitie een steeds kleinere en daarna helemaal geen rol meer weggelegd. Met de realisatie van de transitie zal er dus geen of in ieder geval nauwelijks nog sprake zijn van niet-inpasbare windenergie.

    In het artikel wordt ook geen rekening gehouden met de kosten voor compensatie van de nadelige effecten die zijn en worden veroorzaakt door het gebruik van fossiele brandstoffen. Ik geef toe, die kosten zijn moeilijk in te schatten. Klimaat- sceptici zullen tot een ander resultaat komen dan klimaatalarmisten.

    Waar ook geen aandacht aan besteed is, is de mogelijke ontwikkeling van de fossiele brandstofprijzen in een markt die de komende decennia steeds krapper wordt. Die zullen daardoor ongetwijfeld stijgen, waardoor het inpassen van alternatieve energiebronnen, zoals windturbines en zonnepanelen, financieel alleen maar gunstiger wordt. De mate van stijging van de fossiele brandstofprijzen is afhankelijk van een complex van factoren, onder meer ook van de snelheid waarmee de energietransitie wordt gerealiseerd.

    • Ronald 6 juni 2018 om 18:06 - Antwoorden

      Gerrit, die 30% niet inpasbare windenergie is sowieso een heel slechte aanname, zie mijn opmerkingen daarover hieronder. Alles bij elkaar zou het sommetje van Fred Udo een peer-review niet doorstaan. ‘Major revision’ op z’n best.

Geef een reactie

Solve : *
18 × 17 =


Conform ons Privacybeleid maken wij gebruik van Cookies om onze website beter te laten werken. OK